Racegames met motoren zullen nooit zo’n grote groep gamers bereiken als racegames met blitse, tunebare bolides. Toch is er een vaste kern fans die altijd weer verlekkerd uitkijkt naar de volgende game waarin we de krachtige tweewielers over het asfalt mogen sturen. Pak uit die vaste kern degenen van wie het allemaal nog wel een tikkeltje realistischer mag en je hebt de doelgroep die de makers van Super-Bikes: Riding Challenge proberen te bereiken. Proberen ja, maar is het ook gelukt? Laten we bij het begin beginnen, namelijk op de dag dat ik Super-Bikes uit zijn verpakking haalde. Ik heb de gewoonte om bij nieuwe games altijd eerst het boekje te lezen, omdat ik games zo geïnformeerd mogelijk wil spelen en niet voor verrassingen wil komen te staan. De verrassingen kwamen echter al in het boekje. Met de linker analoge stick doe je dit, met je rechter analoge stick doe je dat, op de memory card van je Playstation 2 sla je het geheel op. Pardon? We hebben hier toch echt met een spel te maken dat je in de DVD-speler van je PC moet doen.

Gelukkig bleek het ook daadwerkelijk de PC-versie te zijn, maar mijn wenkbrauwen fronsten toch even toen bleek dat je niet je spelersnaam in kon tikken, maar de letters moest selecteren zoals je dat op een console doet. Ook de manier waarop je door de menu’s navigeert, plus de menu’s zelf, voelen onnatuurlijk aan op de PC. Verder kun je de graphics en de audio niet in het spel zelf veranderen, maar moet je dit buiten de game om doen. Er zit zelfs niet eens een knop op om het spel af te sluiten, dit moet je doen door een paar keer op de Escape-knop te drukken. Kom op jongens, zo moeilijk is het toch niet om het boekje en de menu’s gewoon voor de PC geschikt te maken. Het is geen onoverkomelijk punt, maar het toont wel aan dat ontwikkelaar Milestone een zekere nonchalance en daarmee minachting heeft tegenover de eigenaars van een PC. Gelukkig werkt de besturing van het spel verder soepel, maar daarover later meer.

 

Laten we het eerst even hebben over wat Super-Bikes allemaal te bieden heeft. Je kunt racen op drie soorten racetracks, namelijk op officiële parcours, in steden en in buitenstedelijke gebieden. Uiteraard zijn de bekende parcours zoals Hockenheim, Laguna Seca, Donington, Valencia, Albacete en de Nederlandse trots Assen aanwezig. De tweede categorie tracks, de steden, bestaat uit Londen, Barcelona en Berlijn. In de derde categorie zitten de Alpen, de Côte d’Azur, Tuscan Hills, Highlands, Corsica en Amalfi Coast. In totaal zijn er meer dan dertig circuits, dankzij de verschillende varianten die mogelijk zijn (lees: door een korte en een lange versie van elke track). Gelukkig verschillen al deze tracks wezenlijk van elkaar, waardoor er wat dat betreft genoeg variatie in het spel zit. Super-Bikes pronkt met nog meer grote namen, namelijk die van motorfabrikanten. Suzuki’s, Ducati’s, Honda’s en Yamaha’s: ze zitten er allemaal in, plus nog een aantal andere merken. Ook de uitrusting van de racers is allemaal officieel. Al deze licenties, hoewel van secundair belang, zijn een pluspunt van de game.

Super-Bikes: Riding Challenge bestaat uit twee verschillende spelmodi, namelijk de Career Mode en de Trophies Mode. In de Career Mode begin je als ‘rookie’ en kun je uiteindelijk als legende eindigen. Deze modus heeft zowaar RPG-elementen, want je kunt ervaringspunten vergaren in races en specifieke challenges, om zo je vaardigheden te verbeteren. Door deze vaardigheden te verbeteren, kun je bijvoorbeeld later remmen voor een bocht of steiger je minder snel bij de start. Ook zit er een verbeterbare mechaniek in het spel, waardoor je als je vlak achter een andere racer rijdt, je hem ‘intimideert’ en hij zo fouten gaat maken. Deze intimidatie kan ook tegen je gebruikt worden, waarbij je zenuwachtig gemaakt wordt door het geluid van je kloppende hart. En ik moet zeggen, het werkt, want ik ben toch wel een paar keer op mijn bek gegaan omdat ik werd afgeleid door zo’n tergende hartklopping.

In de tweede modus, de Trophies Mode, kun je een aantal races rijden die gekoppeld zijn aan de verschillende motormerken. Door toernooien te winnen, kun je nieuwe kleding en motors ontgrendelen. Ook kun je een uitgebreider kampioenschap rijden. Het aparte is wel, dat deze modi totaal los van elkaar staan en dat je dus ook twee profielen aan moet maken. In de Trophies Mode komt het hele RPG-aspect dan ook niet voor.

Maar de grote vraag is natuurlijk: hoe is dit alles uitgewerkt? Zoals ik al in de inleiding meldde, is de game gericht op mensen die een zo realistisch mogelijke motorrace-ervaring mee willen maken. Vanzelfsprekend ligt hierdoor de moeilijkheidsgraad zeer hoog. Verdomde hoog, zou ik zelfs willen zeggen. Het is een zeer verstandige en goede keuze van ontwikkelaar Milestone geweest, om de gamer zelf de keuze te laten hoe realistisch hij wil spelen. Je kunt namelijk zowel de motor als de racer (plat op het stuur of omhoog) besturen. Ook kun je de voor- en achterremmen onafhankelijk van elkaar besturen en kun je uiteraard handmatig schakelen. Al deze opties kun je echter aan- of uitzetten. Zo kun je ervoor kiezen dat de racer automatisch plat op het stuur gaat als je gas geeft en omhoog gaat zitten als je op een recht stuk remt. Verder kun je de optie aanvinken dat als je één van de twee remmen gebruikt, de andere ook automatisch remt. Vanzelfsprekend kun je ook het schakelen automatisch laten gebeuren.

Op het punt van besturing verdient deze game dan ook zeker lof: voor de mensen die voor het pure realisme gaan, zit er een zeer puike en ook nog eens goed werkende, uitgebreide besturing in het spel. Voor de mensen die echter al deze opties als te ingewikkeld beschouwen, blijft er nog steeds een zeer uitdagende game over, die echter wat makkelijker te besturen is. Een puntje is wel dat al deze opties op een toetsenbord wat moeilijk te combineren zijn. Als je al remmend door de bocht stuurt met je rijder plat op het stuur en daarbij schakelt, moet je vier dingen tegelijk besturen. Oefening baart kunst, maar ik kan me voorstellen dat het op een Playstation 2 toch wat soepeler bestuurt. Het is dan ook vreemd dat er geen optie is om het spel met een controller te besturen.

Maar toch blijkt de slogan die achterop het doosje staat, “Easy to pick up but hard to master”, goed te kloppen. Met alle besturingsopties uit, kan iedereen die een beetje oefent goed overweg met dit spel. Maar gamers die perfecte races willen rijden, moeten toch echt alle besturingsopties aanvinken, om de ultieme prestatie uit hun racemonster te halen. Want je haalt toch nét wat meer rendement uit de motor, als je de remmen onafhankelijk van elkaar bestuurt om zo perfect de bocht aan te snijden of als je zelf het moment van schakelen kiest.

Wat wel een groot gemis is, is de afwezigheid van een uitgebreide tutorial. De enige oefening die er is, bestaat uit rijden, stoppen en sturen, en vervolgens word je in het diepe gegooid. Er wordt niet verder ingegaan op de techniek van het remmen, noch op het besturen van de racer en het handmatig schakelen. Daarmee zal het voor sommige gamers zo zijn dat de game zichzelf de nek omdraait, omdat degenen die wel van uitdaging houden, maar nog niet weten hoe alles precies zit, geen idee hebben hoe ze alle besturingsopties het beste moeten gebruiken. Slechts de echte motorkenners zullen misschien precies weten hoe al deze features het best te gebruiken zijn, maar een uitgebreide uitleg over alle besturingsopties had gewoon in het spel moeten zitten. Het is een onbegrijpelijke en bovenal domme keuze van ontwikkelaar Milestone.

Helaas gaat dit alles niet gepaard met een aantrekkelijke visuele presentatie. De graphics zijn namelijk ronduit matig te noemen en de eerder verschenen screenshots en de plaatjes op de achterkant van het doosje geven een veel te positief beeld over de game. Het enige wat er mooi uitziet, zijn de crashes en de manier waarop de rijders op hun motor bewegen, maar dan heb je alles ook wel genoemd. Het publiek is van bordkarton en alle objecten bij de verschillende parcours, zoals gebouwen en langs de weg staande voertuigen, lijken blokkendozen. Bovendien ziet alles er zeer doods uit. Op de een of andere manier is elke sfeer weg uit de races, en dat is erg jammer. Want technisch kan het dan wel goed in elkaar zitten, maar als dit samen gaat met een povere en sfeerloze presentatie, dan werpt dat een grote smet op het geheel. Het geluid is verder in orde, waarbij de verschillende motors ook duidelijk andere geluiden maken en het indruk maakt als je met je zeven tegenstanders ronkend door de bocht raast. Door de afwezigheid van enige vorm van omgevingsgeluid kan alles wel wat doods aanvoelen. De hele sfeer hangt ook zeker af van welk parcours je rijdt. De spanning is te snijden op het moment dat je met acht wat snellere motoren door een smal dorpsstraatje een herpin neemt, maar een gaap is niet te onderdrukken op een lang, recht, sfeerlos stuk asfalt op een officieel parcours. Dit is vooral te wijten aan het feit dat de ontwikkelaar een stuk meer moeite gestopt heeft in het aantrekkelijk maken van stedelijke en buitenstedelijke parcours dan officiële circuits.

 

Het verschil tussen onduidelijke, blurry screenshots en de realiteit.

 De intelligentie van je tegenstanders is over het algemeen van hoog niveau. Ze zullen niet star hun eigen lijn volgen als ze tegen je aan dreigen te botsen. Ook zullen ze de ruimtes waarin jij kunt duiken om ze in te halen, proberen af te dekken, terwijl er toch altijd een kans is om ze in bochten te pakken. Ook is het gedrag van de rijders niet overmatig scripted, wat blijkt uit het feit dat als je eenzelfde race meerdere keren speelt, het rijdgedrag per keer subtiel, maar significant verschilt. Er is een goede balans gevonden tussen realisme en speelbaarheid wat betreft de kunstmatige intelligentie. Toch werkt dit alles niet honderd procent vlekkeloos. Zo gebeurt het wel eens dat een tegenstander om onverklaarbare redenen op een recht stuk asfalt een beetje in het gras gaat rijden en ook het rijgedrag in sommige bochten lijkt qua snelheid af en toe niet helemaal te kloppen. Dit zijn echter kleine puntjes, die niet al te vaak voorkomen. Al met al voelt het geheel natuurlijk en goed aan.

Het volgende aspect is de multiplayer. In de verwachting een serverlijst gepresenteerd te krijgen, selecteerde ik de multiplayer-optie. In plaats van een serverlijst kreeg ik (je raadt het nooit) een split-screen modus voorgeschoteld! De afwezigheid van een online of LAN multiplayer in dit soort games is op zich al een groot gemis, maar ik heb toch nog getest of de split-screen modus de schade ietwat kon beperken. Waar de game in singleplayer vloeiend draait op de hoogste grafische- en audiosettings (wat ook wel mag met zulke matige graphics), is de multiplayer echter praktisch onspeelbaar. Buiten het feit dat de framerate omlaag gaat, reageert de motor ook nog eens te laat op jouw acties. Als je in een rotvaart een flauwe bocht zo aansnijdt dat je precies goed uit zou komen, is de halve seconde vertraging bij het sturen het verschil tussen door het gras stuiteren en perfect op de baan komen. Zelfs als de settings zo laag staan dat het spel er spuuglelijk uitziet, zul je sporadisch een vertraging bij je acties merken. En nee, dit ligt niet op de PC waarop de game getest is, want die gaat dik over de aangeraden specificaties heen. De multiplayer is in alle opzichten het meest schandalige voorbeeld van de slechte porting naar de PC. De zo gewenste online optie ontbreekt volledig en de split-screen modus, die waarschijnlijk toch al niemand speelt op een PC, is slechts een beetje speelbaar als het spel er afgrijselijk uitziet.

Het jammerlijke van Super-Bikes is dat de pluspunten niet hun stempel op de game zetten. In plaats daarvan wordt de goede kern verpest door het slechte jasje dat er omheen zit. En dat is ook écht jammer, omdat de kern van het spel kwalitatief hoogstaand is. De innovatieve en realistische besturing werkt goed, en de races zijn spannend door de goede kunstmatige intelligentie. Ook de RPG-elementen zijn een aardige toevoeging op het geheel. Dit alles wordt echter verpest door de schandalige porting, de slechte tutorial en de matige graphics. Ook de belachelijke keuze om online en LAN multiplayer weg te laten en deze te vervangen voor een split-screen modus die het alleen redelijk doet als het spel er afzichtelijk uitziet, doet het spel geen goed.

Nu lijkt het misschien alsof Super-Bikes: Riding Challenge een wanproduct is, maar dit is niet het geval. Ik wil het spel zelfs aanraden aan de echte die-hard motorfans, degenen die watertandend wachten tot er weer een race te zien is op Eurosport en een dagje Assen tot uitje van het jaar verheffen. Deze mensen zullen zich storten op de uitdaging die het spel te bieden heeft en genieten van de vele besturingsopties van de motor. Dit soort fans zullen dan ook weinig last hebben van de minpunten. Behoor je echter niet tot die categorie, dan is Super-Bikes niets voor jou. Want als je toch een realistische motorgame wilt proberen, dan verwacht je wel dat je een goede tutorial, een leuke presentatie een waardige overzetting naar de PC voorgeschoteld krijgt. En dat is bij Super-Bikes overduidelijk niet het geval.