In mei vorig jaar maakten we kennis met Metro: Last Light. Helaas waren we daar toen allerminst enthousiast over. Ontwikkelaar 4A Games pochte met scripted events en een clichématige horroropzet, terwijl je als speler vrij weinig zelf leek te doen. De horrorpogingen leken eerder het tempo uit de game te halen en de ervaring slapper te maken. Het hielp daarbij ook niet dat de actie net als in Metro 2033 te weinig impact had.

Zo teleurgesteld als we toen waren, zo positief zijn we nu. Precies dezelfde passage die we vorig jaar zagen, konden we nu spelen, inclusief een paar extra levels. Het is daarbij mooi om te zien dat er aan de meest evidente kritiekpunten flink gesleuteld is. De geforceerde horrorelementen zijn bijvoorbeeld volledig verdwenen en de actie is een stuk overtuigender. Op die manier werken de gameplay en zijn context eindelijk goed samen.

Afgebrokkeld communisme op zijn mooist

Metro: Last Light is een lineaire verhalende shooter, maar aangezien onze speelsessie draaide om een enorme spoiler is er inhoudelijk weinig nieuws te vertellen over het verhaal. Je speelt nog steeds met Artyom, die zwevende is tussen allerlei ideologische conflicten. In het enorme metrostelsel van Moskou heeft iedereen zijn eigen plannen om te overleven en bedrijven leiders overal andersoortige politiek. Het vormt een impliciete spanning, die opbloeit door de constante dreiging van de buitenwereld. Daar heerst door een nucleaire aanslag namelijk een besmet en vervallen Rusland, waar monsters en demonen heersen. Last Light heeft daarmee een spannende psychologische basisformule, die wat weg heeft van films zoals The Mist.

De schitterende wereld past uitstekend bij deze formule. Vooral op de PC is Metro: Last Light een lust voor het oog, met heerlijke lichteffecten en een uiterst gedetailleerde grauwe wereld, maar ook op de Xbox 360 en de PlayStation 3 is de game grafisch erg sterk. Aangesterkt door de immersie van de game zorgt dat alles voor een voortdurende sfeervolle ervaring. Net als in Metro 2033 is informatie op het beeld namelijk geminimaliseerd en ben je puur afhankelijk van het zicht van Artyom. Vergeet bijvoorbeeld niet je masker zelf af te vegen als je net een slijmerig monster hebt neergeschoten.

Aangesterkt door gameplay

De hiervoor positief beschreven context was echter al langer duidelijk. Het is dit keer de gameplay die gelukkig een vergelijkbare positieve indruk achterlaat De schietactie zit bijvoorbeeld een stuk beter in elkaar. Wapens hebben meer impact en de opzet is veel overtuigender dan in Metro 2033. Het vechten met grote monsters in open omgevingen vergt snelheid en precisie, terwijl shootouts met mensen een stuk uitdagender zijn en meer tactisch vernuft vereisen.

In het level met menselijke vijanden was er ook veel ruimte voor stealth. Licht en duisternis spelen een grotere rol in de gameplay en de omgeving is dusdanig interactief dat je hier ook toe aangespoord wordt. Op een streng bewaakt industrieterrein gingen we bijvoorbeeld opzoek naar schakelaars om lichten te doven en nieuwe doorgangen te creëren. Heb je daar geen zin in, dan is het leveldesign ook logisch genoeg voor een onderhoudende, meer traditionele shootout. Al is dat in dit tweede deel niet altijd zo effectief als sluipen. Daarnaast gebruik je bepaalde ammunitie ook als betaalmiddel, waardoor je onnodige shootouts wellicht wilt vermijden.

Tussen de actie door zitten momenten waarin Artyom stadjes doorloopt om te praten met mensen of om nieuwe wapens te kopen. Het is ietwat vreemd dat deze momenten eveneens lineair zijn en dat er weinig tot geen mogelijkheden zijn om zelfstandig op onderzoek uit te gaan. Daardoor voelen dergelijke momenten als een wachtrij voor een grote attractie in de Efteling, waar je ook eerst ondergedompeld wordt in sfeervolle ruimtes voordat de actie daadwerkelijk begint. Het zorgt er uiteindelijk wel voor dat de game een fijne balans kent tussen rustige en energieke momenten, ook al voegt het rondlopen in de stadjes qua gameplay verder vrij weinig toe.

Metro: Last Light is een pure singleplayer-ervaring, die geen multiplayer heeft om de speelduur te verlengen. Door zijn lineaire verloop is er weliswaar geen sprake van de diepgang en avontuurlijkheid van een Bioshock, maar door zijn variërende flow kan ook Metro toch uren aan plezier bieden. De geforceerde horroropzet en bijbehorende clichés voeren niet langer de boventoon en als verhalende shooter lijkt de game daardoor de juiste snaar te raken.