De Game Boy, de Game Boy Color, de Game Boy Advance en de Nintendo DS. In twintig jaar heeft Nintendo met deze vier handhelds (en een aantal updates die het uiterlijk van deze systemen wat moderner maakten) deze specifieke markt goed onder controle gehouden. Sterker nog: met de Nintendo DS heeft Nintendo van handhelds zelfs belangrijkere systemen gemaakt dan de spelcomputers die we op de televisie aansluiten.

De Game Boy

It prints money!

En de Nintendo DS lijkt nog steeds niet aan stoom te verliezen. De handheld verkoopt elke maand nog steevast het beste in Japan en de Verenigde Staten. Toegegeven: het is Sony en Apple gelukt mee te dingen in de monopolie die Nintendo eerst over deze markt had. De PSP en games op de iPod en iPhone verkopen prima en dat is betreffende bedrijven aan te prijzen. Ze kiezen expres voor een andere doelgroep dan Nintendo, net zoals laatstgenoemde zichzelf opnieuw uit moest vinden om weer succes te boeken met consoles.

Toch weet ieder bedrijf en iedere gamer het eigenlijk wel zeker: Nintendo is de koning van draagbaar speelplezier. Vanaf de lancering van de Game Boy, dat met het gebundelde Tetris als zoete broodjes over de toonbank vloog, is er geen handheld van Nintendo geweest die het niét goed deed, met vreemde eend in de bijt Virtual Boy als uitzondering.

De Game Boy Advance

Zowel de Game Boy (Color) als de Nintendo DS zijn qua wereldwijde verkoop inmiddels voorbij de honderd miljoen gegaan en de Game Boy Advance heeft met meer dan 80 miljoen ook een zeer respectabele userbase. Vergeet ook niet dat Nintendo dankzij hun handhelds in zware tijden het hoofd boven water hield. De Nintendo 64 en GameCube en de software voor deze consoles verkochten niet naar verwachting, maar dankzij het indrukwekkende succes van de Pokémon-reeks bleef het geld binnenstromen. Pikachu en consorten bleven de kas goed spekken.

Vriendelijke Game Boy

Het geheim achter dit succes? Dat valt al terug te leiden uit de ontwikkeling van de allereerste Game Boy. Genoemde handheld kreeg in de eerste instantie flink wat kritiek vanuit de industrie. Het scherm zou te klein zijn en de rekenkracht van het systeem niet hoog genoeg. Wijlen Gunpei Yokoi en zijn team hadden tijdens de ontwikkeling van het rechthoekige zakcomputertje echter hele andere prioriteiten. Voor hen was een duurzame (lees: lang meegaande) handheld met een lange batterijduur en relatief lage verkoopprijs interessanter.

Deze filosofie past nu juist zo goed bij een handheld. Bij Nintendo begrijpt men dondersgoed waar een dergelijk systeem voor bedoeld is. Voor onderweg. Lange reizen, waarin het apparaat wel eens kan vallen en waar een geruime tijd geen stopcontact in de buurt kan zijn. Ouders die een Game Boy voor hun kinderen willen kopen om ze zoet te houden in de auto. Daarvoor moet een handheld relatief goedkoop zijn, tegen een stootje kunnen en de batterijen niet al te snel opraken. Daar voldoet de Game Boy helemaal aan. Wat heet: in de Nintendo Store in de Verenigde Staten ligt een Game Boy die explosies uit de Golfoorlog heeft overleefd. Het apparaat ziet er niet meer uit maar, belangrijker: hij speelt nog gewoon spellen af.

De Golfoorlog-Game Boy

Abstract?

Nintendo lijkt nooit te vergeten dat men op deze aspecten de nadruk moet leggen. Toen men in 1998 de Game Boy Color uitbracht, getuigde dat van een flinke scheut lef. Sega's GameGear, SNK's NeoGeo Pocket Color en Bandai's WonderSwam Color boden veel betere graphics en vollere kleuren dan de herziene Game Boy. Maar de GameGear ging welgeteld drie uur mee voordat hij weer opgeladen moest worden. De Game Boy Color hield het tenminste bijna net zo lang als de originele Game Boy uit. Ook de Game Boy Advance had betere hardware kunnen hebben, maar had dat de speelervaring waarvoor een handheld bedoeld was ten goede gekomen? Had het de ritjes naar de vakantiebestemming of in de bus leuker gemaakt? Bij Nintendo dacht men van niet en de verkoopcijfers spreken voor zich.

De Nintendo DS neemt dit allemaal nog een stapje verder. Nintendo moest opboksen tegen de krachtigste handheld ooit: de PSP. In plaats van een handheld uit te brengen die ongeveer even krachtig was, besloot Nintendo hun nieuwe systeem nog gebruiksvriendelijker te maken. Hoe? Door een touch-screen en bijbehorende stylus toe te voegen. Daardoor wordt het abstracte gebruik van knoppen weggehaald en verdwijnt dus ook de grens waar veel mensen die normaal niet gamen over vielen. Opeens is het spelen op een handheld voor nog veel meer mensen interessant. Door in te spelen op die nieuwe doelgroep met games als Brain Training en Nintendogs heeft Nintendo zowel oude als nieuwe gamers weten te strikken en is het, ondanks de relatief magere grafische technologie in de handheld, de competitie voorgebleven.

De DS Lite

Dan blijven we natuurlijk nog met één vraag zitten: what's next for Game Boy? Dat is lastig te zeggen. Nintendo heeft met de Nintendo DS en ook de Wii laten zien dat het moeilijk is het bedrijf vast te pinnen. Nu de Nintendo DS voor de tweede keer herzien is met de DSi lijkt het wel waarschijnlijk dat Nintendo ver klaar is met het aanpassen van hun nieuwe handheld. De Nintendo DS is nu zo'n viereneenhalf jaar uit, dus het ligt niet buiten de verwachtingen dat Nintendo binnen twee jaar een opvolger toont en wellicht uitbrengt. Hoe de spellen zich op dit apparaat laten besturen, is een raadsel, maar kijkend naar het verleden kunnen we op zeker een voorspelling doen: Nintendo's volgende handheld omarmt niet de nieuwste grafische technologie, maar gaat voor gebruiksvriendelijkheid. Dat is altijd al de succesformule van de Game Boy geweest, met dank aan Gunpei Yokoi, en dat zal het altijd blijven. Game Boy, gefeliciteerd! Op naar 2029!