De gameindustrie - Een inleiding is een breed boek. Niet zozeer door de 221 bladzijdes van het boek zelf, maar door de stof die het wil behandelen. Het boek wil allereerst een geschiedenisbeeld geven van de game-industrie door de markt te beschrijven in cijfers, partijen en ontwikkeling. Vervolgens wordt het profiel van de gamer uitgediept, gaat het boek in op games op verschillende platformen in verschillende genres en wordt vervolgens nog het hele proces uitgelegd over hoe een game tot stand komt. Het boek sluit af met enkele kwesties zoals geweld in games en dergelijke.

Al met al zijn het veel onderwerpen die de schrijvers in het niet al te dikke boek hebben gepropt. Je moet dan ook vooral niet verwachten dat er diep op bepaalde onderwerpen wordt ingegaan. Het boek blijft erg oppervlakkig, maar dat is ook prima voor het doel dat de schrijvers voor ogen hebben. Toch kan ik het mij wel voorstellen dat ook gamers interesse hebben over hoe een game gemaakt wordt. Hoe een idee wordt uitgewerkt en door verschillende processen gaat totdat de schijfjes van de drukpers rollen. Dit hele proces is bondig maar duidelijk opgeschreven.

Leuk is dat het boek verschillende mensen aan het woord laat die werken in de Nederlandse game-industrie, zoals Arjan Brussee van Guerrilla en Lennart Sas van Triumph Studios. Elk persoon heeft dezelfde vijf vragen voorgesteld gekregen zoals wat hun favoriete game is en welk advies ze aan mensen kunnen geven die willen doen wat zij ook doen.

Als kritische gamer kom je echter al snel wat puntjes tegen die wel wat beter hadden gekund. Kleine foutjes die beginners in de industrie misschien niet zo zullen opvallen, maar toch niet zo netjes zijn. Zo wordt de GameCube nog wel eens gemist als console. Hoewel de kubus misschien niet zo belangrijk was voor de industrie als de PlayStation 2 en Xbox, is het wel zo netjes om ook deze console te behandelen. Later wordt de console plots bij de achtste generatie (hoort bij de zevende) neergezet. Tevens worden verkoopcijfers van de PlayStation 3 en Xbox 360 wel meegenomen, maar van de Wii weer niet.

Daarnaast zijn er ook nog wat snelle veralgemeniseringen, zo stelt het boek: “Alle action games gebruiken een aantal dezelfde elementen, zoals een beperk aantal levens voor de avatar.” Kun je dat tegenwoordig nog wel zo stellen? Ook wordt er gezegd dat het niveau van de gameopleidingen in Nederland hoog is, maar gaat het boek alleen maar in op de kwantiteit van de opleidingen in plaats van een indicatie te geven hoe het dan echt met die kwaliteit zit. Op een gegeven moment wordt er ook een game als voorbeeld genomen van hoe de ontwikkeltijd van productie er uit ziet. Mooi idee om een goed beeld te krijgen, maar dan wordt er voor Stevie Stardus van Wiotan Studio's gekozen. Is dat spel wel zo representatief voor de industrie? Helemaal gezien het feit dat het spel nooit is uitgebracht.

Toch is het boek aardig geschreven en goed simpel gehouden voor de doelgroep. Teveel moeilijke termen worden bijvoorbeeld vermeden. Toch kun je moeilijk over de game-industrie praten zonder enig jargon te gebruiken, dus hebben de schrijvers er voor gekozen achterin een verklarende woordenlijst te plaatsen. Verder ziet het boek er erg goed en verzorgd uit. Prima gebruik van kleur en plaatjes.

De game-industrie - Een inleiding is een boek dat zich echt richt op de mensen die nog weinig over de industrie weten. De gamers die al een tijdje meegaan zullen er weinig nieuws in kunnen vinden en zich vooral gaan ergeren aan het feit dat het boek nergens diep op in gaat. Op een aantal kritiekpuntjes na slaagt het boek in ieder geval in wat het wil doen, en dat is de Nederlandse game-industrie inleiden.

Titel: De game-industrie - Een inleiding Auteur: Skylla Janssen en MIcha van der Meer ISBN: 9789047300212