Met 25 miljoen spelers is Warface vooral in andere landen een groot succes. De browserknaller van Crytek neemt daar geen genoegen mee en probeert nu ook in West-Europa de harten van berooide gamers te veroveren, bijvoorbeeld op de Xbox 360. Laten we wel zijn, een free-to-play-titel van hoge kwaliteit zou in Nederland vrij moeiteloos voet aan de grond moeten krijgen. Maar goed, ‘een free-to-play-titel van hoge kwaliteit’, daar ga je al…

Warface

Het idee is gemakkelijk aan vrienden te pitchen: een gratis multiplayer-shooter van de makers van Crysis met zowel een competitief als coöperatief gedeelte, en in beide voert knallen de simplistische boventoon. Bovendien is Warface een aantrekkelijke game om uit te proberen: als je Warface uit de Xbox Store trekt, kun je na het updaten van de cliënt en het maken van een account (klusje zo geklaard) direct aan de slag. Natuurlijk kun je een trits aan tutorials doorlopen, maar wie enigszins bekend is met consoleshooters, kan ook zonder uit de voeten.

Wel of geen diepgang?

In tegenstelling tot in veel soortgelijke shooters, is de co-opmodus in Warface eens niet het ondergeschoven kindje. Dagelijks wordt de game aangevuld met drie unieke co-opmissies die variëren in moeilijkheidsgraad. Natuurlijk, de opzet verschilt per dag niet radicaal, maar het is een aardige geste, zeker voor de terugkerende speler.

De vraag is alleen of de terugkerende speler op frisse co-opmissies zit te wachten.  De kunstmatige intelligentie is slecht, de opzet van de levels is na tig keer spelen niet meer spannend en efficiënt teamwork is vaak geen benodigde om te winnen. Okay, net als in het Versus-gedeelte kun je kiezen uit het spelen met het standaard Assault-mannetje, een Engineer (de Rambo met de SMG), de Medic en een Sniper. Dus ja, het wel handig de klasses op elkaar af te stemmen, zeker op de hoogste moeilijkheidsgraad, maar met twee Medic- en twee Assault- of Engineer-personages is uiteindelijk ieder level te klaren. Zeker als je vier teamleden schietbekwaam zijn.

Warface

Wie meer diepgang in zijn shooters zoekt, zal zijn heil al snel in het knallen tegen anderen zoeken. Ook in Warface huisvest het Versus-gedeelte het grootste segment van de community. Clanwars, private matches, overvolle lobby’s: eerlijk is eerlijk, Warface leeft meer dan wij hadden verwacht. Natuurlijk moet de activiteit van een community zich over een langere periode dan een weekje bewijzen, maar het is in elk geval duidelijk dat Warface ook op de Xbox 360 al een behoorlijke schare fans heeft weten te verzamelen.

De onvermijdelijke vergelijking

Op de welbekende internetfora wordt Warface vaak op bijna cynische wijze vergeleken met Call of Duty. Hoewel de strekking van die game geheel identiek is (maak iedereen dood in een reeks modi die je al jaren kent), zijn er genoeg verschillen. Zo kan die vergelijking onmogelijk voortkomen uit het feit dat beide games hetzelfde aanvoelen, want Call of Duty laat zich zonder twijfel vloeiender spelen. Dat komt allereerst omdat de framerate van Warface zeker dertig frames lager ligt, maar ook omdat de animaties lelijker zijn, de auto-aim ontbreekt, de hitboxes kleiner zijn en het schieten net iets minder vloeiend aanvoelt (al is dat probleem weer verweven met de framerate).

Warface

Begrijp ons niet verkeerd: het is niet per se ergerlijk. Het geeft Warface een iets tragere feel, maar wel een eigen feel. Omdat er perks ontbreken, verschilt de snelheid waarmee spelers onderling door een level rennen minder dan in Call of Duty, waarin je zowel heel traag als heel snel kunt zijn. Sommige levels zijn daarnaast behoorlijk groot, wat meer ruimte geeft voor verschillende tactieken. Je hebt in Warface meer tijd om rustig aan te doen, al kun je met een SMG in je hand alsnog relatief snel door een level rennen om iedereen van dichtbij aan gort te schieten. De kans dat je vervolgens van behoorlijke afstand door het hoofd wordt geschoten door een sluipschutter, is echter tig maal groter dan in zijn concurrent. Die diversiteit is behoorlijk prettig.

De free-to-play-vloek

Maar die diversiteit reikt nooit verder dan dat. De actie in Warface is sowieso zelden origineel of verrassend. De grootste verrassing is waarschijnlijk het aanbod aan maps, want sommige levels zijn  écht heel erg goed. Ook de vier modi doen hun werk. Zo is Storm een vermakelijke variant op de Rush-modus uit Battlefield.  Met de juiste modus, een toffe map en samen met kennissen is Warface in een volle server zo best vermakelijk. Toch is het niet zo dat we meermaals aan de buis gekluisterd zaten, dat spektakel heeft de game simpelweg niet over zich. De wapens voelen als proppenschieters, de impact van je kogels is niet echt merkbaar en campen is net iets te vaak een te belonende tactiek.

Bovendien staan te veel zaken competitiviteit in de weg. Warface is een free-to-play-game die pretendeert het pay-to-win-principe te vermijden. Desalniettemin is het moeilijk als niet-betalende speler te excelleren. Aan het einde van een potje is er zichtbaar verschil op de leaderboards tussen mensen die betaald hebben voor wapens of al heel lang spelen en mensen die pas net om de hoek komen kijken.

Warface

Zo moet je echt eeuwen grinden voordat je een van de sterkere wapens met in-game-valuta kunt kopen. Je zou zeggen dat het aantrekkelijker is gewoon je portemonnee te trekken, maar zelfs dat is niet mogelijk, omdat je niet direct alle wapens uit de Store kunt kopen. Overigens moedigen we dat laatste alleen maar aan, gezien de kloof tussen wel- en niet-betalende spelers anders enkel groter zou zijn. Hoe dan ook is het niet tof om merkbaar ‘slechter’ te zijn dan anderen, alleen maar omdat je tien uur minder hebt gespeeld. Veel andere shooters kennen dezelfde structuur, maar zorgen wel dat een later wapen niet tig keer beter is dan de wapens waarmee je begint. In Warface is bijvoorbeeld het verschil  in schade (damage per second) tussen Assault-rifles immens.

Warface heeft als uiteindelijk doel om geld te verdienen. Dat is logisch en dat kunnen we accepteren, maar Crytek moet dan wel rekening houden met de competitiviteit. Een vestje waardoor je levensbalk regenereert, schoenen die je onhoorbaar maken, handschoenen waardoor je sneller kunt herladen: dergelijke items vertegenwoordigen perks, maar dan wel perks waar je als beginneling te lang op moet wachten of waar je geld voor neer moet leggen. Gezien de actie de game nergens naar een hoger niveau tilt, blijft er zo weinig over om écht enthousiast van te worden.