Het verhaal van Need for Speed: The Run draait om ene Jack die meedoet aan een illegale 200-man tellende race van San Francisco naar New York. Waarom Jack de hoofdprijs van 25 miljoen dollar zo graag wil winnen dat hij zijn leven er voor wil wagen: geen idee. Het dient in ieder geval als kapstok om de verschillende point-to-point races aan elkaar te koppelen. We hebben er twee gespeeld: Run to the Hills en Buried Alive, en hoewel het in beide gevallen om het inhalen van je tegenstanders gaat, leverde het twee totaal verschillende ervaringen op.

Werk aan de winkel

Zodra het Desert Hills-level start zien we de camera door een bergachtige omgeving in de woestijn zwieren, die prachtig in beeld wordt gebracht dankzij de Frostbite 2-engine, dezelfde engine die Battlefield 3 van alle pracht en praal voorziet. Ons doel in deze omgeving is om op te klimmen tot de 140e plek, wat inhoudt dat we tien tegenstanders moeten passeren voor de finish. Hoewel er wordt gedaan alsof het een aangeraden doelstelling is, blijkt het in de praktijk een harde deadline: red je het niet, dan faal je.

We trappen het gaspedaal van onze Porsche GT3 hard in en halen al snel de eerste paar tegenstanders in. De auto laat zich weer op een arcade-achtige wijze over de baan heen sturen, waarbij je je weinig zorgen hoeft te maken over grip en onder- en overstuur. Constant het gaspedaal ingedrukt houden werkt echter niet, merken we als we door de nauwe canyon rijden. We raken enkele keren hard de muur en stuiten op wat rotsen, waarna we weer op snelheid moeten komen. Even van het gas of zelfs de rem gebruiken is een betere tactiek. Maar net wanneer we denken dat de ontwikkelaar gewoon bescheiden was toen het de besturing van zijn spel nog niet goed genoeg noemde, begint onze Porsche na een flinke sprong raar over de baan te dwarrelen. Oncontroleerbaar vliegen we tegen een paal op en we beginnen te vrezen voor een slechte afloop.

Een nieuwe terugspoelfunctie treedt echter in werking en plaatst ons een stukje voor het ongeval weer op de baan. Dit gebeurt niet in real-time, maar werkt met een checkpoint-systeem. We besluiten de sprong met een iets lagere snelheid te nemen, maar een tegenstander beukt net op dat moment een tegenligger. De tegenstander rijdt door maar de tegenligger wordt als een kartonnen doos aan de kant gezet, precies voor onze wagen. Weer liggen we in de kreukels en weer worden we op hetzelfde punt als na de eerste crash gezet. Nog een keertje proberen dan maar. De ontwikkelaar belooft ons dat er in de uiteindelijke versie een limiet komt op het aantal pogingen, ook wordt er nog geschaafd aan de collision-detectie.

Heftig en intens

De Desert Hills-race was al een vrij intense ervaring, maar met Buried Alive gaat de knop op standje elf. We razen nu over een kronkelig ijzig bergpad achter slechts één tegenstander aan, maar dat is niet de enige tegenstand die je tegenkomt. Ondertussen worden namelijk lawines veroorzaakt en dus mengt de natuur zich ook in het strijdgeweld. De grote klompen ijs vallen op de baan en stuifsneeuw ontneemt ons regelmatig even het zicht. We zijn blij dat we even kunnen bijkomen door een tunnel in te rijden. Het blijkt een klein voorproefje te zijn geweest op wat komen gaat, want zodra we de tunnel uitrijden begint het beeld te schudden en slaan gigantische rotsblokken als kometen in op de weg die voor ons ligt.

We hebben nu geen tijd meer om ons op de tegenstander te focussen, aangezien we alle zeilen bij moeten zetten om door de verraderlijke omgeving te komen. Het is geen race meer, het is een pure overlevingsstrijd geworden! Met het zweet in onze handen slalommen we nu over de baan. Het heeft door het regelmatig moeten herladen van het laatste checkpoint wat weg van trial-and-error-gameplay. Uiteindelijk bereiken we vlak voor een gigantische lawine een veilig onderkomen in de vorm van een tunnel en leggen we puffend de controller neer. Het is misschien scripted opgezet, de intense beleving die het biedt is fantastisch.

Nieuwe generatie

We hebben respect voor het lef dat EA Black Box met Need for Speed: The Run toont. We zijn dan wel geen fan van de tussenfilmpjes, met de actie op de weg lijkt het wel goed te zitten. De opmerking dat de Fast and the Furious-reeks eerst ook puur om auto’s draaide en nu meer een actiefilm is geworden slaat de spijker op de kop: de markt verandert en simpel rondjes rijden is niet meer voldoende voor het publiek dat zo’n spel moet aanspreken. Hoeveel ervaringen als de Burried Alive-race er uiteindelijk in het spel komen te zitten, blijft afwachten, maar we zijn nu in ieder geval alvast een stuk positiever gestemd over Need for Speed: The Run.

Volg de Gamescom 

op Gamer.nl