Neem een kale woestijnwereld, vergelijkbaar met de vlaktes van de recentere Fallout-games, drop er een stel aftandse automobielen en lompe wapens in, en je hebt een groot deel van de opzet van Mad Max. Ja, een open-wereld game dus, het genre dat tijdens de afgelopen E3 bijzonder goed vertegenwoordigd was. Naast het feit dat het in dit geval om een next-gen game gaat (al komt Mad Max ook naar de PlayStation 3, Xbox 360 en de PC), is er nog een goede reden om dit spel goed in te gaten te houden: ontwikkelaar Avalanche Studios was eerder verantwoordelijk voor de twee Just Cause-games. De laatste daarvan werd bepaald niet slecht ontvangen, en wordt momenteel vooral op de PC nog behoorlijk veel gespeeld dankzij uitgebreide mod-mogelijkheden.

Enorm toevallig is het trouwens niet dat Warner Bros. opdracht heeft gegeven tot de ontwikkeling van een Mad Max-game. Eind dit jaar moet er namelijk een vierde film in de geliefde reeks verschijnen, als de ontwikkeling daarvan een beetje meezit. Het aanstaande spel heeft daar qua opzet in elk geval niets mee van doen. Sterker nog, vooralsnog lijkt alleen de setting en de naam van het titelpersonage overeen te komen: er is al enige controverse ontstaan over het feit dat Mad Max in de game met een duidelijk Amerikaans accent spreekt, in plaats van met het oorspronkelijke Australische.

Steviger, sneller, beter

Hoe dan ook, tijdens de sessie maken we kennis met een virtuele Max en zijn misvormde maatje Chumbucket. Het duo scheurt rond in een uit bij elkaar geraapte onderdelen opgebouwde auto, de Magnum Opus, aangezien de iconische Interceptor is gestolen. Tijdens de zoektocht naar Max' oorspronkelijke auto kun je op verschillende manieren aan het alternatieve scheurmonster sleutelen, al is het niet mogelijk om de ultieme wagen samen te stellen. Door bepaalde bepantsering, motorisering of banden te monteren kun je 'm steviger, sneller of beter bestuurbaar maken, maar je zult daarin altijd compromissen moeten sluiten. In totaal zijn er ongeveer vijftig soorten voertuigen in de game aanwezig, voorzien van onderdelen die jij kunt veroveren en in de Magnum Opus kunt verwerken.

De ontwikkelaars stellen dat de nadruk ligt op physics, en dat is al tijdens de eerste rijdende meters in de eindeloze woestijn te merken. Zowel de Magnum Opus als de al snel opduikende voertuigen van vijanden deinen op realistische wijze over de oneffen, onverharde wegen. Bij het betreden van heuvels en grote stenen beweegt de auto vanuit de ophanging mee zoals je dat in het echt zou verwachten, inclusief zichtbaar functionerende veerpoten. De diepgaande physics moeten vooral tot uiting komen bij het rammen van eerdergenoemde vijandige auto's, al kunnen we dat helaas niet zelf uitproberen. We zien hoe Max en Chumbucket afrekenen met een groepje door ze één voor één van de weg te rammen, vervolgens een tankwagen opblaast en een onderdeel uit het schroot vist voor eigen gebruik.

Knallen achter het stuur

In de hele handeling komen in beperkte mate ook wapens voor. Zo springt op een zeker moment een vijand op de auto van Max, die hem op zijn beurt doodleuk met een schot hagel uit zijn afgezaagde shotgun gedag zegt. En alvorens de tankwagen te vernietigd is, bemant Chumbucket een harpoengeweer om het grote voertuig tegen te houden. Toch zien we pas meer wapengebruik wanneer Max in een volgende scène uitstapt bij een heuvel met uitzicht op een enorme poort. In eerste instantie schakelt hij een patrouilleerde vijand uit door 'm van achter de keel door te snijden, voor de toesnellende volgende pakt hij een Thunderstick op – een vechtstaf voorzien van een elektrocuterend uiteinde, waardoor het slachtoffer in duizend bloedige stukjes uiteenspat.

Eenmaal de top van de heuvel bereikt en een sniper rijker gebruikt Max een gespannen kabel om terug naar de auto te tokkelen en achterin de laadbak te klimmen. Vanuit de dekking van zijn eigen auto richt hij de telescoop op de reusachtige poort in de verte. Na enige observatie vuurt hij een kogel af op een explosieve ton nabij één van de wachters, waarna de hel losbreekt en er massaal op het duo gevuurd wordt door de andere vijanden rondom de poort. Max schakelt er nog een paar uit met de sniper rifle, waarbij een fataal schot op het hoofd resulteert in een bullet time-achtige weergave, om vervolgens achter het stuur van de Magnum Opus te kruipen, het gas vol in te trappen, de kogelregen de ontwijken en dwars door de deuren van de poort te beuken.

Het laatste tafereel klinkt misschien wat generiek, maar maakt op audiovisueel vlak veel indruk. Het vijandig vuur wordt met flitsende effecten op het scherm gebracht, terwijl het luide motorgebrul van de Magnum Opus voor kippenvel zorgt. De actievolle presentatie geeft je nadrukkelijk het gevoel dat je met een next-gen game te maken hebt. Juist qua ervaring hebben we daarom hoge verwachtingen van Mad Max, ook als je geen puristische fan van de films bent. Sterker nog, in dat geval is het Amerikaanse accent van Max misschien juist een dealbreaker. Aangezien de game pas ergens in 2014 zal verschijnen, hebben we nog tijd zat om daarover te twisten.