Voor het eerst in weken zitten wij weer urenlang achter elkaar aan een console gekluisterd. Waarom? Het is, zoals we aangaven in onze eerdere preview, moeilijk uit leggen waarom Titanfall zo leuk is. Het heeft van doen met een bepaald gevoel dat je krijgt als je kills maakt of door het level navigeert. Een gevoel dat enkel toebehoort aan de titanen der shooters. Een gevoel dat iedere shooterspeler zal herkennen.

Titanfalls diepgang is prima te vergelijken met de beste consoleshooters van de afgelopen generaties, maar één ding doet het veel beter: waar games als Halo en Rainbow Six: Vegas vrij hoge instapdrempels kennen, hoef je in Titanfall alleen bekend te zijn met de One-controller om te kunnen spelen. De brede glimlach volgt vanzelf.

Het is bijna als magie

Toch wagen we een poging het gevoel te verklaren. Titanfall laat zich voor een consolegame besturen als een droom. De A-knop is in principe je beste vriend, want de knop is een handig portaal naar een hele trits aan toffe moves. Zo kun je er als Pilot mee springen, double jumpen en mee tegen muren aan lopen, al wordt het pas écht leuk als je die simpele bewegingen combineert. Het toffe aan die souplesse die je als voetsoldaat hebt, is dat de maps op die bewegingsvrijheid afgesteld zijn. Het is mogelijk gehele segmenten van een level te doorlopen zonder de grond te raken.

Voeg je Titans, unieke vaardigheden, personage- en wapenupgrades en andere Pilots aan die bewegingsvrijheid toe, dan wordt Titanfall een vloeiende speeltuin waar shooterfanaten voorheen enkel van konden dromen. Dat klinkt zweverig, maar laat ons dat illustreren aan de hand van een voorbeeld. Stel je ziet een Titan rennen aan de andere kant van het level, ongeveer 500 meter van jou verwijderd. Wat doe je dan? In de meeste shooters zou je de Titan negeren, want de mech is zowel te sterk als te ver weg. Zo niet in Titanfall.

In Titanfall zet je je Stim-skill aan, waardoor je ongeveer vier seconden lang enorm snel kunt rennen. Je zet je af tegen een huis, hopt tegen de muur van een aangrenzend huis, springt van het dak, grijpt middenin de lucht een zipline vast, roetsjt naar beneden, doublejumpt richting een ander dak en zet je nog één keer af om vervolgens te landen op de rug van de Titan, die je met twee magazijnen (en een beetje geluk) uitschakelt door zijn mainframe te grazen te nemen. Vijfhonderd effectieve meters; in Titanfall overbrug je ze niet enkel in stijl én in minder dan tien seconden, je doet dat alles ook nog eens met het allergrootste gemak. Op die momenten voelt Respawns geesteskindje bijna als magie.

Wél diepgang

Je denkt misschien dat dergelijke momenten schaars zijn, maar het tegendeel is waar. Wie de volle potentie benut van de bewegingsvrijheid die Titanfall toelaat, kan bij het hanteren van een offensieve speelstijl ontzettend dominant zijn. En wel met dusdanig veel stijl dat zelfs Neo uit The Matrix zijn onzichtbare petje voor hem of haar zou afnemen. Toch is zo’n plan van aanpak geen vereiste om het onderste uit de gameplay-kan te halen, want in datzelfde vaatje schuilt nog een ander belangrijk charme van Titanfall: Respawn Entertainment gunt iedere speler zijn eigen tactiek.

Het kunnen inzetten van de Titans is daar een goed voorbeeld van. Toegegeven, we gebruikten ze meestal om mee door de map te denderen en op Jan en alleman te schieten. Wat overigens enorm effectief is, want de Titans zijn zelfs met de anti-Titan-geweren (waarvan iedere Pilot er standaard eentje heeft) erg moeilijk te verslaan. Maar rondbanjeren in de Titan is niet per se nodig, want je kunt de moordmachines instellen op de Auto-modus. De Titan blijft dan staan of achtervolgt je (afhankelijk van jouw voorkeur), waardoor jij op alle gemak je doelwitten kunt uitkiezen met een sniper of rond kunt lopen in een bepaald segment van de map. In bijvoorbeeld Capture the Flag creëert de Titan zo tal van tactische mogelijkheden.

Zo gaat Titanfall soms dieper dan de toegankelijke gameplay uitstraalt. Hoe beter je in de game wordt, des te sneller je ontdekt dat bepaalde (team)tactieken wel degelijk van invloed zijn op het spelverloop. Een voorbeeld: speel je met mensen met wie je kunt communiceren, dan kun je afspreken wanneer je samen gelijktijdig gebruikmaakt van de Titans. Zeker in Capture the Flag draait alles om die timing, want zo overloop je de tegenstander moeiteloos. Het is ook leuk je af en toe te mengen in de groepjes met AI-mannetjes (van wie je overigens zelden last hebt, omdat ze geen merkbare invloed hebben op het spelverloop). Als onderdeel van zo’n groepje kun je vervolgens uit het niets toeslaan, want de meeste spelers gunnen de rondwandelende Grunts en Spectres nauwelijks aandacht. Heerlijk!

Titanfail?

Titanfall teert dusdanig op zijn gameplay dat we van tevoren bang waren dat de content zou tegenvallen. Dat is niet het geval, maar we willen toch even zeuren. Hoewel er op de maps zowel in kwalitatief als kwantitatief opzicht weinig valt aan te merken, vinden we het jammer dat het aanbod aan modi met maar vijf varianten aan de karige kant is — zeker vergeleken met bijvoorbeeld Call of Duty 4 of latere delen in die serie.

De modus Last Titan Standing (waarin iedere speler maar één leven heeft en begint als Titan) vinden we bijvoorbeeld maar zo-zo, liever hadden we een variant gespeeld waarin we op kleine maps louter met en tegen Pilots konden spelen. Ook valt de Multiplayer Campaign tegen. Die modus blijkt niets meer dan een aaneenrijging van bekende spelmodi, waarin je tegen wil en dank uit de flow van de game wordt gehaald door niet-boeiende filmpjes en mededelingen over het niet-boeiende verhaal.

Verder is de minimap een chaos. Het is bij een eerste aanzicht moeilijk onderscheid maken tussen tegen- en medestander. Dat wordt versterkt doordat de namen van teamgenoten dezelfde kleur hebben als die van tegenstanders. Ook technisch is Titanfall nog niet helemaal dichtgetimmerd. De framerate van de game wil héél sporadisch inkakken en af en toe hadden we last van behoorlijke screen tearing.

Are you not entertained?

Hopelijk wekken we daarmee niet de indruk dat Titanfall gehinderd wordt door zijn mindere aspecten, want dat is allerminst het geval. Bovendien belooft Respawn Entertainment dat alle bovenstaande kritiekpunten worden verholpen in een patch (ook de mogelijkheid om custom games te maken wordt later toegevoegd). Dat geneest zelfs die minste pijntjes, maar geloof ons, Titanfall is sowieso zelden irritant of provocatief. Zelfs na twaalf uur spelen barstten we af en toe nog van het lachen uit, alsof we onze eerste speelsessie herbeleefden. Soms omdat we acrobatische stunts uithaalden die we nimmer kunnen herhalen, soms omdat we dusdanig tekeer gingen dat een zelfvoldane glimlach als vanzelf kwam. Titanfall zal voor veel mensen een shooter-droom blijken. Voor een schietspel dat in een overbevolkt genre geen radicale vernieuwingen doorvoert, is dat een ongekende prestatie.

Titanfall is gerecenseerd op de Xbox One