Over Call of Duty-spelers bestaan vele stigma’s, waarvan er eentje vooral betrekking heeft op de doelgroep. Call of Duty-gamers zouden schreeuwende, hyperventilerende tieners zijn die chips naar hun zeurende moeder gooien. Wie daar op YouTube naar zoekt vindt genoeg bevestiging. Toch kan dat stigma in de praktijk in de prullenbak belanden.

Call of Duty is het equivalent van de consoleshooter. Het spreekt niet alleen jonge, maar alle gamers aan. Battlefield lijkt daarentegen aan een concretere doelgroep te appelleren: de speler die meer lagen zoekt in zijn schietspel. Het is niet de vraag of Call of Duty beter danwel slechter is. Het is vooral de vraag waarom beide series een andere doelgroep aanspreken.

Riley de hond

Andere shooters

De multiplayermodus van Call of Duty is toegankelijker dan die van Battlefield, maar dat wil niet alles over de doelgroep van beide games zeggen. Fervent Call of Duty-speler Stefan Verloo heeft beide series nooit de rug toegekeerd – hoewel hij toch echt halverwege de twintig is.

“Call of Duty is voor mij een geweldige shooter door de snelheid. Door het hoge tempo worden spelers met een sneller reactievermogen en de betere schietkunsten beloond. Maar Battlefield: Bad Company 1 en 2, 1943 en deel 3 heb ik helemaal kapotgespeeld. Ook die serie trekt mij dus zeker aan.” Door zijn ervaring met beide shooters weet Stefan als geen ander dat Call of Duty geen Battlefield is. “Ze staan in het genre vrijwel recht tegenover elkaar. Waar Battlefield enorm sloom is en gigantische maps heeft, is Call of Duty juist snel, compact en kleinschalig.”

Dat wil niet zeggen dat Call of Duty-spelers enkel behoefte aan een snelle speelstijl hebben. In ieder geval niet in het geval van Stefan. “’Sloom’ hoeft geen negatief punt te zijn. Rainbow Six 3 is voor mij nog steeds de beste shooter - en wellicht de sloomste shooter - die ik ooit gespeeld heb”, beaamt de Call of Duty-gamer in hart en nieren.

CoDplattie

Niet toegankelijk

Gamer.nl-redactielid Bas Bastiaans speelt de game veel minder dan Stefan. Toch is het ook voor hem de hoge snelheid waardoor hij Call of Duty boven Battlefield verkiest. “'De actie is snel vindbaar en ook snel vrij intens. Omdat ik over het algemeen nogal slecht ben in competitieve shooters, is het fijn dat CoD voor bijna elke actie een beloning geeft. Daarnaast bestaat een gemiddeld Team Deathmatch-potje vooral uit individuen die met het verstand op 0 op elkaar af rennen, waardoor je altijd wel aan een redelijk aantal kills komt.”

Battlefield schikt zijn speelstijl als niet-zo-bekwame online sluipschutter daarom minder. "Ik mis de toegankelijkheid van Call of Duty als ik Battlefield speel. Battlefield is minder vergeeflijk en motiveert mij als matige shooterspeler niet om tijd te steken in de multiplayer. Vooral omdat ik nooit in de flow kom, maar ook door het lagere tempo. Grote maps met voertuigen en massale shootouts klinken daarnaast heel aantrekkelijk, maar zonder team miste ik de essentiële ervaring van Battlefield."

De meest verrassende shooter

De kritiek op Call of Duty is de laatste jaren feller en van veel grotere proportie dan de kritiek op Battlefield. Vooral het gebrek aan vernieuwing wordt door gamers en in media als ergerlijk aangehaald. “Eigenlijk mist Call of Duty meer dan Battlefield”, erkent Stefan. “De hitboxes in Call of Duty zijn belachelijk. Public matches halen het bloed onder je nagels vandaan door de stormvloed aan spelers die C4 en snipers gebruiken. Lobbies laggen vrijwel altijd, het is enkel de vraag of het in jouw voordeel of nadeel lagt. Battlefield heeft die nadelen niet.”

Je gaat je bijna afvragen waarom Stefan dan Call of Duty speelt. “Er is één ding dat voor mij al die negatieve punten naar de achtergrond drukt: League Play Champions Series. Eindelijk een ontwikkelaar die inziet hoe belangrijk competitieve gameplay is voor een game”, aldus de gamer, die doelt op het (goede) werk van Treyarch.

CoD in de sneeuw

Slecht

Stefan heeft genoeg aan te merken op de Call of Duty-multiplayer. Dat Ghosts geen League Play kent, stemt hem evenmin vrolijk. Toch wil dat niet zeggen dat hij niet uitkijkt naar Ghosts. Sterker nog, volgens hem zal Ghosts veel mensen verrassen. “Het kleinste detail kan een shooter drastisch veranderen in tactisch opzicht. Het feit dat je sneller over muurtjes en obstakels kunt springen, lijkt misschien belachelijk om als vernieuwing aan te kaarten, maar dit kleine detail zal veel campers doen huilen.”

Voor Call of Duty-gamers schuilt vernieuwing in een klein hoekje, zo blijkt wel uit het commentaar van Stefan. “Het feit dat je nu om hoekjes kunt "leanen", zal een heel nieuw aspect aan de game toevoegen. Het beste nieuws is dat Ghosts nu eindelijk dedicated servers zal ondersteunen. Geen Fransen en Engelsen meer die 20 kogels eten en doorlopen alsof er niets gebeurd is. Halleluja!”

Vernieuwing, ja of nee?

Grootschalige vernieuwing is dan ook overbodig, zowel voor Call of Duty als Battlefield, meent Bas. “Kijkend naar hoeveel beide games verkopen zijn drastische vernieuwingen niet echt nodig. Subtiele, genuanceerde vernieuwingen, net als in de Fifa-reeks, zijn genoeg. Andere modi en nieuwe maps kunnen een grandioze invloed hebben op de dynamiek en balans in een shooter, dus als beide shooters gaan innoveren, dan het liefst op het gebied van modi of maps.”

Stefan ziet vernieuwing voor beide series niet als een must. “Het ligt er maar net aan wat jij onder vernieuwing verstaat.” Hij kaart tevens het voetbalspel van EA aan als voorbeeld. “Dat constante gejank dat Call of Duty en FIFA niet vernieuwend genoeg zijn, komt mij een beetje de strot uit. De games zijn ongelooflijk populair en spelen geweldig! Een shooter is en blijft een shooter. Een footy is en blijft een footy. Hun ontwikkeling gaat geleidelijk.”