Misschien ligt het aan ons, maar we hebben het gevoel dat Max soms een beetje vergeten wordt door gamers. Misschien komt het door die eerste reeks screenshots die een vadsige, onwennige en bovenal kale Max toonde. Of wellicht heeft het te maken met de nieuwe ontwikkelaar, nu niet Remedy maar Rockstar Studios aan het roer staat. Hoe dan ook, mocht er inderdaad twijfel over de kwaliteit van dit derde deel bestaan, dan is die geheel misplaatst. Max Payne 3 is een must voor shooterspelers.

Het vergde echter gewenning voordat we dat helemaal doorhadden. We speelden dit deel op de Xbox 360, waar we de vorige twee delen op de PC beleefden. Dan valt meteen op dat de pookjes van een controller moeilijk op kunnen tegen de directe controle die je met muis en toetsenbord over je personage hebt. Om consolespelers toch eenzelfde vloeiende ervaring als op de PC te bieden, kennen de Xbox 360- en PlayStation 3-versies verscheidene besturingsmethodes. Allereerst kun je vrijwel alles op het front van draaien en rondkijken gevoeligheid naar smaak aanpassen (snelheid van het om je as draaien, mate van automatisch richten), maar daarnaast kun je ook nog voor een hard en soft lock-besturing kiezen, zodat je à la GTA IV op vijanden kunt ‘locken’.

Dergelijke opties zijn we niet gewend van een consoleshooter. Daarom speelden we de game grotendeels zonder auto-aim, maar dat viel ons vaak zwaar. Zeker toen we beschikten over bullet-time (het vertragen van de tijd) en verschillende vijanden ons onder vuur namen, werden we gauw geconfronteerd met de beperkingen van de controller. Het spelen met soft lock is even wennen, maar maakt het spel uiteindelijk wel een stuk gemakkelijker en is daarmee erg aanlokkelijk. Het is maar net waar je prioriteiten liggen dus, hoewel de bevrediging bij een welgemikte headshot zonder lock-besturing natuurlijk des te groter is.

Kind in een snoepwinkel

En headshots, die hebben we genoeg gemaakt. Max Payne 3 maakt van de schietfanaat een kind in een snoepwinkel. Teveel spellen verliezen tegenwoordig uit het oog dat simpelweg schieten de voornaamste charme van shooters is: het hoeft niet altijd te gaan om het boeken van vooruitgang of de zoveelste innovatie op het gebied van virtueel wapentuig. Het gaat om gevoel. Het gevoel dat je bijvoorbeeld krijgt wanneer je in slow motion door de lucht vliegt, drie mensen door het hoofd schiet, honderdtachtig graden zijwaarts draait, je twee revolvers herlaadt en op je buik neerkomt.

Het met uiterste finesse kunnen handelen en de merkbare controle die je hebt over het personage dat je bestuurt, zijn voor schietspellen van essentiële waarde. Max Payne 3 doet op dat front – en dit klinkt onwezenlijk, maar het is echt zo - vrijwel alles perfect. De actie in het spel verveelt simpelweg nooit en blijft gedurende de tien uur lange singleplayer continu van hoog niveau. Max Payne 3 overtreft zichzelf bovendien tijdens verscheidene geplande slow motion-scenario’s die de actie nog spectaculairder maken. Het in bullet-time omleggen van een tiental badguys met een Beretta in iedere hand terwijl je van een omvallende watertoren duikt bijvoorbeeld. Geweldig, maar Max Payne 3 zou ook zonder die segmenten de concurrentie op het gebied van actie alle hoeken van de kamer te laten zien. Ja, het is echt zo goed.

Ongekende animaties

Wat daar voor een heel groot gedeelte aan bijdraagt, zijn de animaties en physics. Hoe Rockstar Studios het gedaan heeft, begrijpen we met onze beperkte technische ontwikkelkennis nog steeds niet helemaal, maar we kunnen ons geen spel herinneren waarin zowel het hoofdpersonage als de mensen om hem heen zich zo natuurgetrouw voortbewegen. Als Max met één hand aan een haak hangt, bungelen zijn ledematen alsof hij zich ook daadwerkelijk met al zijn hebben en houden probeert vast te klampen. En als vijanden worden beschoten, grijpen ze ook echt naar de wond van de kogel die hen heeft geraakt. Zelfs het lopen van vijanden en Max oogt ongewoon realistisch.

Het maakt de actie des te indrukwekkender. Het is ook mooi om te zien dat Rockstar zich goed beseft dat het dergelijk spektakel is wat gamers verheugt. Wanneer je de laatste vijand in een gebied omlegt, wisselt het spel bijvoorbeeld naar een speciaal bullet time-effectje. Je volgt dan de kogel die het einde van je vijand inluidt. Je ziet de vernietigende impact en kunt daarna in slow motion de trekker over blijven halen tot er niets meer van een slachtoffer over is dan een trillende gatenkaas met kleine, individuele bloedfonteintjes.

Verhaal

In cinematisch opzicht is Max Payne 3 daarmee een van de beste shooters in lange tijd. Het is The Matrix, maar dan geloofwaardiger en met meer oog voor detail tijdens de actie. Toch zou je bijna vergeten dat Max Payne een serie is waarbij ook het verhalende aspect een centrale rol speelt. Max Payne 3 is meer actiegame dan de vorige delen. Die echt verhalende stukjes – zoals de horrorscenario’s uit deel één, in het huis van Max - zitten er nog wel in, maar je treft ze minder vaak dan in eerdere Max Payne-games.

Dat neemt niet weg dat het verhaal in Max Payne 3 uiterst verzorgd is en perfect binnen het universum en de persoonlijkheid van Max past. We verklappen niets (dat zou echt zonde zijn), maar de keuze van Max om naar Brazilië te gaan, zijn kale kop, zijn bierbuikje: alles valt op z’n plek en past binnen een groter geheel. Zelfs een onverwachte plottwist wordt niet geschuwd. Bovendien doe je die oude locatie, New York, later af en toe aan in flashbacks. De stad voelt droevig, donker en hopeloos als vanouds en is net als het kille, rommelige appartement van Max tekenend voor de situatie waarin hij verkeert.

De persoonlijkheid van de antiheld wordt aan de hand van ijzersterke monologen uitgediept. Payne heeft echt karakter, al zal hij dat zelf nooit willen toegeven. Het is door zijn rare levenshouding daarnaast onmogelijk jezelf met hem te identificeren, maar juist dat maakt hem een natuurlijke bad ass. Neem zijn overmatig drank- en drugsgebruik. Als Raul, een oude vriend van Max, hem wil overtuigen met hem te praten aan de bar, oogt Max zoals gewoonlijk stoïcijns. “Let me buy you a drink”, poogt Raul als laatste smeekbode. Nog diezelfde avond raakt Max helemaal van de kaart, waagt hij zich aan een dansje met een triviale vrouw en schiet hij de zoon van New Yorks grootste maffiabaas impulsief dood, middenin de kroeg. Het is volledig denkbaar binnen de bizarre maar fantastisch uitgediepte psyche en wereld van Payne.

Seriewaardig

Is er dan helemaal niets aan te merken op Max Payne 3? Nou, de multiplayer hebben we in een eerder stadium gespeeld, en is voor – en volgens – ons ook geen reden het spel aan te schaffen (lees er meer over in onze preview ). Dan is er nog een arcademodus, waarin je gewone singleplayerlevels speelt en je daarbij op punten (en net als in Max Payne één in de New York Minute-modi op tijd) wordt afgerekend, die de ware kogelkunstenaars nog wel even bezig houden. De actie van Max Payne 3 staat immers ook in die modi als een huis, hoewel deze speelstanden vooral goed tot zijn recht komen als je tegen vrienden speelt via het online klassement.

En dan zijn er nog wat kleine dingetjes die ons opvielen. Zo is het leveldesign vrij lineair en kun je soms gebieden nog niet in, terwijl je dat later opeens wel kunt. De ‘puzzels’ zijn daarbij erg simpel en variëren van het drukken op een knop tot het schieten op een slot. Ook is het principe achter painkillers niet helemaal meer van deze tijd: het blijft raar om midden in de jungle een doosje met pijnstillers te vinden. Het zijn zaken die echter enkel opvallen omdat de rest zo goed is en daarover vallen is de definitie van mierenneuken. Max Payne 3 levert schietactie en dramatiek zoals het bedoeld is, en is daarmee alles wat je van een heerlijke, complete shooter-ervaring verwacht.