Sam Fisher heeft in een diepe dip gezeten. Terwijl Ubisoft miljoenen euro’s verdiende met het digitaliseren van zijn leven, verloor de superspion zijn dochter. Het leven van Sam is grauw en hij staat op het punt een tijdje verlof te nemen. De NSA heeft echter net een nieuwe opdracht binnen gekregen, waarvoor men een NOC-agent in moet zetten. NOC staat voor non-official cover operative, ofwel een agent die undercover gaat en wanneer hij opgepakt wordt niet door de overheid als burger getypeerd wordt. Gretig als Fisher is, besluit hij zijn goggles weer uit de kast te trekken en zich vol op de missie te gaan storten.

De nadruk in Splinter Cell: Double Agent ligt op ethiek. Nu hoef je niet te filosoferen over het juiste handelen, maar spelen de keuzes die je maakt wel een grote rol. Als dubbelagent infiltreer je in een terroristische organisatie (de JBA, John Brown’s Army) om van binnenuit meer informatie te vergaren en jezelf toegang te verschaffen tot allerlei personen die normaal gesproken onbereikbaar zijn. Als nieuweling moet je het vertrouwen winnen van de terroristen, ze laten je namelijk niet zomaar binnen. Dit vertrouwen kun je op meerdere manieren krijgen. In het begin van de game krijg je in een kamer met drie andere terroristen de opdracht om een lukrake persoon neer te knallen. Aanvaard je de opdracht om het vertrouwen te winnen of laat je de arme ziel in leven? Double Agent probeert de nadruk te leggen op het menselijke en je de beste man als meer dan enkel wat nulletjes en eentjes te laten zien.

Sam Fisher als dubbelagent betekent dat je niet altijd meer rondloopt in je traditionele zwarte klimpak met nachtkijker. Fisher wordt gekleed afhankelijk van de locatie en situatie. Zo krijg je tijdens de missie in de zee van Okhotsk een mooi wit, ijswerend pak aan en loop je in de straten van Kinshasa enkel met een legerbroek, t-shirt en zonnebril op je kop. Leuk detail is dat je de zonnebril net als je nachtkijker (die je uiteraard hier niet bij je hebt) op je hoofd kunt zetten om de wereld wat donkerder te maken.

Een toevoeging aan het actiemateriaal van de Splinter Cell serie is het skydiven. Tijdens de zojuist genoemde missie in de zee van Okhotsk, moet Fisher uit een vliegtuig springen en in de buurt van een tanker in zee plompen, om vanaf hier de overname van de tanker in gang te gaan zetten. De parachute blijkt tijdens de sprong echter niet te werken en je moet in een recordtempo de extra miniparachute openklappen, anders val je te pletter. Als je de parachute open wilt klappen, moet je een mini-game spelen, waarin je op dezelfde wijze als dat je sloten openmaakt (met de analoge stick heen en weer gaan en op basis van de trilling de juiste positie kiezen) de parachute los moet zien te krijgen.

Vanaf hier begint de echte Splinter Cell-gameplay uiteraard pas. De basis van de game is gelijk gebleven, wat betekent dat je nog steeds het beste voor de stealth-aanpak kunt gaan en je middels klim- en klauterwerk het nodige geweld kunt vermijden. Double Agent kent veel meer vrijheid dan de eerste drie games stelt je per level in staat om op meerdere manieren van A naar B te komen. In de straten van Kinshasa kun je er bijvoorbeeld voor kiezen om over de grond naar je doel toe te komen, maar met de burgeroorlog die er gaande is, aarzelen de twee groepen geen seconde om alles dat maar beweegt aan gort te schieten. Zelfs een ruige persoonlijkheid als Sam Fisher is hierop geen uitzondering. De andere optie is om via de daken te klimmen en soms een verdwaalde militant om te leggen, maar wel de chaos te omzeilen.

Het arsenaal aan bewegingen is uitgebreid en tijdens de zeemissie van Okhotsk moet het zelfs mogelijk zijn om een gat in het ijs te trappen, onder water naar de vijand toe te zwemmen, deze vervolgens in het water te trekken en te verzuipen. Uiteraard kun je nog steeds gebruik maken van je geliefde mes en vijanden in een oogwenk omleggen door hun keel door te snijden of ze in hun buik te steken. Anders dan in de vorige Splinter Cell games, heeft Double Agent geen Heads-Up Display (HUD). Je kunt aan de hand van een lampje op de schouder van Sam zien of je ongezien bent (groen), gezien bent (geel) of overal gezocht (rood) wordt. De grote en soms ietwat zinloze balk onderin is dus verdwenen.

De grafische pracht is vanaf deel één een groot kenmerk en pluspunt van de Splinter Cell serie geweest. Double Agent is hierin niet anders met groots opgezette omgevingen, extravagante locaties en een grafisch detail waar je U tegen zegt. In de straten van Kinshasa vliegen bijvoorbeeld niet alleen de kogels om je horen, maar is het ook goed mogelijk dat je op de vlucht moet voor een opgeblazen bus die je richting op komt. De explosies, animaties en personages zien er fabuleus uit en zeker op de Xbox 360 laat Double Agent zien weer een echte grafische killer te worden.

Splinter Cell: Double Agent lijkt een karakteristieke game in de Splinter Cell serie te worden, die ondanks het feit dat ‘ie net wat anders in elkaar zit dan de andere games (het dubbelagent-concept vernieuwt de serie duidelijk), wel weer de ouderwetse Fisher-kwaliteit aan ‘voorzichtige’ stealth-gameplay bevat. Splinter Cell: Double Agent komt in september uit voor de GameCube, PC, Playstation 2, Xbox en Xbox 360.