Als zeventienjarige aangenomen bij de legendarische Westwood Studio’s als gametester, maakte Klepacki al gelijk een ideale start. Het gaf hem de kans om zijn demotape aan de audio director te geven. De mannen van Westwood waren onder de indruk en Klepacki kon onmiddellijk aan de slag met de NES-port Dragonstrike en de PC-game Eye of the Beholder II. Later werkte hij aan de soundtrack van games als Dune II, Dungeons & Dragons en The Legend of Kyrandia III. Veel beter kon het niet beginnen voor de jonge muzikant.

Frank Klepacki begon al vroeg met muziek. Als kind van twee professionele muzikanten was een instrument nooit ver uit de buurt. Op zijn achtste kreeg hij zijn eerste drumset en kon hier op zijn elfde al professioneel mee uit de voeten. Hoewel hij voornamelijk drumt, heeft hij zichzelf ook andere instrumenten aangeleerd. Gezien de projecten waar hij later aan zou werken, geen overbodige luxe.

Command & Conquer

In 1994 werd Klepacki betrokken bij een nieuw project uit de koker van Westwood Studio’s. Het ging hier om het real-time strategiespel Command & Conquer. Een project waarbij Klepacki volgens eigen zeggen veel vrijheid kreeg en creativiteit en diversiteit door de bazen werd aangemoedigd. “Ik mocht invloeden halen uit alles en experimenteren om te zien wat werkt en wat niet zou werken. Dit was een kenmerk dat je vandaag de dag niet zo snel lijkt te vinden in de wereld van het ontwikkelen”. Geïnspireerd door band als Nine Inch Nails en Ministry creëerde Klepacki een industriële sound, die nu iconisch is voor de Command & Conquer-serie. De soundtrack kreeg veel waardering en werd later los uitgebracht, iets wat toen nog uniek was.

Nadat Command & Conquer uitkwam, haastte de ontwikkelaar zich volgens Klepacki met uitbrengen van Covert Ops. Klepacki kreeg de opdracht er een aantal ambient-achtige tracks voor te schrijven. De Amerikaan begon vervolgens aan een heavy metal-track die bedoeld was voor de Nod in de volgende grote Command & Conquer game. Toen Brett Sperry, de director van Westwood, Klepacki vroeg of hij nog iets had voor de nieuwe Command & Conquer liet hij de track horen. “Ik speelde het voor hem. Hij zei ‘wat is de naam van deze track?’ Ik zei: ‘Hell March’. Hij zei: ‘Dat is de signature song voor onze volgende game’”. Inmiddels weten dat de Hell March de legendarische openingstrack voor Red Alert is. 

Verdere projecten die Klepacki later nog uitvoerde voor Westwood waren onder andere een game-versie van de film Blade Runner. Hoewel Westwood de rechten van de soundtrack verworven had, kreeg de ontwikkelaar niet de bevoegdheid om de originele opnamen te gebruiken. Hierdoor moest Klepacki de soundtrack geheel op gehoor namaken. Later dat jaar werd hij beloond met een GDC-award voor de soundtrack. Buiten de Command & Conquer-games werkte de muzikant daarnaast ook nog aan Dune 2000, waar hij zowel geïnspireerd werd door Dune II als Toto’s soundtrack van de originele film.

Star Wars

Nadat Westwood uiteenviel, nam Klepacki een korte periode om aan eigen materiaal te werken. In 2004 startte hij als audio director by Petroglyph Games, waar hij onmiddellijk met een van zijn grote liefdes aan de slag kon: Star Wars: Empire At War. Ongeveer 80% van de het spel bevat muziek van zijn grote held John Williams. Deze muziek moest Klepacki zelf bewerken en daarnaast componeerde hij nog 20% zelf. Om die reden ziet de Amerikaan het als een van zijn grootste uitdagingen. In een interview zegt hij hierover:  “In Star Wars was er een enorm hoge standaard gezet door de almachtige John Williams en ik moest nieuw materiaal schrijven die in die context zou passen, en zo’n grote fan zijnde als ik, bleef ik doorwerken tot het goed voelde voor me.” 

Klepacki ging verder met enkele uitbreidingen voor de Star Wars-game en startte toen aan zijn volgende grote project: Universe at War: Earth Assault. Een game waarbij hij vaak moest terugdenken aan zijn tijd bij Westwood. “Het was een herinnering aan mijn Westwood-dagen in de zin dat ik creatief kon zijn en geen echte restricties had.” De game was geen groot succes, wat Klepacki nog steeds jammer vindt. “Ik denk dat [de game] ondergewaardeerd werd en veels te weinig marketing kreeg – het had echt iets kunnen worden als we een uitbreiding hadden kunnen maken.” Hoewel Klepacki door zijn werkverband bij Petroglyph Command & Conquer 3 niet kon voorzien van een soundtrack, componeerde hij later wel drie tracks voor Red Alert 3, waar hij onder andere terugkwam met Hell March III, een vervolg op het vermaarde Hell March.

Geweldige muzikant

Op dit moment werkt Klepacki aan de soundtrack van End of Nations, hoewel het afwachten is of deze game daadwerkelijk uitkomt. Naast het werk als producent van soundtracks is Klepacki met nog veel meer projecten bezig. Zo bracht hij meerdere cd’s uit, produceert hij lokale bands en tourde hij mee als drummer voor de legendarische funkband Sly & the Family Stone. Het geeft aan hoe veelzijdig de Amerikaanse muzikant is. Het is daarom zonde dat Klepacki vastzit aan Petroglyph Studios. Een ontwikkelaar die er op dit moment niet al te goed lijkt voor te staan en al meerdere ontslagen zijn gevallen. 

Frank Klepacki verdient grote budgetten en veel vrijheid, in een industrie die volgens hem nog steeds te behouden is. Of zoals hij het zelf zegt: “Hetgene wat ik mis in de industrie in het algemeen, is het behoud van creativiteit – niet bang zijn om nieuwe dingen te proberen of er een andere draai aan te geven. Ik zou willen dat meer ontwikkelaars en uitgevers hun componisten meer creativiteit en experimentatie toe zouden laten met de games van vandaag. Hoe meer je mensen vraagt om iets te laten klinken als iets anders, hoe homogener de soundtracks worden (…). Tuurlijk, vrijwel alles is nu wel een keer gedaan, maar er is nog steeds interpretatie die uniek kan zijn als het de kans krijgt.” Het is Klepacki ten voete uit. Een geweldige muzikant en al sinds het begin van de game-industrie een voorvechter van de soundtrack.