De eerste Lode Runner verscheen in 1983. Ik speelde het enkele jaren later voor het eerst op de PC. De spelwereld bestond uit blauwe muren en witte trappen, tegen een zwarte achtergrond. Je bestuurde een wit mannetje van ongeveer dertig pixels die werd achterna gezeten door paarse mannetjes met een witte broek. Wat het allemaal precies voorstelde kon je zelf invullen. In mijn beleving was ik een boefje die probeerde geheimzinnige doosjes te stelen (wat zou erin zitten?), terwijl de politie achter me aan zat. Maar voor deze interpretatie is helaas geen ruimte meer  in de nieuwe Xbox Live Arcade-versie.

De verzorgde visuele aankleding van de Xbox Live Arcade-versie van Lode Runner laat weinig aan de verbeelding over. Egyptische tombes, donkere grotten, ijs en vulkanisch gesteente wisselen elkaar regelmatig af. Jijzelf bent een jonge knul met een gigantisch wapen om stenen mee te verbrijzelen. Een stoer halfopen jack, een hippe bril met groene glazen en futuristische laarzen completeren je look. Bepaald geen boefje dus, maar een echte held. Je vlucht afhankelijk van het thema voor robots, yeti's of mysterieuze mannetjes in een rode pij. Het oogt allemaal bijzonder verzorgd, met mooie overgangen tussen de levels, soepele animaties en veel diepte, ondanks het tweedimensionale speelvlak. Maar heel inspiratievol is het niet.

Gelukkig staat de gameplay van Lode Runner nog steeds als een huis. De unieke combinatie van actie en inzicht houdt meer dan vijfentwintig jaar nog prima stand. Aan het eigenlijke spelconcept is bijzonder weinig veranderd. En zijn weliswaar wat nieuwe spelelementen toegevoegd, maar de kracht van Lode Runner schuilt nog steeds in de basis: het wegschieten van de grond voor de voeten van je achtervolgers. Wanneer ze erin vallen zullen ze daar enige tijd in vast zitten, de enige manier waarop je tijdelijk van je opponenten verlost bent. Intussen dien je snel de goudstukken te verzamelen zonder dat je in de val loopt. Wil je dat voorkomen, dan moet je vooruit kijken, de routines van je tegenstanders doorgronden en vooral zorgen dat je alternatieven voor handen hebt.

De hoofdbrok in Lode Runner is de Journey-modus. Hierin dien je een hele reeks levels te volbrengen die al snel steeds moeilijker worden. Het aantal tegenstanders wordt opgevoerd, het aantal muren dat stukgeschoten kan worden om tegenstanders in te vangen steeds schaarser. En hoe verder je komt, hoe meer het goud niet zomaar voor het oprapen ligt. Het vergt soms aardig wat gepuzzel om uit te zoeken hoe je bij een bepaald goudstuk komt, waarna je het ook nog eens moet uitvoeren met meerdere achtervolgers op je hielen. Na een twintigtal levels wordt de Journey-modus écht pittig en kun je je behoorlijk lang stukbijten op één enkel level.

Wat in dit kader een beetje typisch is, zijn de levens. Dit klassieke concept uit het eerste Lode Runner is behouden, maar slaat eigenlijk nergens op in combinatie met de moeilijkheidsgraad. Het idee is dat je meerdere levels afrond met één setje levens en daarmee een zo hoog mogelijke score behaalt. Tussen de levels door zitten kleine puzzeltjes waarmee je nieuwe levens kunt bijverdienen. Voor de latere levels heb je echter meer pogingen nodig dan dat je levens hebt, waardoor het idee van je score meenemen en tussendoor extra levens verdienen compleet overbodig wordt. Alleen de écht goede Lode Runner-spelers zullen meerdere levels achter elkaar kunnen voltooien zonder het 'Game Over' scherm te hoeven zien. Voor de rest van de spelers was het leuker geweest dat er een cumulatieve score over al je levels werd bijgehouden zonder dat het aantal pogingen een rol zou spelen. Nu krijg je door de levens het gevoel dat je veel slechter speelt dan de bedoeling is, wat niet echt motiverend werkt.

Verder kent Lode Runner de Hang On-modus, waarin je moet proberen zoveel mogelijk goud te verzamelen in één level. Het goud keert steeds weer terug, maar naarmate je meer goud hebt zal het aantal tegenstanders toenemen. Op den duur krioelt het van de vijanden en is het vechten om elk extra goudstuk dat je nog weet te bemachtigen. In de Hang On-modus behaal je medailles, afhankelijk van de hoeveelheid goud. De bronzen medailles zijn vaak nog wel te doen, de andere vergen opnieuw behoorlijk wat inzet en concentratie. Ook hier is Lode Runner zeker niet voor watjes.

Voor wie het wat rustiger aan wil doen is er de Puzzle-modus, waarin blijkt dat er in het concept van Lode Runner een bijzonder interessante puzzelgame schuil gaat. Met de spelmechanieken uit de normale game worden uitdagende puzzels gemaakt waarin je alle goudstukken moet zien te verzamelen. Vaak vergen de puzzels een combinatie van inzicht en timing, waarbij vooral de volgorde waarin je de goudstukken pakt van belang is. De eerste paar puzzels doe je zo, maar tussen de latere puzzels zitten enkele echte breinbrekers.

Ook kent Lode Runner een uitgebreide multiplayermodus, met zowel coöperatieve als competitieve spelmodi. In de coöperatieve Journey-modus wordt de moeilijkheid enigszins gereduceerd doordat spelers elkaar weer tot leven kunnen wekken, wat het idee van levens ook iets zinniger maakt. Verder kent Lode Runner een uitgebreide level editor waarin je naar hartenlust je eigen creaties kunt maken en delen met andere spelers via Xbox Live.

Lode Runner biedt objectief gezien enorm veel waar voor je geld. De honderden levels staan garant voor uren spelplezier en rechtvaardigen op zich de vrij hoge prijs (1200 punten) die voor Lode Runner gevraagd wordt. Alleen zal deze prijs niet voor elke speler even gerechtvaardigd voelen. Een groot deel van Lode Runner is door de moeilijkheidsgraad namelijk alleen weggelegd voor de echte doorzetters, het gros van de spelers zal ergens halverwege de verschillende spelmodi stranden. In dat opzicht had Lode Runner baat gehad bij downloadbare content en een lagere standaardprijs, want de meeste spelers zullen waarschijnlijk nog niet de helft van het spel zien. Wil je gewoon even Lode Runner spelen zonder dat je direct urenlang loopt te bikkelen om voorbij de moeilijke levels te komen, dan is die 1200 punten toch wat hoog gegrepen.