Afgelopen week werd Call of Duty: Modern Warfare 3 gelanceerd, een game die gepaard ging met recensies die nogal wat stof hebben op hebben doen waaien. Want ondanks dat er in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk op de eerste dag meer dan zes miljoen mensen exemplaren van zijn verkocht, word je er als criticus keihard op afgerekend als je zegt plezier te beleven aan de game. Modern Warfare 3 zou volgens de gepassioneerde community te veel op zijn voorganger lijken en te weinig vernieuwing brengen.

Dat hij op zijn voorganger lijkt, daar ben ik het absoluut mee eens. Maar om het spel daarom maar neer te sabelen, gaat me te ver. In mijn ogen moet je een game meten op basis van het plezier dat je eraan beleeft. In het geval van Modern Warfare 3 loop ik weer als een idioot te spelen en geniet ik van elke kill die ik maak. Dankzij de aanpassingen op het gebied van Killstreaks en het levelen van je wapen en door de aanwezigheid van zestien nieuwe maps, is het in mijn ogen toch weer een aankoop waard.

Het is niet vernieuwend, wel vermakelijk. Tegelijkertijd moet je je afvragen of het kritiekpunt ‘geen vernieuwing’ wel helemaal terecht is. Want laten we eens eerlijk zijn en kijken naar de andere topgames van dit najaar. Uncharted 3 bijvoorbeeld. Dijk van een game, maar vernieuwend? Nee, het is gewoon een nieuw avontuur. Battlefield 3 dan? Weinig vernieuwend. Wel verbeterd ten opzichte van zijn concurrentie, door een engine waar je U tegen zegt. Dark Souls dan? Demon’s Souls, maar dan uitgebreider, niet vernieuwend. Batman: Arkham City? Dat is gewoon Batman: Arkham Asylum in een grotere stad en met meer vijanden. En Skyrim dan? Oblivion met een betere engine en een groot aantal verbeteringen.

Er is bij de grote blockbusters van het najaar geen vernieuwing te vinden, dus waarom zouden we enkel en alleen Call of Duty daar op moeten afrekenen? Vernieuwing is in mijn ogen een term geworden die te pas en te onpas wordt gebruikt. Wie vernieuwing wil in een game, zoekt eigenlijk iets anders. Als Modern Warfare 3 heel anders was geworden, dan was het geen Call of Duty meer, maar had de game als Battlefield door het leven gegaan.

Nee, echte vernieuwing vind je niet bij de blockbusters. Die vind je bij dingen die je als core gamer eigenlijk niet wilt. Wii Sports was vernieuwend, omdat je daarin het gevoel kreeg zelf een balletje te slaan, maar hoe snel was je daarmee klaar? Kinect is ook vernieuwend, maar of je daar nou zo gelukkig van wordt, is nog maar de vraag. Het enige waar ik persoonlijk echt blij van word, is de vernieuwing die je vindt bij games op de iOs-apparaten en binnen indiegames. Een spel als Tiny Wings is in mijn ogen een goed voorbeeld van een vernieuwende en vermakelijke game. Het is de combinatie van de touchscreen en de simpelheid (laat je vogel vliegen door snelheid op te bouwen) die deze game uniek maakt. Precies, dat is nu wat echt vernieuwing is, hoe knullig het ook mag klinken. Liggen we er wakker van? Nee, want het is ‘maar een iPhone-game’…

Vernieuwing is daarom ook een overgewaardeerd begrip. Als ik kijk naar dit najaar, dan vermaak ik me ongelofelijk goed met de blockbuster-games die ik al eerder heb genoemd. Allemaal bieden ze mij wat ik ervan verwacht, zonder dat ze me enorm verbazen. Het gaat bij games om de tijd die je er aan besteedt en hoeveel plezier je daaraan beleeft. In die zin kun je de game-industrie steeds meer met de filmindustrie vergelijken. Een film als Iron Man 2 (het equivalent van een blockbuster-game) is niet iets wat je aanzet tot nadenken, maar het is wel vermakelijk om naar te kijken. Wil je meer dan dat, dan ga je naar een filmhuis (of zoek je een indiegame).


Over de auteur: Jelle van Es is de hoofdredacteur van InsideGamer, de grootste gamesite van Nederland.