Darksiders 2 is lang. Erg lang. Zo lang, dat wij na Gamescom, zelfs met dit weer, direct aan de slag zijn gegaan om de game alsnog uit te kunnen spelen. En dat bleek een lastige taak (wij zijn tot drie kwart geraakt), want Darksiders 2 lijkt aanvankelijk een traditionele videogame in iedere zin van het woord. Vooral aan het begin van de game zaten we meer dan eens vast tijdens het puzzelen. En net zoals bij veel klassieke games, kwamen we er later achter dat de oplossing eigenlijk heel simpel is.

Enkel in tegenstelling tot die lastige klassieke adventures, heb je in Darksiders na het oplossen van genoeg puzzeltjes wel door hoe ze ongeveer in elkaar steken. Dan wordt het spel, of in ieder geval het puzzelen, stukken makkelijker. Darksiders 2 oogt moeilijker en beschrijft zichzelf als meer hardcore dan het spel werkelijk is. Je rolt een balletje daarheen of gaat hier op een platform staan om verderop een poortje te openen; na verloop van tijd zijn de meeste puzzels in Darksiders 2, op de (gigantische) bossbattles en enkele uitzonderingen na, vrij simpel te doorgronden.

Hoge kwaliteit

Dat geldt vooral voor het puzzelen. Op ieder ander front is Darksiders 2 een echte gamers game.  Tijdens het spelen kom je regelmatig kerkers tegen, waarvan sommige soms wel een uur aan spelvermaak bieden. Of je gaat terug naar gebieden waar je al bent geweest, gezien je dat ene kistje met de nieuwe skill die je zojuist hebt geleerd nu wél kunt bereiken en openen. Het spel is echt een schoolvoorbeeld van hoe verslavend de opzet van de klassieke action-adventure met milde RPG-elementen kan zijn. Het is een principe zo oud als Methusalem, maar aangevuld met enkele nieuwigheden, vermakelijk voor uren aan spelplezier.

Een zo’n nieuwigheidje is dat de ruiter Death, die dit deel de rol van protagonist op zich neemt, vele malen leniger is dan zijn broertje War uit het eerste deel. Dat betekent dat hij niet blockt zoals War dat deed, maar aanvallen ontwijkt door simpelweg weg te duiken. Met een druk op de knop lanceert het personage zichzelf in een bepaalde richting, om vervolgens meteen gereed te staan om de aanval in te zetten.

Het vechtsysteem draait geheel om deze dynamiek, is dus wederom van simpele aard en leent zich met name goed voor buttenbashen, maar blijkt door het wegduiken en timen van aanvallen, leuk genoeg om nooit als inspiratieloos of repetitief aan te voelen. Bovendien kun je altijd terugvallen op je geweer, enkele toffe finishingmoves en twee talent trees met tal van vaardigheden (eindelijk, het oproepen van ondode knechtjes!).

Bored to death

De acrobatiek van Death leent zich tevens goed voor andere segmenten van het spel, waarin hij al zwiepend en springend gebouwen en balken beklimt en over muren rent. Wat later krijgt het personage de beschikking over de Ghost Hand, waarmee hij zich naar voorwerpen toe kan trekken. Darksiders II stikt van deze adventure-achtige stukjes gameplay. Ze zijn vermakelijk, hoewel ook deze spelstukjes na verloop van tijd vrij snel te doorgronden zijn. Desalniettemin gaan ze gepaard met afwisseling, wat Death een personage met veel meer charmes maakt dan War.

Maar let wel, dat is enkel een verdienste van zijn lenigheid, niet van zijn karakter. Natuurlijk hoeven we niet uit te leggen dat Death, de nieuwe protagonist, een van de vier ruiters van de Apocalyps is. Toch heeft het verhaal weinig met die Bijbelse insteek van doen - net als het eerste deel. In dit vervolg moet het kille hoofdpersonage zijn broer War redden, die terechtstaat bij de allerhoogste raad in het universum voor het verstoren van de ‘relatie tussen goed en kwaad'. Death gelooft in zijn onschuld, maar moet om dat aan te tonen eerst de balans in het universum herstellen en het van een nieuw opgerezen kwaad ontdoen.

In Rome, toen we Death voor het eerst in een previewsessie in actie zagen, stelden we al dat het ’t hoofdpersonage ontbreekt aan de charme van ‘de Dood’: Death is niet zo bad-ass. Waarom duikt hij weg voor mini-aanvalletjes? En waarom heeft hij een bekakte, ingetogen stem? Hij is de Dood! Niemand is zo superieur en oppermachtig als de Dood, maar Death straalt dat overwicht niet uit, zowel met zijn psyche als fysieke voorkomen. Zelfs na al het levelen, het verslaan van gigantische eindbazen en de items die je hem hebt geschonken, is van een band met Death niet echt sprake. Veel potentie in het verhaal is zodoende onbenut gelaten, wat het narratief op enkele leuke en verrassende segmenten na niet memorabel maakt. Misschien moet Death eens op de thee gaan bij Kratos.

Gaat mee tot de dood

Dat je je niet echt de Dood waant, neemt niet weg dat Darksiders 2 je gelijk in zijn grootse wereld opzuigt. Dat is juist waarin het spel excelleert. Niet alleen door de doeltreffende en eindeloos vermakende combinatie van puzzelen, adventuren en actie, ook door de prachtige omgevingen die je continu doorloopt of -rijdt met je paard Despair. Klamme tombes, besneeuwde kastelen, ondergrondse lavagrotten, brandende bossen en groene weides: dit tweede deel wisselt omgevingen in hoog tempo af zonder dat daarbij het oog voor detail ontbreekt.  Dat maakt de wereld van Darksiders 2 naast een hele diverse, er tevens eentje die niet vervelend is om naar te kijken.

Het is knap dat Vigil Games een vervolg heeft ontwikkeld dat niet alleen uitbreidt op de fundering, maar die ook op enkele vlakken aanpast en zo verbetert, al zijn die veranderingen subtiel. De actie is dankzij de acrobatische moves net iets leuker dan in het eerste deel, de twee nieuwe skill trees en hun bijkomende vaardigheden maken het vervolg een betere action-adventure en in kwantitatief opzicht doet dit tweede deel er met meer kerkers en verstopte kistjes nóg een schepje bovenop.

Darksiders 2 is in die zin milde evolutie en zeker geen revolutie. Omdat dit een geweldige ervaring verder niet in de wegstaat, is dat geen groot gebrek. Darksiders 2 speelt het te erg op safe om voor een  hoger cijfer in aanmerking te komen, maar levert daarmee wel een gepolijste en lekker te doorlopen totaalervaring af. En het is er bovendien eentje waarmee je je ouderwets lang kunt vermaken. Of gewoon tot de dood jullie scheidt.