De Flight Simulator serie van Microsoft is flight sim-geschiedenis. Vele jaren na de introductie van het eerste deel en vele iteraties later staat Microsofts' Flight Simulator-serie nog steeds aangeschreven als een van de meest realistische simulatoren op de PC. Echter, er was altijd een geluid wat uit de kelen van vele bureaustoel-piloten schalde: “waar zijn de guns?”. In 1998 gaf Microsoft eindelijk gehoor aan de smeekbede met de introductie van de ietwat fantasieloos genaamde Combat Flight Simulator. Een simulator die zich tijdens de Tweede Wereldoorlog afspeelde in Europa. Van een dynamisch slagveld was geen sprake, maar toch was het een groot succes. Twee jaar later, in 2000, verscheen het tweede deel dat zich volledig concentreerde op de oorlog in de Pacific. Middels een grappige comic-style interface kon men door het programma navigeren. Alles in dit tweede deel had een facelift gekregen, van de AI tot de grafische weergave. Het stond garant voor weer een succesnummer.

Ja, je begrijpt het al, een ieder die ook maar een klein beetje weet hoe Microsoft in elkaar zit begrijpt dat na twee succesnummers een derde deel in de Combat Flight Simulator-serie niet uit zou blijven. En dan is hierbij ook gelijk het geluid van “O, wat dapper van Microsoft om in de tijd van 'the Sims' en 'Gamecube Pokémon does the Swampcastle Fairies' een serieuze flight sim uit te brengen” in de kiem gesmoord. Met een dergelijke reputatie was dit gewoon een slimme zet.

Het derde deel in de Combat Flight Simulator serie speelt zich, net als het eerste deel, weer af tijdens de Tweede Wereldoorlog. Dit keer doet de serie Europa weer aan. Echter, de sim is wat later in de oorlog gesitueerd. De campaign start dan ook in 1943. Dit betekent dat de toestellen waarmee gevlogen kan worden van modernere makelij zijn dan in het eerste deel. Zelfs ronduit exotische exemplaren zoals de Me262 en de Go-229 zijn terug te vinden.

De interface

God dank heeft Microsoft de comics-interface van deel twee gedropt. De interface van CFS3 is een hele verbetering over de vorige delen. Het geheel speelt zich volledig “in-game” af. Op de achtergrond van de menu's draait de camera vrij rond langs vliegtuigen en piloten. Het deed me in eerste instantie denken aan de interface van Operation Flashpoint, waar eveneens een dergelijk bewegende camera op de achtergrond was toegepast. Het geheel doet erg net en overzichtelijk aan. “Gelikt” is hier mischien het juiste woord. Vanuit het hoofdmenu kan men kiezen voor “Quick Mission”, “Single Mission”, “Campaign” en “Multiplayer”. Quick Mission is precies wat men zou verwachten, kies het toestel, kies de locatie en vliegen maar. Single mission stelt de speler in staat een enkele missie te vliegen. Deze missies vallen uiteen in de categorieen Historical, What if, en Training. De Campaign-optie zal later in deze review verder besproken worden. Multiplayer heb ik slechts heel even geprobeerd, maar ik kon amper vriendjes online vinden om mee te vliegen.

De vliegtuigen

Zoals al eerder vermeld bestaat de vloot uit een aantal exotische en geavanceerde toestellen. In totaal zijn er 34 bestuurbare toestellen. Echter, sommige zijn gewoon varianten van elkaar. Er zijn mid-range bommenwerpers zoals de B-25 Mitchell aanwezig en natuurlijk worden ook een aantal varianten van de nimmer weg te denken Spitfire ten tonele gevoerd. Voor het eerst in de serie kan men ook plaats nemen in de eerste jetfighters die de mensheid gekend heeft, zoals de Me262, de Gotha 229 en zelfs de P80 shooting star. We vinden ook oude bekenden zoals de P-51 Mustang, de P-47 Thunderbolt en de fw 190 terug, om er maar een paar te noemen.