Iedere gamer weet dat de Dreamcast het treurige einde was van Sega als consoleboer. Velen kijken er met een nostalgische blik op terug. Het apparaat leek perfect gepositioneerd om de markt te veroveren: supersterke hardware met aansprekende titels als Sonic Adventure en Crazy Taxi. Dat de console binnen twee jaar faalde lag dan ook niet aan het kastje zelf, of aan de software. Een lange geschiedenis van dubieuze beslissingen zorgde ervoor dat klanten niet zaten te springen om hun geld aan Sega te geven.

Nintendon't

Het begin van de jaren negentig waren gouden tijden voor het bedrijf met de blauwe letters. Na de redelijk geflopte Master System kreeg het eindelijk voet aan de grond met de superstoere Mega Drive, of Genesis zoals de console in Amerika heette. Sega gaf zichzelf een arrogante smoel en zette zich succesvol af tegen Nintendo met de verouderde NES: de PR-zin “Sega does what Nintendon't” staat nog steeds in het collectief geheugen van alle wat oudere gamers gegrift. Vooral in Amerika was het systeem een groot succes. De vraag was nu alleen: hoe gaan we verder? De grote concurrent kwam immers met de SNES, en dus was het tijd voor een antwoord.

De consolemaker besloot met twee uitbreidingen voor de Mega Drive te komen. Zo hadden de echte technologie-nerds wat om over te kwijlen terwijl Sega achter de schermen sleutelde aan de volgende generatie. De eerste was de Sega CD, een apparaatje dat van je Mega Drive een cd-console maakte. Het was duidelijk dat games op cd's de toekomst hadden en het bedrijf wilde daar een graantje van meepikken. Het zette vooral hard in op games die eigenlijk een aaneenschakeling waren van Full Motion Videos, echte filmpjes met echte acteurs, zoals Night Trap en Sewer Shark. Toen dit soort games een hype bleken te zijn die snel weer overwaaide, was het einde van de Sega CD alweer in zicht. Ongeacht hoe goed een game als Sonic CD was.

Hoog tijd dus om een nieuwe add-on te maken, in de vorm van de 32X. Dit kastje maakte van je 16-bit-machine een 32-bit-monster en lanceerde slechts zeven maanden voordat de Saturn uitkwam. Er kwamen weinig interessante games op uit: de meeste waren verbeterde versies van oude spellen. Trouwe Sega-fans voelden zich verraden door dit gebrek aan ondersteuning.

Ingewikkelde Saturn

De verlossing moest komen van de volgende console, de Sega Saturn. Het bleek echter zo moeilijk om hiervoor games te programmeren dat third-party ontwikkelaars er ver bij vandaan bleven. In Japan verkocht het kastje aardig goed, vooral door populaire arcade-games als Virtua Fighter. In Amerika was de arcade-markt een stuk kleiner en dus was de Saturn daar ook veel minder populair. Er kwamen weinig games uit en de dreiging van de komende PlayStation zorgde voor veel onrust in het Sega-kamp. Zoveel dat het bedrijf besloot de spelcomputer enkele maanden eerder te lanceren, terwijl veel geplande launchgames nog niet eens af waren. Slechts twee jaar later gaf de Amerikaanse tak aan dat de Saturn niet de toekomst was. De echte Sega-fans, die steeds een nieuw stuk hardware kochten en keer op keer in de steek werden gelaten, stapten uit pure frustratie massaal over naar de PlayStation.

En dat terwijl deze generatie zo makkelijk had kunnen zijn voor Sega. De Amerikaanse tak had de gelegenheid gekregen om met een alternatief voor de ingewikkelde Saturn te komen. Het eerste plan was met chipmaker Silicon Graphics, dat een simpele set ontwierp voor de ontwikkelaar. De Japanse tak van Sega was echter niet onder de indruk en liet het plan varen: deze chipset werd later gebruikt in de machine van de concurrent, de Nintendo 64. Het andere plan was om met Sony in zee te gaan en gezamenlijk de PlayStation op de markt te brengen. De twee bedrijven zouden de kosten voor het kastje delen en de winsten van hun eigen games behouden. Sony was akkoord, maar de Japanse tak van Sega lag wederom dwars. Hoe anders was de console-race gelopen als Sega ja had gezegd tegen wat later de grootste concurrent zou worden?

Vertrouwen

De lancering van de Dreamcast moest alles weer goed maken. Op de legendarische datum 9-9-'99 was er een prachtige launch line-up beschikbaar, met onder andere Sonic Adventure en SoulCalibur. De console begon goed, met een van de sterkste launches tot op dat moment. De ondergang was echter onvermijdelijk. Dit vanwege de concurrentie van Nintendo, Sony en nieuwkomer Microsoft – waarvan ooit ook het gerucht ging dat het Sega wilden opkopen – een nieuw management in Japan dat eigenlijk geen hardware meer wilde maken en klanten die de naam van Sega niet meer vertrouwden. In 2001 gingen de laatste Dreamcasts over de toonbank en viel het doek voor Sega als consolemaker.

Het is waar dat er meerdere redenen zijn waarom de Dreamcast niet het succes werd waar Sega op hoopte. De afwezigheid van de populaire EA-games bijvoorbeeld: Sega had net voor 10 miljoen dollar Visual Concepts gekocht, dat de Dreamcast van sportgames moest voorzien. Daar wilde EA niet mee concurreren en dus bracht het geen games op de Dreamcast uit. Of denk aan de massale piraterij, waarvan de Dreamcast een gemakkelijk doelwit was. Om nog maar niet te spreken over de concurrentie van de Playstation 2. De Dreamcast was al een jaar oud toen de nieuwe Sony-console uitkwam, maar toch kon hij nog goed meekomen. Grafisch gezien verschilden ze opvallend weinig van elkaar, al had de Playstation 2 wel een flink krachtigere processor. Het grootste voordeel was echter de ingebouwde dvd-speler, waarmee Sony de strijd gemakkelijk in zijn voordeel kon beslechten.

De belangrijkste reden is misschien nog wel het gebrek aan vertrouwen, dat Sega zelf in de hand werkte door producten op de markt te brengen en ze vervolgens niet te ondersteunen. Dat kweekte wantrouwen bij de consument en bij third party developers, die bij bosjes wegvluchtten van het bedrijf. Hadden ze andere keuzes gemaakt, of beter naar elkaar geluisterd, dan speelden we nu misschien op de nieuwste Sega-console, met Sonic 6 als launchtitel. Tegenwoordig is het bedrijf alleen nog als software-maker actief. En hoewel ze zeker interessante games in hun portfolio hebben – denk alleen al aan Total War, Yakuza en sinds kort Company of Heroes – is het lastig om niet terug te verlangen naar het Sega van weleer.