Tot voor kort associeerde ik een grid met een raster. Een raster zoals je dat kent uit je wiskundeschrift, bedoeld om getalletjes netjes onder elkaar uit te lijnen. Of het raster uit Excel, de spreadsheet die op latere leeftijd het schriftje zou vervangen. Maar sinds kort associeer ik grid, weliswaar gespeld in kapitalen, met snelheid. Met roekeloos beuken, met het opzoeken van je grenzen. Met één van de beste racegames ooit gemaakt. Dat men zo'n suf woord nieuw leven in heeft weten te blazen, zegt genoeg. GRID, voluit Race Driver GRID, vindt zijn oorsprong in de Race Driver-reeks die weer is ontsproten uit de TOCA Touring Car Championship-spellen. Net als bij Colin McRae DIRT heeft Codemasters  de gamereeks eens grondig onder handen genomen en het geheel naar een groter plan getrokken. Waar DIRT een vrijwel complete game rond allerlei soorten off-road autosporten is geworden, staan in GRID allerlei disciplines op asfalt centraal. Je racet niet alleen meer langs de ideale lijn over Europese parcoursen, je drift ook van steile Japanse berghellingen af, scheurt met een ronkende muscle car door Amerikaanse steden en beukt erop los in een meedogenloze Demolition Derby. Maar niet alleen de spelmodes zijn naar een breder plan getrokken, ook het racen zelf is grondig getuned. Het is duidelijk dat Codemasters in GRID het spelplezier voorop heeft gezet, boven het nastreven van ultiem realisme. De Race Driver-reeks balanceerde altijd al op de grens tussen realisme en arcade, maar was enerzijds te serieus voor arcadefanaten, anderzijds niet uitdagend genoeg voor de mensen die echt realistisch wilden racen. Bij GRID heeft men een duidelijker plan getrokken en 'het beste van beiden' met elkaar gecombineerd, al ligt het zwaartepunt wel op het arcadegedeelte. Arcade in GRID is de hoge intensiteit van de races, de aanmoediging om vooral niet lief te zijn tegen je tegenstanders, maar ze het liefst aan de kant te beuken en roekeloos af te snijden. Arcade is ook het hoge gevoel van snelheid en de redelijke snelheid waarmee je nog de bochten door kunt komen. Ook de spelopbouw leunt dichter bij de arcaderacers, dan bij de realistische racesims. Geen ellenlange races van tientallen laps, maar doorgaans een rondje of drie. Geen toernooien van tientallen races, maar setjes van twee tot vier races die je achter elkaar moet doen. Hierdoor biedt GRID veel variatie, omdat je na elke paar races weer een ander onderdeel kunt doen. En een driftrace is bijvoorbeeld een heel andere ervaring dan de 24 uur van Le Mans, al zijn het in GRID – gelukkig – eerder de 24 minuten van Le Mans. Het simulatiegedeelte vinden we vooral terug in de besturing. Met alle rijhulp uitgeschakeld, kost het aardig wat oefening om de bochten heelhuids door te komen. Zeker als je nog enige snelheid wil behouden, moet je op zoek naar de ideale lijn, tijdig remmen en tijdig insturen. Het is zeker geen Forza, laat staan GTR, maar het ligt qua realisme wel een trapje hoger dan Project Gotham Racing of Need for Speed. Met alle racehulp aan is het juist een kunst om je wagen in een spin te krijgen en stuur je hem moeiteloos de bochten door. Ook ondervind je dan minder hinder in de besturing wanneer je wagen flink beschadigd is. De combinatie van het intense racen enerzijds en de toch wat realistischere besturing anderzijds, geeft GRID een unieke positie in de markt van de racegames. Het leent elementen van uitersten: het ene moment denk je aan Burnout en Destruction Derby, het andere moment zijn de overeenkomsten groter met Forza, dan weer met Project Gotham Racing. GRID heeft echter de mazzel dat het van al die racegames de goede dingen weet te lenen om die tot een unieke mix te combineren die vrijwel iedereen zal smaken. Veel racegames spreken een heel specifieke groep aan. GRID lijkt erin te slagen iedereen die ervan houdt een rondje te scheuren, aan te spreken.Een element waar men veel niet-racers mee over de streep zou kunnen halen, is de terugspeelfunctie. Niets is immers frustrerender in een racegame dan de laatste ronde je auto totalloss in de vangrail te parkeren, zeker als dat door toedoen is van een roekeloze concurrent. In GRID is dit niet meer frustrerend. Je start de terugspoelmodus, kiest een geschikt moment uit en met een druk op de knop wordt je geteleporteerd naar het verleden. Naar het moment net voor die cruciale stuurfout, voor die verkeerd ingeschatte bocht. Dit keer ga je eerder in de ankers, stuur je wel goed in en ga je als eerste over de finish. Niet alleen ontneemt deze flashback­-optie de nodige frustratie, het zorgt er ook voor dat je meer risico durft te nemen in de race. Je neemt de bochten sneller, duwt een tegenstander aan de kant met het risico in een spin te raken of je gokt erop bij te kunnen sturen via de zijkant van je voorligger. Een win-win situatie. En de flashback-optie maakt het niet eens zoveel makkelijker. Je hebt maar een beperkt aantal mogelijkheden om terug te spoelen, dus je dient er spaarzaam mee om te springen. Speel je in de 'Pro Mode' of op een hoge moeilijkheidsgraad, dan heb je aanzienlijk minder – of zelfs geen – terugspoelmogelijkheid meer. De carrièremode van GRID vormt de hoofdmoot van het spel en kent een zeer sterke opzet. Je beheert een racestal waarmee je deelneemt aan evenementen in Europa, de Verenigde Staten en Japan. Door evenementen te halen verdien je geld en reputatie. De hoeveelheid reputatie die je verdient hangt samen met de moeilijkheidsgraad en je positie in het eindklassement. De hoeveelheid geld hangt af van je sponsorcontracten en de beloning die staat op het behalen van een bepaalde podiumplaats. Met geld kun je nieuwe auto's aanschaffen en nieuwe teamgenoten in dienst nemen, reputatie is nodig om nieuwe evenementen vrij te spelen. Je hebt aan het begin direct de keus uit 18 evenementen, zodat er altijd wel iets tussen zit waar je op dat moment zin in hebt. Je hoeft gelukkig lang niet overal te winnen om progressie te maken, goud halen op ongeveer de helft van de evenementen is genoeg om in klasse omhoog te gaan. Ook wanneer je niet wint, haal je nog wel een beetje geld en reputatie in huis. Kom je desondanks nog niet verder, dan kun je contracten aannemen van andere teams. Veel reputatie verdien je daar niet mee, maar soms zitten er opdrachten tussen die verhoudingsgewijs enorm veel geld opleveren. Sommige evenementen vereisen namelijk dat je een bepaald type auto hebt, dus je moet wel genoeg geld hebben om er aan deel te kunnen nemen. Visueel is GRID een genot voor het oog. Zelden voelde een spel zo levendig, zo zonnig. Uit een donkere tunnel terug het zonlicht in rijden geeft een prachtig contrast en laat je echt voelen hoe fel de zon in GRID is. De felle kleuren spatten van je scherm zonder dat het te cartoony wordt. De auto's zijn behoorlijk gedetailleerd, wat nuttig is omdat je vooral in het begin bumper een bumper rijdt en alleen de achterlichten van je voorganger ziet. Ook het schademodel oogt realistisch, al is het niet mogelijk om je auto echt te verkreukelen. Wel kunnen vrijwel alle losse onderdelen eraf gereden worden. Het meest indrukwekkende is wel je dashboard. Niet alleen geeft dit een bijzonder realistische en intense kijk op de race, door de dynamische belichting komt het dashboard ook echt tot leven. Prachtig is ook hoe de coureur aan het steur trekt en schakelt. Het dashboardaanzicht is ook meteen een van de lastigste om mee te rijden, omdat je zicht op de baan behoorlijk wordt verminderd. Neem je de uitdaging aan om alleen met dit aanzicht te rijen, dan staan je wel extra punten te wachten. Ook qua geluid staat GRID zijn mannetje. Het geluid van de motor en het verkreukend blik klinkt overtuigend en de muziek en de ronkende motoren van je achterliggers, geven een opzwepend gevoel. Het is alleen jammer dat er continu iemand doorheen zit te lullen. Een goedbedoelende man houdt je namelijk op de hoogte van je positie in de race, van ongelukken op de baan of van coureurs die uit de bocht vliegen. Allemaal leuk en aardig, maar het vocabulaire van deze man is vrij beperkt. Steeds weer dezelfde zinnen begint op den duur te irriteren. Dit mede doordat je continu wordt aangesproken bij je, weliswaar zelfgekozen, nickname. Het idee is leuk: een spel dat de speler bij zijn eigen naam aanspreekt. Maar wanneer je naam niet tussen de tientallen Engelse namen zit, dan zit er niets anders op om voor een nickname te kiezen. Na een paar keer Chief of Dude te zijn genoemd, is de irritatiegrens bereikt. Ook je teamgenoot, die net als jij deelneemt aan races en geld voor je binnen haalt, kent een beperkt aantal oneliners. Gelukkig ruil je teamgenoten regelmatig in voor een beter exemplaar en elke teamgenoot heeft zijn eigen accentje en zinkeuze. Dat scheelt. Wat niet kan ontbreken bij een racegame, en dus ook niet bij GRID, is een multiplayermode. Je kunt GRID online spelen of via System Link, een splitscreenoptie is helaas niet voorzien. In multiplayer zijn alle races uit de singleplayer te spelen met maximaal elf andere mensen. De host kan aardig wat dingen aanpassen aan de race, zoals het aantal te rijden rondjes en of auto's beschadigd kunnen worden of niet. Wanneer het druk is online wil een race nog wel eens ontaarden in een beukfeest. Vooral de eerste bocht heelhuids doorkomen is tricky en de terugspoeloptie ontbreekt. Hierdoor zal misschien niet altijd de beste winnen, maar komt er ook een aardige dosis geluk bij kijken. Maar met enig tactisch vernuft kun je de grootste botsingen uit de weg gaan.