Spierwitte stranden, parelblauwe zee en een zon die zo heftig op je knar brandt, dat wij Nederlanders factortje dertig moeten smeren om niet te smelten. Het eiland San Espirito is de ideale plek om je vakantie door te brengen. Althans, als je het van deze kant bekijkt. Want achter het prachtige landschap gaat een revolutie schuil waarin de guerrilla’s het regime van de corrupte overheid omver proberen te schoppen. Sleutelspeler in la revolution ben jij, Rico Rodriguez, een Mexicaans aandoende macho die gespecialiseerd is in het forceren van politieke veranderingen. Uiteraard niet met de kracht der rede, maar met een gigantisch arsenaal aan wapens en voertuigen.

Just Cause is een game in het genre waar ook Grand Theft Auto toebehoort, de free-roaming actiegame. De vrije gameplay wordt echter aangevuld met een aantal unieke eigenschappen, zoals over de top stunts en een speelwereld vergelijkbaar met die van Far Cry, alleen dan tig keer groter. Want San Espirito is gigantisch. Het land is door het water in meerdere stukken gehakt en wordt voornamelijk gevuld met bosrijk gebied, al speelt het merendeel van de actie zich af in de nederzettingen. Deze nederzettingen variëren van een paar bij elkaar geraapte huisjes, tot behoorlijk grote steden, waarin de arm der wet, voor zover je van een wet kunt spreken in een land dat door allerlei corrupte bazen bestuurd wordt, duidelijk aanwezig is.

Wanneer je aan het avontuur begint, word je vanuit een vliegtuig op San Espirito afgeworpen. Je maakt een vrije val naar beneden en komt vanuit een prachtig luchtoverzicht steeds dichter bij het land. Wanneer je bijna bij de grond bent, klap je de parachute uit en land je zacht op het warme strand. Vanaf dit moment vliegen de kogels naar je kop, iets dat bijna de hele game aanhoudt. Het schietsysteem van Just Cause is oersimpel. Je richt met een klein kruisje en zodra je in de buurt bent van een vijand, neemt het lock-on systeem het van je over en kun je door een paar keer ferm op de rechterschouderknop te drukken, kogels afvuren. Het gemak van het systeem is zowel positief als negatief. Positief in de zin dat je binnen twee seconden door hebt hoe de game in elkaar steekt, maar negatief door het feit dat in het schieten zelf geen enkele uitdaging meer zit. En laat je nu net 70% van de game vijanden neer moeten schieten.

Het verhaal van Just Cause is niet overdreven aanwezig. Via mooie tussenfilmpjes word je op de hoogte gebracht van je missie, het regime omver werpen, maar zodra je de besturing overneemt, is het aan jou om te bepalen wat je gaat doen. Op de kaart staan verschillende icoontjes weergegeven. Het uitroepteken geeft aan wat de volgende verhaalmissie is die op je staat te wachten. Ook zijn er groene en gele vlekken op de kaart te vinden. De groene vlekken zijn de guerrillaleiders en de gele vlekken zijn de riojaleiders. Bij de guerrillaleiders kun je verschillende dingen doen. Allereerst kun je met hulp van de guerrilla’s een door het regime gecontroleerde nederzetting bevrijden. Dit doe je door alle vijanden in het plaatsje neer te schieten en ondertussen met granaten wat blokkades op te blazen. Uiteindelijk vervang je de vlag van de overheid voor de vlag van de guerrilla’s en is iedereen weer blij. Hetzelfde geldt ongeveer voor de Rioja’s, alleen verover je met hen geen nederzettingen, maar pompeuze overheidsgebouwen.

Wanneer je een nederzetting of overheidsgebouw veroverd hebt, krijg je van de guerrilla- of riojaleider een bepaald aantal punten. Deze punten, apart voor beide partijen, laten je stijgen op de ladder van de desbetreffende groep. Wanneer je bijvoorbeeld twee honderd punten hebt bij de guerrilla’s, noemen ze je een Cabo. Een soort respectmeter uit The Godfather, waarbij je uiteindelijk The Don van de guerrilla’s en de rioja’s kunt worden. Het veroveren van punten doe je echter niet alleen door nederzettingen en overheidsgebouwen te veroveren, ook de extra missies die te verkrijgen zijn bij de leiders leveren San Espirito-doekoe op. Het probleem van deze missies is dat ze oer, maar dan ook oersaai zijn. Rijd naar hier, haal die vent op, lever hem weer daar af. Ga daarheen, haal die auto op, lever hem daar weer af. Alle missies zijn in een minuut of vijf te voltooien en vragen geen enkele vaardigheid van de speler. Saaier dan saai.

Dit is een probleem, omdat je met enkel de hoofdmissies in het spel niet heel lang zoet bent. Natuurlijk, om écht succesvol te zijn in de game moet je alle nederzettingen en overheidsgebouwen in je macht krijgen, en dit zijn er heel wat, maar ook dit is telkens hetzelfde riedeltje. Gelukkig bevat Just Cause enige flamboyante elementen die voor extra charme zorgen, namelijk de stunts.

Een voorbeeldje. Stel dat je missie het uitschakelen van een bepaalde hoge pief is, die met zijn auto van A naar B rijdt, maar hierbij wel ondersteund wordt door twee jeeps met afweergeschut. In de normale actiegame zou je met je eigen auto achter de auto’s aanrijden, uitstappen en met een raketwerper of ander groot gespuis, de wagen aan gort knallen. Just Cause geeft je meer mogelijkheden.

Je kunt bijvoorbeeld een auto van iemand jatten, achter de twee aanrijden en vervolgens op het dak van je auto gaan staan, naar de auto van de hoge pief springen, het stuur overnemen en de man naar een afgelegen plek rijden om hem aldaar koud te maken. Een andere mogelijkheid is om je grijphaak te gebruiken en van een afstandje, een beetje op z’n Zelda’s, jezelf aan de auto vast te koppelen. Omdat Rico van alle markten thuis is, word je vervolgens niet over het asfalt gesleurd, maar kun je met een parachute boven de auto gaan hangen en vanaf daar de aanval inzetten. Erg toffe actie allemaal die de game net wat meer elan geeft.

Tot zover, op de herhaling na dan, is Just Cause een goede game. Er zijn echter twee factoren die roet in het eten gooien en de game van topper naar de middenmoot degraderen. Allereerst de framerate. Normaal gesproken ben ik niet een gamer die het merkt als de framerate niet op 60 fps, of wat de middelmaat ook mag zijn, draait. Maar Just Cause is werkelijk verschrikkelijk op dit gebied. Wanneer je de politie achter je aankrijgt omdat je stout bent geweest, gaat het beeld op een gegeven zo erg vertragen dat je het gevoel hebt in een soort van animatieserie te zitten met te weinig plaatjes per seconde. Echter, ook wanneer je gewoon zelf met je autootje aan het scheuren bent is het beeld niet helemaal soepel. Dit neemt niet weg dat Just Cause een mooie game is. De wereld ziet er gedetailleerd uit, ademt sfeer en krijgt door de vervagingseffecten (blur) een zomers tintje mee. Met name wanneer je later in de game met een helikopter mag gaan vliegen, krijg je echt het ‘aaaaaah’-gevoel. Maar goed, dit neemt niet weg dat de framerate op de momenten dat snel handelen juist vereist is, dramatisch is.

Het tweede honderd procent minpunt is de intelligentie van de personages die in de speelwereld rondlopen, inclusief je vijanden. Want oh oh oh, wat zijn ze dom. Auto’s vliegen dwars door je heen, vijanden blijven stokstijf stilstaan als je één meter van ze vandaan staat, medesoldaten springen opeens voor je vizier als je aan het schieten bent en ga zo maar door. In combinatie met het te makkelijke richtsysteem zorgt dit ervoor dat Just Cause een game is die nooit echt lekker pittig wordt. Je kunt het jezelf enkel wat moeilijker maken door je te forceren gebruik te maken van de unieke eigenschappen zoals parachutes, gigantische sprongen en allerlei andere stunts.

Begrijp me niet verkeerd, Just Cause is absoluut geen slechte game. Het idee om in een revolutie te zitten is leuk, de verschillende voertuigen (zowel te land, ter zee en in de lucht) plezieren en de vrijheid die geboden wordt om lekker je gang te gaan, gaat nooit vervelen. Het zijn echter de fundamenten van de game die niet super in elkaar zitten, zoals de framerate, de AI en de insteek van de extra missies. En doordat het fundament niet echt lekker ligt, komt de rest van de game maar mondjesmaat echt van de grond. Tot grote hoogte komt Just Cause echter nooit, hoe hoog je ook kunt komen op de ranglijst van de revolutionairen.