Nog lang voordat de term survival-horror het levenslicht zag, waren er al games die duidelijk de voorlopers waren van dit populaire genre. Zo konden gamers in 1982 al genieten van Haunted House op de Atari 2006. Haunted House zag er enorm banaal uit, voor die tijd natuurlijk geheel acceptabel. De speler loopt door een vervloekt landhuis om een urn te vinden. Met drie verdiepingen en een kelder was de game niet al te groot, maar uniek was dat de speler maar één item bij zich kon dragen (een sleutel om deuren te openen, de urn of een staf om geesten mee weg te jagen), wat voor de nodige paniek zorgde bij de speler.

De meest recente Alone in the Dark

Alone in the Dark

Alone in the Dark wordt echter als de echte voorloper van het survival-horrorgenre beschouwd. Als paranormale privédetective Edward Carnby (of een vrouwelijk personage in de vorm van Emily Hartwood) wordt de speler opgesloten in een met geesten gevuld landhuis. In de loop van het spel moet hij wapens tegen de diverse bizarre vijanden en een uitgang vinden. De nadruk ligt echter niet op het verslaan van vijanden, maar bij het oplossen van puzzels en het zoeken van hints om verder te komen in het verhaal. Dat verhaal en de sfeer van de game waren hevig geïnspireerd door horrorauteur H.P. Lovecraft, die in het begin van de twintigste eeuw faam behaalde met zijn griezelverhalen.

De game voor PC en Macintosh kreeg nog drie vervolgen en kreeg dit jaar een vierde vervolg, al heeft deze game voor de PC,  PS3 en Xbox 360 vrij weinig meer met de originele serie te maken. In Alone in the Dark uit 2008 onderzoek je wederom met Edward Carnby, nadat New York in puin ligt door onbekende krachten, Central Park. Uniek aan dit nieuwe deel is dat de game is opgedeeld in verschillende episodes, die, als het de speler te heet onder de voeten wordt, zelfs overgeslagen kunnen worden. Wat dat betreft is Alone in the Dark vrij ver van het genre weggedreven. Een kenmerk van het survival-horrorgenre is immers de vaak hoge moeilijkheidsgraad.

Clock Tower

Clock Tower en Phantasmagoria

Na de eerste twee delen van Alone in the Dark kwam Clock Tower uit voor onder andere de Super Nintendo en de PlayStation. De game is een duidelijke mix tussen de oude stijl van Alone in the Dark en de nieuwe, actievolle stijl van Resident Evil die kort na Clock Tower het genre naar een nieuw niveau zou brengen. De verhaallijn en de puzzels blijven in Clock Tower de boventoon voeren en aangezien het hoofdpersonage vrij hulpeloos is, moet de speler zichzelf vaak verstoppen voor de rondlopende vijanden. De angst komt dan ook van de mogelijkheid ontdekt te worden. Clock Tower kreeg nog drie vervolgen, maar bleef onbekend bij het grote publiek.

Phantasmagoria kwam in hetzelfde jaar als Clock Tower uit – 1995 – maar was weer een heel ander beestje. Deze game, eerst exclusief voor de PC en later ook voor de Saturn, werd hevig beïnvloed door de hype om filmbeelden in games te gebruiken. Phantasmagoria staat bekend om het gebruik van veel gore – een ode aan de vermakelijke splatterhouse-horrorfilms.

Resident Evil

En toen, in 1996, was het tijd voor de game waarvoor de term survival-horror verzonnen werd in diverse media. Capcom bracht Resident Evil (Biohazard in Japan) naar de PlayStation en iets later ook naar de Saturn. De game legde veel elementen vast waaraan het genre zich jarenlang zou houden: ietwat houterige besturing die het moeilijk maakte snel weg te rennen voor naderend onheil, een kleine inventaris zodat het moeilijk was alles wat je op je weg vond mee te nemen, een schaarste aan munitie en (soms onlogische) puzzels om de bloederige gevechten mee af te wisselen.

Het bleek een gouden formule, want de reeks bereikte al snel een goede naam bij de hardcore gamers en daarna ook het grote publiek. Opnieuw was een landhuis de locatie waar naar keuze, maar de vijanden waren nu zombies. Omdat deze wezens van nature traag bewegen, was de houterige besturing niet zo'n probleem. Net zo houterig klonken de stemacteurs die –inmiddels voor gamers welbekende – personages als Chris Redfield en Jill Valentine tot leven probeerden te brengen. Het maakte niet uit – Resident Evil blonk uit in spanning, schrikmomenten en een tot dusver nooit eerder in games vertoonde sfeer. Alhoewel het genre survival-horror al langer bestond in de vorm van onder andere Alone in the Dark, wordt Resident Evil als grootvader van het genre beschouwd.

Resident Evil in 1996... en de GameCube remake

Twee jaar later kwam het vervolg, dat zich afspeelde in Raccoon City met politieagent Leon S. Kennedy die de zombie-invasie te lijf ging. In 1999 kregen we alweer het derde deel, waarin de speler in de loop van de game achtervolgd werd door een grotere vijand die niet zomaar te doden viel, de Nemesis. Weer een jaar daarna maakte de serie de stap naar de volgende generatie consoles met Resident Evil: Code Veronica. De game kwam uit op de Dreamcast en later ook op de PlayStation 2, maar wist de houterige besturing waar de serie bekend om stond niet naar een nieuw niveau te tillen.

Dat zou de serie pas bij het vierde deel bereiken, maar in 2000 hadden we niet kunnen vermoeden dat we daar toen nog vijf jaar op moesten wachten. Capcom besloot na Code Veronica dat de RE-reeks op één console moest blijven om verwarring bij de consument te voorkomen. Nintendo was de gelukkige en de GameCube werd gezegend met een remake van de originele Resident Evil. Hoewel de game grafisch een enorme update kreeg, bleef de besturing als vanouds stroef verlopen. Resident Evil 0 volgde, een prequel met dezelfde graphics en gameplay, en Resident Evil 2, 3 en Code Veronica werden zonder grafische update naar de GameCube overgebracht. Ondertussen hield Capcom zich niet helemaal aan haar woord: de PlayStation 2 kreeg Resident Evil Outbreak, waarin werd getracht de reeks online te brengen. Het was geen succesvolle poging, niet in de laatste plaats omdat het online element niet eens werkte in de Europese versie. Toch bleef het een populaire game-franchise. Zo kwamen er een aantal bioscoopfilms met de serie als inspiratie. Pas in 2005 krabbelde de Resident Evil-reeks weer terug naar de kwaliteit van het origineel, maar daarover later in dit artikel meer.

Silent Hill 4: The Room

De Resident Evil-generatie

Na het succes van de Resident Evil-reeks waren er vele ontwikkelaars die ook dergelijke faam en fortuin wilden bereiken in het genre. Het bekendste voorbeeld is Konami met Silent Hill. De games staan bekend om de abstract en bizar ogende vijanden, die geïnspireerd lijken door de films van David Lynch. Er zijn op dit moment zes Silent Hill-games die allemaal van een commercieel succes genieten of genoten hebben. Silent Hill: Origins, het vijfde deel in de serie, kwam eerder dit jaar uit voor PS2 en PSP. Silent Hill: Homecoming voor PS3, Xbox 360 en PC moet begin volgend jaar in Europa uitkomen. Er is tevens een film verschenen. De reeks is gedurende de negen jaar dat hij bestaat weinig veranderd, maar dat lijken de fans ook niet te willen.

Een andere reeks die inspeelde op de survival-horrorhype was Dino Crisis, van Capcom, de studio achter Resident Evil. In plaats van bloeddorstige zombies ging het ditmaal om dinosauriërs in een onderzoekscomplex. Dino Crisis kwam in 1999 op de PlayStation uit en kreeg twee vervolgen – op de PlayStation en later ook de Xbox, maar die hadden dermate weinig succes dat de reeks een snelle dood lijkt te zijn gestorven. Datzelfde lot was Square-Enix' Parasite Eve beschoren. De game en het vervolg daarop verschenen voor de originele PlayStation en vielen op doordat er een aantal RPG-elementen in zaten.

Siren: Blood Curse op de PS3

De Fatal Frame- en Siren-reeksen lijken meer succes te hebben. Beide series (de eerste van Tecmo, de tweede van Sony Japan) lijken de typisch Japanse horror als uitgangspunt te nemen en zowel Japan als de westerse wereld loopt er mee weg. Dat komt natuurlijk door de toegenomen populariteit van geesten die er als Japanse schoolmeisjes uitzien dankzij films als The Ring en The Grudge. Zo moet de speler in Fatal Frame foto's maken van de geesten om ze te verslaan. Stalen zenuwen zijn vereist voor deze games: de naargeestige sfeer en vele schrikmomenten zijn niet voor iedereen weggelegd. Beide reeksen begonnen op de PlayStation 2, maar zijn op de huidige generatie consoles nog steeds aan populariteit aan het winnen. Siren: Blood Curse is in episodes te downloaden op het PlayStation Network en is een losse remake van de vorige games uit de serie. Fatal Frame IV is ontwikkeld met behulp van Grasshopper Manufacture – de mannen achter No More Heroes – en is inmiddels uit in Japan.

Eternal Darkness moet even apart worden genoemd. De game kwam in 2002 uit op de GameCube en is ontwikkeld door Silicon Knights, die pas nog Too Human voor de Xbox 360 uitbrachten. In plaats van enge monsters – die absoluut in de game aanwezig waren – lag in deze survival-horrorgenre de nadruk op psychologische angst. Schrikmomenten waren ondergeschikt aan de langzaam gek wordende hoofdrolspelers – liet je genoeg vijanden leven, dan liep de sanity meter vol en begonnen muren te bloeden, baby's te huilen… maar het werd nog gekker. De game deed bijvoorbeeld alsof hij je save-game had gewist, of het hoofd van je personage viel er af. Net zoals Alone in the Dark is de game hevig geïnspireerd door de psychologisch beangstigende verhalen van H.P. Lovecraft. Eternal Darkness was een survival-horrorgame zoals we die nog nooit gezien hadden en iets soortgelijks is sindsdien ook niet op de markt verschenen.

Eternal Darkness van Silicon Knights

Survival-horror wordt actie

In 2005 kwam Capcom met het langverwachte Resident Evil 4 (eerst voor de GameCube, later ook voor de PlayStation 2 en PC). Opnieuw kwam Leon S. Kennedy opdraven voor de hoofdrol, maar daarmee hielden vrijwel alle vergelijkingen op. Plotseling had de game veel meer weg met het actie- en shooter-genre en daardoor was de besturing veel soepeler. Toegegeven, hier en daar kon de speler nog steeds niet snel genoeg reageren, maar vooral het camera-aanzicht achter de schouder van het hoofdpersonage bleek een gouden greep. Sinds dit nagenoeg perfect is geïmplementeerd in Resident Evil 4 zie je deze cameravoering veel vaker in andere games terugkomen, zoals in bijvoorbeeld Gears of War valt te zien. Ook werden de domme, langzame zombies uit voorgaande delen vervangen voor pittigere vijanden, mensen die een parasiet in zich hadden en zo de controle over zichzelf hadden verloren. Naast de verbeterde gameplay en graphics was Resident Evil 4 ook gewoon een lekker groots opgezet avontuur langs divers ogende locaties.

Sinds Resident Evil 4 wordt het steeds moeilijker om een survival-horrorgame van een actiegame te onderscheiden. Je kunt je van enkele games afvragen of ze überhaupt nog onder de survival-horrornoemer kunnen worden ingedeeld. In 2005, tijdens de lancering van de Xbox 360, konden gamers bijvoorbeeld aan de slag met Condemned: Criminal Origins. In deze first person shooter moest je als een echte detective de misdaden van een getikte seriemoordenaar oplossen, terwijl er zwervers en ander gespuis als een bezetene op je af kwamen. De game bevatte een uiterst realistisch vechtsysteem, want je moest op tijd blokken om de klappen van je tegenstanders op te vangen. Alles wat in de spelwereld te vinden was – pijpen, knuppels en hakbijlen – konden gebruikt worden om van de zwervers een bloederig hoopje te maken. Het vervolg kwam pas geleden nog uit voor de Xbox 360 en PlayStation 3, maar wist niet zo'n goede impressie te maken als het origineel.

Resident Evil 4

Een ander voorbeeld van het survival-horrorgenre dat andere wegen inslaat, is Dead Rising. In deze Xbox 360-game (binnenkort komt de game ook op de Wii uit) ga je honderden zombies te lijf met alle voorwerpen die je in een gigantisch winkelcentrum kunt vinden. De game is een hommage aan de Night of the Living Dead-filmreeks en heeft tegelijk ook een veel luchtigere sfeer dan we van survival-horrorgames gewend zijn. In plaats van enge situaties gaat het in Dead Rising om zoveel mogelijk lol beleven aan het vermoorden van de oerdomme zombies.

Dead Rising

De toekomst

In de toekomst zullen survival-horrorgames waarschijnlijk nog meer verschillende wegen op gaan. Aan de ene kant heb je enkele series die de oorspronkelijke facetten van survival-horror in ere houden. Denk aan het binnenkort te verschijnen Silent Hill: Homecoming en de Fatal Frame- en Siren-series.

Aan de andere kant staat echter de Resident Evil-reeks, die de hele hype ooit begon. Sinds Resident Evil 4 gaat de reeks steeds meer lijken op een shooter. Resident Evil 4 was al vernieuwend, maar had nog steeds niet een perfecte besturing. Resident Evil 5, die in maart volgend jaar uit moet komen op de Xbox 360 en PlayStation 3, neemt echter de besturing van Gears of War over, waardoor er nog maar weinig overblijft van het originele concept van de eerste Resident Evil. Dat is ook nodig, want er komen steeds meer en steeds snellere vijanden in de serie en daar is snellere besturing voor nodig.

Dead Space, morgen staat de review online

Andere ontwikkelaars zien sinds Resident Evil 4 weer brood in het vernieuwde survival-horrorgenre en Electronic Arts speelt daar perfect op in met Dead Space. De game speelt zich op een ruimteschip af en de vijanden bestaan uit insectachtige aliens, een vrij nieuw gegeven voor het genre dat het meestal dichter bij huis houdt. Morgen kun je bij ons de recensie lezen om erachter te komen of we hier te maken hebben met een nieuwe topper.

Survival-horrorgames bestaan in bepaalde mate al een paar decennia lang, maar sinds Resident Evil in 1996 is het een geaccepteerd genre in de videogame-industrie. Wel bestaat het gevaar nu dat het genre verscheurd wordt door een mengelmoes van verschillende invloeden uit andere genres. Of dat iets is om over te treuren, valt te bezien, want over het algemeen gezien komt het de besturing ten goede en de games worden er niet minder spannend om. Wij mensen willen graag bang gemaakt worden om even te ontsnappen uit de realiteit. Films vervulden jarenlang die behoefte, maar wat ons betreft werken games alleen maar beter!