De vraag is echter of dit soort regelgeving in het voordeel of in het nadeel van de gamer werkt. Voor beide houdingen zijn namelijk argumenten aan te dragen. Wij gingen onderling de discussie aan, waarbij Jaap de regelgeving als negatief beschouwt en Michel het juist als een positieve ontwikkeling ziet.

Links: Viviane Reding, rechts: Meglena Kuneva

Jaap: "Garantie op games, het klinkt als een soort utopie: vind je de game slecht, dan breng je hem terug. De regelgeving is er natuurlijk puur voor wanproducten die technisch niet werken, maar de verleiding om een game terug te brengen naar de winkel onder het motto “hij doet het niet” is groot. Dit natuurlijk terwijl je de game eigenlijk maar slecht vindt, alweer uitgespeeld hebt of gewoon zat bent. Twee jaar is immers een immense periode in gameland." Michel: "Toegegeven, er moet een goede manier komen om te testen of een game echt technische mankementen heeft. Een goede graadmeter kan zijn wanneer een game in een korte periode vaak wordt teruggebracht naar winkels. Dan is de kans groot dat er iets niet goed werkt. Misschien moet er dan een bureau komen die fatale bugs in games bijhoudt. Als we de mogelijkheid om de boel te bedriegen even buiten beschouwing laten, is het juist heel goed dat er op deze manier opgekomen wordt voor de consument." Jaap: "Natuurlijk, dat staat buiten kijf. Maar is het aan de EU om middels regelgeving dit voor elkaar te krijgen? Zonder in politieke discussies te vervallen, heb ik bij de EU niet het idee dat het een stel game-experts zijn die een objectieve graadmeter kunnen maken waarop games eerlijk beoordeeld worden. Het terugbrengen van games is een mogelijk criterium, maar dat zegt nog helemaal niets. Interessanter is de vraag: wat voor invloed heeft dergelijke regelgeving op de ontwikkeling van games? Creatieve, moeilijke en nieuwe concepten waar wel eens een foutje insluipt, zouden bijvoorbeeld een stuk minder ontwikkeld gaan worden. Het geld moet immers, zeker bij dit soort games, toch terug verdiend worden." Michel: "Er zijn zoveel innovatieve games waar niets buggy aan is. Het zijn vooral de groots opgezette games, de grote namen met vrij traditionele gameplay, die steeds vaker zo snel mogelijk de deur uit moeten en dan met veel bugs in de winkels komen. Zo liet een medewerker van Bizarre Creations laatst weten dat Project Gotham Racing 4 onder druk van Microsoft veel te snel werd uitgebracht. Het gaat hier dus niet alleen om games die op de PC verschijnen, waar het door de vele variabelen op zich nog te begrijpen is wanneer iets niet werkt. Nee, ook consolegamers krijgen steeds vaker te maken met patches. Het is spugen in het gezicht van fanatieke gamers die een game al op lanceringsdag kopen. Zij krijgen vaak te maken met een product dat aan alle kanten rammelt. Consumenten die veel later voor een lagere prijs instappen kunnen meteen met het 'complete' product aan de slag. Het riekt naar gemakzucht. Een wet die de consument hiertegen beschermt kan dit voorkomen." Jaap: "De gamer beschermen is een mooi concept, maar ik blijf erbij dat dit praktisch een onuitvoerbaar idee is dat verstrengeld gaat raken in onnavolgbare regeltjes. Games zijn geen tastbare producten waarbij je zo één twee drie aan kunt geven dat de voeding kapot is of dat de wieltjes niet meer draaien. En tot in zekere mate werkt het 'systeem' dat nu gebruikt wordt, waarbij ontwikkelaars patches uitgeven als er écht iets niet pluis is, prima. Een EU-wet maakt het enkel maar complexer, zeker omdat de wetgeving zoals die nu gepresenteerd wordt gericht is op 'software' en dus ook nog eens veel te breed gaat kijken. Windows is ook software, Photoshop ook, kortom: waar vallen games dan?"

Het moge duidelijk zijn dat de meningen over dit onderwerp behoorlijk verdeeld zijn. Los van het feit of de Europese Unie dit plan werkelijk door kan trekken, lijkt de wetgeving gamers zowel met voor- als nadelen te confronteren. Hoe denk jij eigenlijk over deze kwestie?