De game stamt uit een tijd dat licenties voor tv-series of films vaak niet exclusief bij één studio lagen. SEGA ontwikkelde daardoor de meeste van de licentietitels voor hun eigen consoles, terwijl Capcom bijvoorbeeld de Disney-games voor Nintendo maakte. De Mega Drive en Game Gear kregen daardoor exclusief de Illusion-spellen, terwijl de Super Nintendo het met de iets minder vermakelijke Magical Quest-serie moest doen.

Magisch

In World of Illusion bestrijd je als Mickey en Donald het kwaad. Als klein kind zat ik verwonderd aan de tv vastgeplakt en vroeg ik mijn broers steeds weer of ze mee wilden spelen. Kijk alleen al naar de standaard aanval die de muis en eend gebruiken! Simpel vijanden neerslaan of op hun hoofd springen om ze uit te schakelen is hier niet bij. Nee, onze helden hebben een magische cape waarmee ze hun grommende tegenstanders veranderen in onschuldige beestjes.

Ook de vrij te spelen spreuken doen je versteld staan. De simpele platformactie wordt plots onderbroken door een level op een vliegend tapijt. Of je kunt ineens een grote bel tevoorschijn halen waardoor je onderwater kunt ademen. Toen ik jong was dacht ik echt dat die twee alles voor elkaar konden krijgen en kon ik niet wachten om te zien welke nieuwe spreuk ze nu weer zouden leren.

De game ziet er nog verrassend goed uit op een grote tv. Natuurlijk, het is allemaal wat pixelig en ouderwets, maar het laat eens te meer zien dat 2D-sprites de tand des tijds een stuk beter doorstaan dan vroege 3D-spellen. World of Illusion valt nog steeds op door een prima presentatie met kleurrijke graphics en een grote hoeveelheid aan details in de achtergronden. De animaties zijn misschien niet zo vloeiend als je je herinnert, maar de spelwereld komt door al die kleine toevoegingen echt tot leven.

In je eendje

Als je in je eentje speelt, dan is World of Illusion in feite niets meer dan een simpele platformer die het vooral moet hebben van zijn koddige Disney-uiterlijk en de verwijzingen naar klassieke films als Alice in Wonderland en Aladdin. De game is bovendien vrij simpel, met vijf levels die je binnen een paar uur hebt uitgespeeld. Je kunt kiezen om als Mickey of als Donald het avontuur aan te gaan, waarbij de muis als easy mode geldt en het met Donald net iets moeilijker wordt. Hij is namelijk te groot om door kleine gangetjes te passen en te lomp om heel hoog te kunnen springen. De eend moet dus net even iets meer zijn best doen om het einde van een level te halen.

Met zijn tweeën wordt de game echter veel meer dan simpel platformen. Ten eerste past het spel zich aan de hoeveelheid spelers aan: er zijn dan meer knoppen om in te drukken en meer puzzels om op te lossen. Bovendien wordt World of Illusion dan een game die draait om twee vrienden die samen op pad gaan en elkaar helpen in de strijd. De wippen die eerder nog een simpele manier boden om op een hoog platform te springen, worden ineens een test van je capaciteiten om samen te werken. Je moet geduldig wachten op het ene uiteinde totdat je partner met zijn volle gewicht op het andere eind springt, waardoor je met volle vaart omhoog wordt gekatapulteerd. Daarna is het aan jou om een touwtje naar beneden te laten zakken, zodat je medespeler niet eenzaam achterblijft. Het is een sjabloon dat latere co-op-spellen veelvuldig hebben gebruikt en nog steeds goed werkt.

Je moet elkaar dus regelmatig uit de brand helpen. Donald past bijvoorbeeld best wel door die smalle gangetjes als Mickey aan de andere kant klaar staat om hem er doorheen te trekken. Je kunt ook op elkaars schouders staan om hooggeplaatste knopjes of platformen te bereiken. En je moet op een schakelaar blijven wachten zodat je partner door een deur kan lopen. Mickey en Donald hebben elkaar echt nodig om het avontuur tot een goed einde te brengen. Samen kunnen zij veel meer dan in hun eentje. Dat is dan ook het meest magische aan World of Illusion: de magie van een goede vriendschap. Dat klinkt misschien een beetje zoetsappig, maar hé, het is dan ook een Disney-game!