Vijftien minuten. Meer tijd heeft Thirty Flights of Loving niet nodig om je bij de strot te grijpen, heen en weer te schudden, door de kamer te slingeren en weer los te laten. Met een tollend hoofd word je achtergelaten, je afvragend wat je in het kwartier precies hebt meegemaakt. En dan speel je het nog een keer.

Thirty Flights of Loving vertelt een spionageverhaal en dat komt de recensent goed uit. Een vergelijking trekken met Metal Gear Solid, met name deel 4, is namelijk een doeltreffend middel om uit te leggen wat de game inhoudt. Denk even terug aan Guns of the Patriots, afsluiter van de fameuze Metal Gear-reeks. Als Solid Snake beleef je een epische ervaring met cutscenes van tientallen minuten, waarin elke vraag beantwoord werd en elk los eind secuur wordt vastgeknoopt.

Nu, Thirty Flights of Loving is exact het tegenovergestelde. De game geeft je sec inkijk in een reeks gebeurtenissen, met als enige verbinding een tweetal blokhoofdige personages. Behalve een stijlvolle introductie van vier woorden per persoon ontbeert de game elke vorm van context. Scènes volgen elkaar achronologisch op en telkens voor je de kans krijgt te behappen wat er gaande is, schakelt de game door naar een volgende (of vorige) scène. De ervaring is zo fragmentarisch dat het nieuwsgierigheid opwekt, meer dan wanneer elk detail voor je wordt uitgespeld.

Dear Esther meets Memento

Maar wat doe je eigenlijk in Thirty Flights of Loving? De game hanteert een eerstepersoonsperspectief en WASD-besturing, en als je even goed rondkijkt tijdens de interactieve credits zie je dat ontwikkelaar de game zelf een first-person shooter noemt. Het first-person-gedeelte klopt, het shooter-element minder. Hoewel je gedurende het kwartiertje wordt omringd door wapens – het is niet voor niets een spionageverhaal – en je in het begin die wapens ook kunt oppakken, haal je zelf geen enkele keer de trekker over.

Sowieso dwingt Thirty Flights of Loving je in een grotendeels passieve rol. In tegenstelling tot voorganger Gravity Bone hoef je hier geen bugs te planten of foto’s te maken. Je fungeert vooral als toeschouwer in een reeks spectaculaire achtervolgingen, John Woo-waardige actiescènes en een web van intriges en verraad. In die zin is Thirty Flights of Loving als Dear Esther, zij het met een compleet ander thema en Minecraft-achtige graphics.

Een andere overeenkomst met Dear Esther is dat de game zijn verhaal vertelt met behulp van de omgeving. Omdat Thirty Flights of Loving een hoog tempo aanhoudt is de verleiding groot om de eerste keer door het verhaal te stomen zonder acht te slaan op de talloze details. Op die manier blijf je inderdaad ontgoocheld achter wanneer ‘The End’ in beeld verschijnt. Start je de game nog eens op – desnoods met commentaar van de ontwikkelaar, een aanrader – dan ga je opletten en zie je opeens hoe scènes à la Memento naar elkaar verwijzen via details in de omgeving. Dan vallen opeens die Wanted-posters aan de muur op, met daarop extra informatie over je tot nog toe naamloze medespion.

Tel daarbij de bijzondere sfeer op die de game schept door de unieke graphics en je krijgt een beeld van hoe er zo veel kan worden verteld in zo weinig tijd. Hoewel er geen woord gesproken wordt, creëert Thirty Flights of Loving een vreemde maar rijke wereld, die nieuwsgierigheid in de speler aanmoedigt. Veel gameplay in de traditionele zin van het woord is er niet en de game heeft zijn technische tekortkomingen, maar de onorthodoze benadering van ‘verhaal’ doet een frisse wind waaien waar een Metal Gear Solid – maar ook praktisch elke andere verhalende blockbuster – een voorbeeld aan kan nemen. Experiment geslaagd.

Thirty Flights of Loving is via de website van de ontwikkelaar voor vijf dollar te koop.