The Real Riding Simulator, niet The Real Driving Simulator, is de subtitel van de motorrace-game Tourist Trophy. Hiermee wil ontwikkelaar Polyphony Digital aangeven dat we te maken hebben met de Gran Turismo onder de motorrace-games. Ondanks de uitgebreide ervaring van deze gelouterde ontwikkelaar in het maken van racegames, is Tourist Trophy echter wel het eerste uitstapje naar de wereld van de tweewielers. Zou een uitstapje als dit even succesvol kunnen worden als Gran Turismo 4? Dat valt te betwijfelen. In deze review kun je in ieder geval wel lezen of Tourist Trophy een geslaagde expeditie is in de wereld van de tweewielers. Bij het opstarten van de game wordt meteen al duidelijk dat we te maken hebben met heel iets anders dan een gewone racesim. Het eerste wat namelijk moet worden ingesteld is de lengte van de coureur. Het voornemen om mijn digitale alter ego even lang te maken als ik, mislukt. Langer dan 1,90 meter is de virtuele coureur niet in te stellen en dus wordt twee centimeter van mijn lichaam opgeofferd. Aldus, 1.90 meter is het geworden. Later blijkt dat niet alleen de lengte van de coureur is in te stellen. In tegenstelling tot GT4, waar geen aandacht werd besteed aan de coureur, staat deze juist deze in het centrum van de belangstelling. Zo is er als eerste een enorme selectie aan kleding te verdienen. In de garage zijn alle kledingstukken uit te proberen en toont de coureur je graag de strak zittende lederen kleding. Veel van de bekende grote kledingmerken zijn aanwezig in de game.

Strak in het leren pak

Tourist Trophy is rechtstreeks gebouwd op de engine van zijn tegenhanger GT4. Niet alleen ziet de game er grotendeels hetzelfde uit, ook een groot deel van de circuits uit GT4 zijn in deze game aanwezig. Er is echter een nieuw circuit toegevoegd die de motorliefhebber specifiek moet aanspreken: het circuit van Valencia, waar onder andere een MotoGP race wordt gehouden. Ook zijn veel van de originele tracks aangepast aan de eisen van de motoren en hebben andere tracks een grafische update gekregen. Het gevolg is dat we niet te maken hebben met een aantal tweederangs circuits waarop met een motor niet te rijden is. Er is duidelijk moeite gestoken om de banen geschikt te maken voor de tweewielers. Wel is jammer dat de meeste circuits voor een Gran Turismo-kenner niet veel nieuws meer brengen qua layout en omgeving. Ook is jammer dat het Circuit de la Sarthe (Le Mans) eruit is gehaald. De magistrale Nürburgring Nordschleife zit er nog wel gewoon in.   En nu we het toch over verschillen met GT4 hebben: het grootste verschil is de wijze waarop het rijgedrag van de motor kan worden ingesteld. Net als in GT4 is er een sectie waarin de onderdelen van de motor kunnen worden ingesteld. Ook is er een mogelijkheid om de motoren te upgraden. Deze opties zijn echter zeer beperkt. De grootste factor waarmee in deze game het rijgedrag van de motor kan worden ingesteld, is de houding van de coureur. De coureur staat ook hier dus weer centraal. Bijna alles is aan te passen: de houding van het hoofd, de hoek van de armen en benen, de mate waarin opzij wordt geleund en meer. Mensen die ervaren zijn in het instellen van auto's in racegames kunnen wederom van voren af aan beginnen met het uitvogelen van wat de verschillende instellingen voor effect hebben. Gelukkig is er voor de beginner ook te kiezen uit een aantal door de ontwikkelaar ingestelde houdingen die rekening houden met de algemene stijl van de speler en het karakter van het circuit. In Tourist Trophy is te kiezen uit meer dan 100 verschillende motoren. De nadruk ligt hierbij wel op de sportieve modellen. Ook zijn er een aantal wat oudere motoren te kiezen die een impact hebben gehad op de motorindustrie. Ietwat vreemd is de keuze voor de motoren van het zogenoemde scooter-model. Deze zijn niet bijster snel te noemen en nodigen niet uit tot een leuk ritje rond het circuit. Wel zijn deze motoren geschikt om te leren rijden. Er is in ieder geval voor elk wat wils. Door het detail van de motoren en de berijder zijn er maximaal maar vier motoren tegelijkertijd aanwezig tijdens een race. Inderdaad, erg weinig. Vier motoren voelt dan ook veel te summier aan wanneer na een paar ronden het hele startveld is verspreid over het circuit. Een ander aspect dat van deze “Riding Simulator” geen “Racing Simulator” maakt, is de slechte AI. Het was te verwachten na GT4, maar ook Tourist Trophy kampt met een gebrek aan AI. De tegenstanders rijden hun rondjes en kijken niet op of om naar wat je doet. Haal je iemand aan de binnenkant in, dan stuurt de tegenstander net zo hard in als wanneer je er niet zou zijn. Het gevolg hiervan is meestal een botsing. Racen is om een andere reden ook een groot woord te noemen. Als een race begint, starten de motoren niet vanaf de startgrid, maar al rijdend. Daarbij komt ook nog eens dat de tegenstanders een voorsprong hebben op de speler. Het doel is dus vooral een inhaalrace rijden in plaats van competitief racen.Als liefhebber van de GT-serie heb ik alle ins en outs leren kennen van de games. De voordelen, maar ook de nadelen van de games ontgaan niet aan het kritische oog. De kans bestaat natuurlijk dat dit in mijn geval resulteert in een overanalyse van een aantal aspecten. Toch is er een aspect waar net wat dieper op moet worden ingegaan om de fouten aan te tonen. Een casual gamer zal deze fouten misschien niet eens opmerken, maar een motorliefhebber wel. Het gaat in dit geval om de physics van de motoren. Eerst wat nadere uitleg. In de moeilijkste controller-optie, de Pro Mode, wordt berijden van de motor tot een echte uitdaging gemaakt. In deze optie zijn voor- en achterrem onafhankelijk te gebruiken en kan de houding van de coureur handmatig worden veranderd. Dit resulteert in een moeilijk te hanteren motor, waarbij zeker rekening moet worden gehouden met drie variabelen tegelijk. De moeite die moet worden gedaan vergroot het realisme en geeft het gevoel op een motor te rijden.

De physics zijn echter niet perfect en een aantal aspecten hiervan doen na wat gewenning aan de moeilijkheid toch af aan de situatie. Zo is de motor zeer vergevingsgezind wanneer het gaat om het laten slippen van het achterwiel. Een zogenaamde ‘high sider’ is al helemaal niet aan de orde. Dit is wanneer het achterwiel van een motor slipt en plotseling weer grip krijgt. Met als gevolg dat de coureur wordt afgeworpen. Deze soms wat stijve physics worden overigens ook duidelijk wanneer de motor over gras of door de grindbak rijdt. Terwijl je naarstig probeert de motor overeind te houden, beweegt deze zich op een wat vage manier heen en weer. Ook dit is het bewijs dat de engine die bedoeld is voor voertuigen op vier wielen, niet geraffineerd genoeg is om motoren altijd overtuigend weer te geven. Het gevoel van snelheid is in Tourist Trophy echter wel goed uitgewerkt en ondanks de beperkingen van de physics engine, is het een ware ervaring om vol uit te gaan. Waar de auto's in GT4 geen cockpit view hadden, hebben de meer dan 100 motoren in Tourist Trophy dit wel. Zelfs de snelheidsmeter beweegt zich real-time heen en weer. Het gevoel van snelheid wordt overigens nog eens versterkt door het bulderen van de wind naarmate je harder gaat. Het geluid van de motoren wordt eveneens zeer goed weergegeven en klinkt in dit cockpit camerastandpunt alleen maar luider. De combinatie van al deze effecten maakt het rijden van de verschillende performance motoren een waar genot. Aan opties en speelmodes heeft Tourist Trophy geen gebrek. De Licence Test (nu een keertje wel handig) is weer aanwezig, evenals de Timetrial en de Photo Mode. Deze laatste is overigens een beetje uitgebouwd. Ditmaal wordt er na een race door het spel een selectie gemaakt uit de hoogtepunten. Deze shots zijn direct als foto over te zetten naar memorycard of USB stick. Dit scheelt veel gezoek in de replay naar dat ene prachtige schot. Als dit echter je ding is, is het nog steeds mogelijk je eigen foto's te maken. Een Arcade Mode is ook weer aanwezig. Hierin is zonder enige poespas een motor en circuit te kiezen om op te racen. De mogelijkheid om voertuigen en andere dingen te kopen, is overigens verdwenen. Zowel de outfits als de motoren zijn alleen te verdienen door te racen, de Licence tests te doen of door in de Challenge Mode te rijden. In deze laatste optie moeten opdrachten worden voltooid, vaak zonder dat het nodig is de finish te passeren.

Het geluid van Tourist Trophy is, zoals al eerder aangegeven, uitstekend te noemen. De motorgeluiden hebben soms een beetje een kunstmatige bijklank, maar dit is vaak het geval bij alleen het intrappen van het gas, wanneer de motorfiets stil staat. Vol gas klinken de motoren in combinatie met het geluid van de wind machtig indrukwekkend. Grafisch is er ook maar weinig aan te merken op de game. Natuurlijk zijn er maar vier motoren tegelijkertijd op de baan te vinden, maar het detail waarmee de motor en de berijder worden weergegeven is prachtig. Het vermelden waard zijn bovendien de animaties van de coureur. Elke handeling, zoals schakelen, remmen en gas geven, wordt weergegeven door de coureur. Uiteindelijk zit ik met een dilemma. Aan de ene kant voelt Tourist Trophy niet aan als een echte game. Het racen is niet echt racen te noemen door de AI en de vreemde opzet van de races. Maximaal vier motoren in een race helpt ook niet mee. Toch is de rijervaring er eentje die elke keer weer blijft boeien. Het blijft gewoon mooi om vanachter het windschermpje het gas open te trekken en met 200km/u een bocht door te jagen. En ondanks dat de meeste circuits oud zijn, moet met een motor wederom geleerd worden de goede lijn te rijden. Dit geeft toch weer een nieuwe impuls aan het rijden. Tel daar de originele manier van het customizen van de coureur bij op en je hebt toch genoeg om je lange tijd bezig te houden. De nadelen zijn niet makkelijk weg te cijferen, maar uiteindelijk blijven er genoeg goede aspecten over om van Tourist Trophy een behoorlijke game te maken.