20. Devil May Cry 4

De hekkensluiter van deze lijst is van een genre afkomstig wat sowieso mij niet heel erg goed ligt. Het is dan ook niet zeer verrassend dat deze op de twintigste plaats terecht komt. Maar ondanks het feit dat ik me geen uren kan vermaken met een hack & slasher is dat niet de enige reden voor deze plaats. Want er zitten gewoonweg dingen in die enorm storen, en ook een fan als minpunt zal zien.

Ten eerste is dat de enorm irritante camera, die vrijwel altijd een vast camerapunt aanhoudt. En dat is helemaal irritant als die van de rechterkant naar de linkkant van een weg heen zwiept. Want je personage gaat dan ook opeens de totaal verkeerde kant op, waardoor het nog eens wilt voor komen dat je in een afgrond valt, of een hele reeks sprongen weer over mag doen. Enorm frustrerend.

Verder besteed je toch aardig wat tijd in Devil May Cry aan het zogenaamde “backtracken”. De term houdt gewoon in wat ook in het woord staat, het voortdurend teruglopen en een andere weg pakken om meer gevecht aan te gaan. Waarom kunnen ze het leveldesign niet gewoon verbeteren en ervoor zorgen dat je gewoon je weg vervolgd? Daarnaast bevat de game nog puzzels, die aanvoelen alsof ze niet in de game horen. In sommige levels ben je meer tijd kwijt aan puzzels dan gevechten, en dat is frustrerend, zeker bij saaie puzzels. En daar zijn er nogal wat van te vinden in Devil May Cry.

Dan het enorm onlogische savesysteem, omdat je niet midden in een missie op kan slaan, maar alleen er voor of erna. Autosave is ook niet aanwezig, dus als je het nog eens vergeet na een missie op te slaan, kan je ook die hele missie opnieuw doen na het afsluiten van je console.

Maar het feit dat Devil May Cry onderaan staat, en het bovenstaasnde gezeik om de game betekent niet dat hij echt slecht is. De eindbaasgevechten zijn bijvoorbeeld zeer vermakelijk, wat eigenlijk het hele vechtsysteem is. Diepgang is er genoeg, grafisch is het absoluut niet slecht en de tussenfilmpjes zijn wel overdone, maar spectaculair. Toch red dat de game niet en verdient hij niet beter als de twintigste plaats.

19. Frontlines: Fuel of War

Frontlines, een apart geval. Voor de release was ik ervan overtuigd, dit wordt een topper. Het concept is erg goed, het speelt zich ongeveer in dezelfde tijd af als Modern Warfare, de trailers waren overtuigend en alles leek gewoon te kloppen. Totdat… totdat de demo online kwam te staan. Grafisch was het enorm anders dan de filmpjes, de besturing was ontzettend stroef, de AI was lachwekkend slecht. Toen ik erachter kwam dat als je eenmaal één van je Frontlines overgenomen hebt, dat de tegenstander hem niet probeert terug te pakken, zette ik uit teleurstelling mijn console uit. De demo had me ervan overtuigd niet te halen.

En uiteindelijk had ik dat ook niet gedaan, totdat ik tot mijn verbazing een prijsvraag gewonnen bleek te hebben. Toch een beetje niets verwachtend stopte ik Frontlines in mijn console, en kwam tot de conclusie dat de demo een goede weergave gaf van de totale game. Negatief dus. Hoewel in de totale game de graphics toch wat beter leken en de missies wat afwisselender, de AI was nog steeds barslecht en de besturing leek met die extra voertuigen zelfs nog slechter, dichtbij dramatisch kwam het. Ook werd het geteisterd met redelijk wat bugs.

Wat de game nog enigszins redde, is… nou, eigenlijk vrijwel niets. De gameplay was op zich nog wel aardig door de wapens en afwisseling. En de geluiden van de wapens zijn echt erg goed. Voor de rest valt er weinig positiefs te zeggen, terwijl het van te voren nog wel een zeer redelijke game leek. Maar nee, dat was Frontlines: Fuel of War niet en hierdoor verdient het niet beter dan de negentiende plaats.

18. The Club

The Club, door de ontwikkelaar van de Project Gotham Racing-serie en, niets anders. Juist, een third person shooter gemaakt door een ontwikkelaar die niets anders dan een goed geprezen raceserie heeft gemaakt. En nee, verwacht nou niet een game als Full Auto of Carmageddon. Gewoon een rasechte third person shooter, maar dan iets anders als we gewend zijn.

Verwacht dus ook niet taferelen als in Gears of War. Nee, een game waar The Club goed mee te vergelijken is, is vrij moeilijk. Want The Club lijkt juist een beetje terug in de tijd te gaan. Dan niet grafisch of iets dergelijks, maar op basis van de gameplay. Gewoon hersenloos knallen, dat is een beetje dat we in huidige games missen. The Club doet dan weer goed, want de gameplay is vrijwel uitstekend. Jammer genoeg gaat het voor de rest op bijna alle fronten mis.

Met als grootste minpunt de eentonigheid, vooral veroorzaakt door de grauwe, en enorm saaie omgevingen. En het ergste is dat je in sommige gamemodes zelfs rondjes moet lopen, alsof de ontwikkelaar nog in gedachte zat bij hun racegame. Niets is erger om door saaie omgevingen te lopen, en gedwongen worden het nog een keer te doen. Elementen die de eentonigheid zouden kunnen verminderen, is verschillende personages. Die zijn wel aanwezigheid, en de game beweert dat er werkelijk verschil is tussen de personages, maar als je eenmaal aan het spelen bent merk je daar dus ook helemaal niets van.

Andere elementen, als de AI of geluiden, zijn ook slecht uitgewerkt. Originaliteit in de wapens en eerder genoemde omgevingen zijn ver te zoeken waardoor het steeds minder de moeite waard word deze game nog uit de kast te trekken. Maar gelukkig zijn er een paar dingen die je misschien nog een beetje aan het twijfelen maken. Grafisch is het namelijk dik in orde en het combosysteem werkt verrassend goed. En dat is ook het enige gebied waar de vergelijking met een racegame gemaakt kan worden. Want die combo, loopt vrij snel dood en je word gedwongen zo snel mogelijk te werk te gaan. En dat is gewoonweg leuk.

The Club is dus een zeer aardige poging om het shootergenre wat anders te geven, maar op sommige punten lijkt de game gewoonweg niet af. AI is slecht en de originaliteit is alleen terug te vinden in de gameplay. Maar om het feit dat hersenloos knallen nog steeds leuk is, laat The Club in ieder geval twee games achter zich.

17. Brothers in Arms: Hell's Highway

Na zoveel jaren van ontwikkeling is de nieuwste game van de meest tactische WO2-shooter reeks in 2008 verkrijgbaar. Jaren geleden dachten we met zijn allen dat dit de beste, en vooral mooiste shooter zou gaan worden. Dat werd dus gedacht jaren geleden. In 2008 was die gedachte diep weggezonken, met toch nog een klein beetje hoop dat Brothers in Arms een aantal jaren later toch nog zou verrassen. De zeventiende plaats geeft het al aan, dat is ze niet gelukt.

Want aan vrijwel alles aan Brothers zie je dat het niet meer van deze tijd is. Grafisch kan het er nog wel mee door, maar de graphics zijn hetzelfde op de screens die we jaren geleden te zien krijgen, toen overigens verbluffend mooi. Groter minpunt is waarschijnlijk de moeilijkheidsgraad. In dit geval niet echt de schuld van de AI, meer door het leveldesign. Want echt alles word aan je voorgekauwd en de uitdaging is ver te zoeken. Bij elk gevecht is het hetzelfde ritueel: zet je teams op een plaats met cover, laat ze schieten op een groepje, zodat je als speler een enorm opvallende route neemt en ze van de zijkant neerschiet. En dat elke keer weer. Samen met het feit dat Brothers in Arms redelijk lineair is, begint het gevoel van eentonigheid snel te komen.

En als eenmaal het einde in zicht is begin je te bedenken waarom het uitbrengen van deze game zolang geduurd heeft. Want de singleplayer is allesbehalve lang, en de multiplayer is allesbehalve leuk. Nog enige pluspunten zijn het verhaal en de cutscenes, maar dan heb je het wel gehad. Wat dan wel weer aan te merken is op een cutscene, is dat iemand die vlak daarvoor dood gegaan is, in de cutscene en daarna gewoon weer leeft. Over grote fouten gesproken…

Brothers in Arms: Hell's Highway is absoluut niet de game die verwacht werd… jaren geleden. Alleen het feit dat het zich afspeelt in ons kikkerlandje is de aanschaf nog waard, maar voor de rest valt er werkelijk weinig positiefs op te merken. Waarom het dan toch drie games uit 2008 achter zich weet te houden? De verslavingsfactor. Het is gewoon leuk om die moffen, ook al is het zo makkelijk, af te knallen. Vooral in het hoofd, waar je een spectaculair filmpje van vijf seconden ziet, met meer bloed dan een hoofd. Met een granaat of raketwerper is nog leuker, vliegende ledenmaten of zelfs een lichaam zonder romp. Blijft altijd leuk! Voor eventjes.

16. Bully: Scholarship Edition

In 2007 goed ontvangen op de Playstation 2, en in 2008 goed ontvangen op de Xbox360 en Wii. En ook al zou je het niet verwachten, als deze game op de zestiende plaats staat, ook Bully werd goed ontvangen door mij. Dit is dan ook het bewijs dat 2008 gewoonweg een briljant gamejaar is. Bully is namelijk geweldig. Rockstar's opwarmertje voor het grotere werk: Grand Theft Auto IV.

In Bully speel je Jimmy Hopkins, gestuurd naar Bullworth Academy waar hij zich de gehele game zal bevinden. Een game op een school lijkt saai, maar op Bullsworth valt er genoeg te beleven. Iets wat je echter nooit verwacht in een game is dat je ook daadwerkelijk naar lessen moet. Sommige leuk, sommige minder, maar vooral de balans in moeilijkheidgraad is ver te zoeken. Waar je met scheikunde ongetwijfeld alle lessen in één keer uit kan spelen, zal je met Engels er wel tientallen bezig zijn, waardoor het gebruik van Internet wel erg aanlokkelijk word.

Maar het leukste in Bully is nog wel waar de game ook voor bedoeld is: pesten. Verwacht nou niet dat je mensen kan bedreigen met een revolver, maar eerder een katapult waar je dus papiertjes mee schiet. Daarnaast is het beste wapen gewoon je eigen vuisten. Geen messen, honkbalknuppels en dergelijke, gewoon vuisten. Of een zak knikkers, stinkbommen of een dynamietstaaf, leuk om in de wc te gooien. Afwisseling in de wapens is er dus wel genoeg.

Maar voor de rest is die juist een beetje afwezig. Heel de tijd doorbrengen op Bullsworth en zijn kleine gebied eromheen word snel saai en ook de missies worden snel eentonig. Daarnaast is het gevoel van progressie heel erg afwezig, omdat ze meestal gewoon los van elkaar staan. Saaie missies zijn ook aanwezig, als samen met je vriendin tijd doorbrengen op de kermis. Nee, op sommige punten word je gewoonweg niet vrolijk van Bully, gewoonweg de eentonigheid en saaie missies of lessen.

Daarnaast is het grafisch enorm achterhaald, en waarschijnlijk zelfs de lelijkste game uit deze top 20, inclusief de games die nog komen gaan. Waarom hierboven Bully dan toch als een erg goede game bestempeld word? De humor, de sfeer en de redelijk lange levensduur van de game. Om de eentonigheid even tegen te gaan is dit de perfecte game om hem even voor een weekje in de kast te laten staan, om vervolgens weer een dag veel plezier beleven op Bullsworth Academy.