Na drie rustige jaren van zon, strand en standrechtelijke executies is een nieuwe regeringstermijn aangebroken voor onze favoriete simulator van bananenrepublieken: Tropico 5. De vorige verkiezingen gingen gepaard met kritiek dat deel vier meer aanvoelde als een uitbreidingspakket, dus richt ontwikkelaar Haemimont Games zijn ambitieuze pijlen deze keer op multiplayer en een Caribische reis door de tijd.

Tropico 5 houdt wijselijk vast aan hetzelfde sterke concept van zijn voorgangers. Als de onvolprezen El Presidente ontwikkel je een klein Caribisch eiland tot een waar paradijs voor je inwoners, maar vooral voor jezelf. Bijgestaan door je trouwe adviseur Penultimo – die zijn complete gebrek aan kennis van zaken compenseert met een forse dosis enthousiasme – probeer je de mensen op je eiland zo goed mogelijk te voorzien in hun behoeften. Natuurlijk weet El Presidente dat elke bewoner dol is op de Grote Leider, maar af en toe een dak boven het hoofd of toegang tot fatsoenlijke gezondheidzorg schijnen ze wel te waarderen.

Tropico 5

Terwijl je probeert te voldoen aan de eisen van verschillende politieke facties, dissidenten boven de zee uit een vliegtuig gooit, bemoeizuchtige supermachten buiten de deur houdt en kapitalen binnenhaalt met industrie en toerisme, sluis je zo veel mogelijk dollars weg naar je Zwitserse bankrekening als appeltje voor de dorst. Precies zoals een ware dictator betaamt. Op het vlak van presentatie onderscheidt Tropico 5 zich wederom van genregenoten met een zonnige uitstraling en heerlijke muziek die je dagenlang blijft fluiten. De basis blijft goed: een stedenbouwsimulator met een politieke lading en een vette immorele knipoog.

Dat Tropico 5 in de basis hetzelfde blijft, betekent niet dat Haemimont Games lui achterover is gaan hangen en nog een sigaar opsteekt. Vrijwel alle gebouwen zijn opnieuw ontworpen en verschillende delen van de simulatie zijn meer met elkaar verstrengeld. Zo bepaalt het budget van bijvoorbeeld een textielfabriek hoe gelukkig de werknemers met hun baan zijn, hoe efficiënt ze werken en hun welvaartsniveau. Dat welvaartsniveau bepaalt vervolgens weer of ze dat hypermoderne appartementencomplex kunnen bewonen, maar dat hangt ook af van de vraag of voedsel en gezondheidszorg door de staat worden bekostigd. Grootste vernieuwing is echter de opdeling in tijdperken.

Van kroonkolonie naar bananenrepubliek

Waar de voorgaande delen zich richtten op de Koude Oorlog en daarna, duikt deel vijf dieper de geschiedenis in. Terug naar de koloniale tijd waarin meneer de president nog werd aangesproken met ‘mijnheer de gouverneur’. Met de Britse vorst boven je probeer je als gezant van de kroon je mandaat zo lang mogelijk vast te houden en tegelijkertijd genoeg animo op te wekken om met een revolutie het eilandje te bevrijden van het Europese juk. Met elk nieuw tijdperk dat je bereikt – de Wereldoorlogen, de Koude Oorlog en daar voorbij – neemt de complexiteit van het regeren toe. De Tropicanen vragen om meer soorten diensten, rebellen beginnen zich te roeren, steeds meer grootmachten proberen je voor hun karretje te spannen en de ideologische facties op jouw tropisch paradijs nemen toe in aantal.

Tropico 5

Het slimme van deze reis door de tijd is dat de leercurve netjes stijgt met elk nieuw epoch dat je aandoet. Aanvankelijk kun je niet veel meer dan landbouw en wat eenvoudige industrie opzetten om geld mee te verdienen en hoef je alleen maar zorgen te maken over de koningsgezinden en de revolutionairen. Vergelijk dat met twee tijdvakken later, tijdens de Koude Oorlog. Dan heb je te maken met kapitalisten, communisten, industriëlen, milieuactivisten en meer. Intussen jongleer je met de eisen van jouw groeiende bevolking en loop je het risico dat de VS of de Sovjet Unie je wonderschone eiland binnenvalt. Een toevallige vloedgolf kan dan net de druppel zijn om je in een negatieve spiraal te doen belanden.

Met elk tijdperk krijg je ook meer middelen om dollars te verdienen, zoals zware industrie of toerisme, maar je kunt in tegenstelling tot vorige delen niet meer snel even een sigarenfabriek uit de grond stampen om de rest van je regeringstermijn in het geld te zwemmen. Om vooruit te komen in de wereld moeten technologieën als planken en tafelmanieren eerst uitgevonden worden met behulp van bibliotheken en universiteiten. Bovendien zijn de politieke facties lastiger om aan je zijde te houden. Bakken vol met geld is nog altijd het smeermiddel voor vrijwel al je problemen, maar door de grondwet waarmee je de kernwaarden van je rijk vastlegt, krijg je geheid ruzie met een deel van je bevolking. Voor het eerst sinds lange tijd wachten we weer nagelbijtend de verkiezingsuitslag af in een Tropico-game.

De invoering van een grondwet geeft, samen met de vernieuwde bevelschriften, idealistische alleenheersers meer dan ooit de ruimte om hun eigen utopie te bouwen. Geef je een voorkeur aan een militaristische theocratie waar alleen mannen mogen stemmen? Zie je liever een communistische surveillancestaat waarin alles, van huisvesting tot onderwijs, gesubsidieerd is door een overheid die rijk wordt van scheepsladingen aan toeristen? Of denk je aan een nietsontziende geïndustrialiseerde kapitalistische nachtmerrie waar Ayn Rand van zou glunderen? Alles is in principe uit te voeren, maar de simulatie is in het voordeel van de vrekkige dictator. Zelfs El Presidente moet de almachtige dollar boven zich dulden.

Lang zal die leven

Het concept van opeenvolgende tijdperken gaat wonderwel samen met een managementgame als Tropico, maar er zijn genoeg schoonheidsfoutjes die ons flink achter de oren deden krabben. Hebben de geallieerden al in 1928 de oorlog tegen de asmogendheden gewonnen? Dan is het nu 1946. Nee, El Presidente is in de tussentijd geen dag ouder geworden, maar blijkbaar zien dictators de wetten van de tijd meer als een richtlijn. Een alleenheerser van 175 jaar oud is geen uitzondering na een middag in de Sandbox-modus spelen. Koningin Elizabeth is er niks bij. De uitzonderlijke levensverwachting van El Presidente maakt de nieuwe dynastie-mechaniek des te nuttelozer. Al spelende krijg je af en toe het bericht dat er een nieuwe familielid is geboren. Nog maar eens bevestigend dat de presidentiële familie niet uit doorsnee mensen bestaat, zijn de nieuwe telgen al gelijk volwassen en lijkt het wel alsof dochters een grote kans hebben om hoogbejaard ter wereld te komen.

Verwacht overigens geen Crusader Kings-praktijken, want elk karakterloos lid van de familie is niet meer dan een veredelde manager met een enkele eigenschap. Managers kunnen in verschillende gebouwen als opzichter aangesteld worden, maar in tegenstelling tot gewone stervelingen kun je familieleden opwaarderen met geld van jouw Zwitserse bankrekening. Dat er eindelijk wat te doen valt met het geld dat je wegsluist vinden we prima, maar een bonus in de vorm van 5 procent extra inkomsten verhogen naar 6 procent vinden we niet echt de moeite waard. Bovendien kost het voortdurend aanstellen van managers onnodig veel tijd, zeker gezien het beperkte voordeel dat het micromanagen oplevert.

Tropico 5

Op een overvol ei-eiland

Tot slot is er de nieuwe multiplayermodus. Maximaal vier spelers beginnen tegelijk op hetzelfde eiland en kunnen vreedzaam elkaar ondersteunen met arbeiders en andere zaken. Of je knalt ze allemaal van het eiland, want er kan maar één Presidente de beste zijn. De nieuwe Fog of War lijkt met de competitieve modus in gedachten te zijn ontworpen. Soldaten moeten eerst op expeditie gestuurd worden voordat mijnlocaties of oliebronnen geclaimd kunnen worden. Het voorkomt dat spelers elkaar vanaf de eerste minuut aanvallen, maar het voorkomt niet dat competitieve multiplayer nog steeds neerkomt op wie als eerste tanks heeft onderzocht. Als dat niet de nekslag vormt, hebben we gemerkt dat onze tegenstanders het simpelweg opgeven als onze straaljagers het luchtruim claimen. De progressie in tijd en technologie vormt voor de singleplayer een uitstekende curve, maar multiplayer lijdt er onder als slechts één strategie de beste vormt – die van de tech rush.

Al met al behaalt Tropico 5 geen klinkende verkiezingsoverwinning, maar weet ons toch te charmeren met zijn immorele humor en uitgekookte simulatie. De beloftes worden niet allemaal even goed ingelost, maar de ontwikkelaars hoeven zich wat ons betreft geen zorgen te maken over volksopstanden. Four more years!