Meestal zijn jetlags een van de grootste nadelen van het reizen van lange afstanden. Maar als je iedere ochtend rond zeven uur lokale tijd uit je bed moet voor een volgend bedrijfsbezoek dan is een biologische klok die denkt dat het eigenlijk al een uur ‘s middags is een godsgeschenk. En dus staan wij iedere dag vol goede moed op om weer een nieuw bedrijf of universiteitslab te bezoeken.

MIT Media Lab

Dag twee van het bezoek aan Boston draait opnieuw om het Massachusetts Institute of Technology, een van de meest gerenommeerde universiteiten van de wereld. De hoofdlijn van de dag speelt zich af in een stijlvol nieuw gebouw op de MIT-campus, waar het Media Lab gevonden kan worden. Het MIT Media Lab is misschien wel een van de belangrijkste technologielabs in de wereld, waar bijna niemand van af weet, maar dat sinds de oprichting in 1985 toch van groot belang is geweest bij de uitvinding van veel vernieuwende technieken. De filosofie die in het lab aangehouden wordt is de vrijheid om dingen te proberen. Verschillende grote technologiebedrijven sponsoren het lab, maar nooit wordt er specifiek voor hen ontwikkeld. In plaats daarvan is het intellectueel eigendom dat in het Media Lab ontwikkelt wordt voor alle sponsoren, en probeert het dingen uit op het gebied van nieuwe besturingsmethoden, televisies, robotica en zelfs speelgoed.

De verborgen invloed die het Media Lab heeft gehad op ons blijkt wel uit en rondleiding langs de verschillende onderzoeksruimtes, welke overigens allemaal in hun geheel vanuit de centrale hal van het gebouw te bekijken zijn. Zo heeft het lab onder andere gewerkt aan de ontwikkeling van Lego Mindstorms, het robot bouwpakket dat zelfs door veel universiteiten nog gebruikt wordt omdat het zo goed werkt, EInk, de technologie achter E-Readers zoals de Amazon Kindle, en zelfs de techniek achter Guitar Hero. Al met al lopen er momenteel ruim driehonderd projecten in het lab. Van enkele van die projecten kregen wij vandaag een demonstratie.

Nieuwe speeltjes

Sinds het verschijnen van de film Minority Report zijn veel mensen geïnteresseerd in het produceren van een computerscherm dat net zo goed met de handen bediend kan worden als de futuristische computers in de film. Ook bij het Media Lab zijn ze hier mee bezig, wat niet zo verwonderlijk is als je nagaat dat een van de oud-medewerkers van het Media Lab het scherm in de film heeft bedacht. Terwijl de bedenker inmiddels een eigen bedrijf heeft om een peperdure werkende versie van dit systeem te produceren (Oblong) wordt binnen het Media Lab gewerkt aan een goedkopere en vooral draagbare variant. Bij Sixth Sense, zoals deze technologie gedoopt is, draagt de gebruiker gekleurde dopjes op de vingers en een kleine projector om de nek. Met handgebaren kan  de gebruiker zo de projector aansturen, die bijvoorbeeld bepaalde informatie op de arm kan projecteren.

Een ander grappig speeltje dat momenteel in ontwikkeling is, is Siftables. Deze verschillende losse blokjes met een lcd-scherm weten dat ze naast elkaar liggen, waardoor verschillende spelletjes gespeeld kunnen worden. De simpelste toepassing is hiervan is het naast elkaar leggen van blokjes om sommen op te lossen, maar bij een uitgebreidere variant konden de steentjes gebruikt worden om aan een klein kind een interactief verhaal te schrijven. Andere technieken die gedemonstreerd werden waren een vervanger voor de streepjescode met behulp van een lichtje en een iPad toepassing die een tv-beeldscherm kan uitbreiden met andere camerahoeken zodat je bijvoorbeeld een specifieke auto kan volgen tijdens een Nascar-race.

Leren met gamen

Het tweede bezoek van de dag vond plaats in hetzelfde gebouw als het Media Lab. Ditmaal bezochten we echter het Scheller Teacher Education Program, een opleidingsprogramma dat MIT-studenten opleidt tot wis-, schei- en natuurkunde en biologiedocenten. Naast dit opleiden is het programma echter ook bezig met het ontwikkelen van verschillende games die kinderen helpen meer interesse te kweken voor beta-vakken. Zo speelden we met Beetle Breeders, een mobiele browser-game die kinderen leert over genetica door ze virtuele kevers te laten paren, StarLogo TNG, de opvolger van het spelletje Logo dat veel mensen van mijn generatie ongetwijfeld nog zullen kennen van de basisschool waarin een schilbad met computercommando’s aangestuurd kon worden, en een Alternatieve Realitygame die kinderen moet motiveren wetenschappelijk te denken.

De games van het Scheller Teacher Education Program zijn misschien niet heel revolutionair of zelfs voorzien van hele hoge productiewaarden, maar dat hoeft ook niet. Het programma toont namelijk vooral de potentie aan van games als meer dan alleen vermaak. Veel kinderen hebben moeite met beta-vakken en kunnen niet goed een verbintenis vinden met de echte wereld. En dat terwijl het spelen van spellen juist een heel natuurlijke manier is van leren. Serious games, zoals leerzame games genoemd worden, hebben juist de potentie dit te combineren en het is goed om te zien dat er projecten zijn die hier serieus mee bezig zijn.

Dag 3

Na een kort avondje stappen, waarbij we in een kroeg belandden waar het Britse punkbandje The Futureheads (die ooit doodleuk op Glastonbury stonden) gratis bleken te spelen, was het de volgende dag tijd om met de bus richting het bedrijf InterSense te rijden. Tijdens de een klein uur durende busreis werd duidelijk hoeveel grote bedrijven er wel niet in deze regio liggen. Zo kwamen we voorbij Adobe (Photoshop, Acrobat Reader) Autodesk (3D Studio Max waarmee veel 3d modellen gemaakt worden) en Symantec (Norton Anti-Virus). InterSense zal allicht wat minder bekend klinken, maar dat maakte het bedrijf absoluut niet minder interessant.

Bij de eerste indruk lijkt InterSense heel erg op XSens, een bedrijfje uit Enschede dat pakken maakt die exact beweging kunnen meten voor films en games (daarover plan ik nog een keer een artikeltje te schrijven, mocht het iemand interesseren). Toch is InterSense redelijk anders. Het bedrijf houdt zich weliswaar bezig met het ontwikkelen van beweginssensoren maar bied hiervoor geen enkele toepassingen. Bovendien richt InterSens zich minder op de entertainment markt en veel meer op de (militaire) simulatiemarkt. De meetinstrumenten van InterSense zijn zeer nauwkeurig (de meeste bewegingssensoren krijgen na enkele minuten van gebruik een flinke afwijking). De sensoren van InterSense zijn zelfs zo nauwkeurig dat wanneer deze aan een schoen bevestigd worden iemand een rondje door een heel gebouw kan lopen en precies op dezelfde plaats terug kan komen als waar deze was gestart.

Een andere techniek die getoond werd met behulp van de sensoren was de Virtual Camera. Deze camera kan in de echte wereld bewogen worden om zo in een virtuele wereld te filmen. Op deze manier zijn films als Avatar gemaakt, waarbij de regisseur door enkel naar het groene scherm te kijken onmogelijk kan bepalen hoe alles er op film uit zal komen te zien. Het feit dat Hollywood de camera reeds gebruikt zegt genoeg over de nauwkeurigheid er van en ook voor gamesbedrijven, die zich vaak met filmpjes willen presenteren is een dergelijke camera een nuttige toevoeging. Overigens valt het te hopen dat de meeste bedrijven die we bezoeken zo enthousiast zijn om ons te ontvangen als InterSense. Een dergelijke studiereis kan immers nogal eindigen in het luisteren naar PR-praat en onbeantwoorde vragen, maar InterSense gaf zelfs op de meest kritische vragen eerlijk antwoord en nam ons serieus als studenten. Al met al een geslaagd bezoek.

Harvard

Hoe anders was Hyposurface, een soort scherm dat in plaats van het tonen van pixel van vorm kan veranderen. Hoewel het concept van het ding best interessant is, blijkt de presentatie een stuk minder. Hyposurface is namelijk bedacht door een architect annex kunstenaar van het MIT die via zijn eigen bedrijf probeert het scherm te verhuren. De beste man bleek echter vooral een kunstenaar en zijn college dat we op het MIT volgden sloeg al snel om naar onverstaanbaar gepraat over ballet en natuurgeluiden. Kunst is op zich prima maar het werd er na het einde van de presentatie niet duidelijker op of het scherm bedoeld was als commerciële toepassing of als kunstproject.

Gelukkig scheen na de presentatie de zon, waardoor het in Cambridge een heerlijke temperatuur was. En na drie dagen het MIT bezoeken werd het tijd om in onze vrije tijd naar die andere grote universiteit in de buurt te gaan; Harvard. Tijdens het concert van The Futureheads de vorige avond had een van mijn reisgenoten een rondleiding van de barman geregeld en dus vertrokken we met een grote groep naar de “beste” universiteit van de wereld. De campus van Harvard is in een woord prachtig en dankzij onze toegewijde gids kregen we een goed beeld van het leven rond de universiteit. Ook het plein bij Harvard bruiste van het leven en in de lokale bierbrouwerij was er zowaar eens Amerikaans bier dat wel te drinken was. Met MIT en Harvard is Cambridge een fantastische plek en Boston en omstreken hebben dan ook het hart gestolen. Morgen vertrekken we naar New York en zullen we zien of de Grote Appel in hetzelfde zal slagen.

Gijs van Veen is naast redeacteur van Gamer.nl student Human Media Interaction aan de Universiteit Twente. Met een groep van 28 studenten bevindt hij zich momenteel in de Verenigde Staten om aldaar een twintigtal bedrijven en universiteiten te bezoeken. Meer weten? Ga naar www.pixel2010.nl of volg Gijs op Twitter via @Daeda88. Bekijk de rest van het verslag op http://www.gamer.nl/user/daeda/blog