De grootneuzige Winterbottom, is gulzig van aard,
In zijn leven draait alles, maar dan ook alles om taart.

Door het onfortuinlijke lot, zijn de taarten verspreid,
P.B. wil ze terug, door te spelen met tijd.

“Oh weer zo'n kloon, van dat prachtige Braid”,
Denkt de cynische gamer, die niet beter weet.

Ook hier betreed je levels, door een portiek,
Met in elk van de levels, net een andere spelmechaniek.

Maar waar Braid vooral draaide, om terugspoelend gamen,
Creëert Winterbottom klonen, door zichzelf op te nemen.

De kloon sjort aan hendels, of dient als opstapje,
Helpt P.B. naar de taart, of neemt zelf een hapje.

Met een beperkt aantal klonen, zullen hersentjes kraken,
Waar zet ik ze in, om bij de taart te geraken?

Met tientallen klonen, wordt het soms wel een chaos,
Je ziet dan wel bomen, maar nergens een bos.

Later zijn de taarten, slechts tijdelijk te pakken,
Met zeer stipte planning, pak je alle gebakken.

In een volgende wereld, zijn je klonen gemeen,
Raak ze per ongeluk aan, en Winterbottom gaat heen.

En zo varieert de koude kont, met de heersende wetten,
Waardoor je in de bovenkamer, de knop om moet zetten.

Net als een oude film, is alles zwart-wit,
Met licht instabiel beeld, waar soms een frutseltje op zit.

Slechts de taarten, die hebben een kleurtje gekregen,
Waarbij de blauwe alleen, door een kloon worden verkregen.

De sfeer wordt versterkt, door opgewekte muziek,
Het houdt de boel luchtig, en lekker ludiek.

Tussen de levels, komen schermen voorbij,
Met daarop het verhaal, verteld met rijmelarij.

Dat verhaal is kort, zeg maar drie uur,
Maar valt niet in herhaling, en het spel is niet duur.

En losse uitdagingen, tegen de tijd of met zo min mogelijk klonen,
Zullen je daarna nog uren, met medailles belonen.