Sega Rally was vroeger al de meest simpele rallygame die er was. Geen moeilijk gedoe met balans tussen voertuigen en spelen met het gas om je rallywagen goed over een parcours te krijgen. Nee, het draaide om kiezen tussen automatisch of handmatig schakelen en volgas driften over de digitale modderpaden. Het was niet briljant, maar voor een arcadeachtig spel erg leuk. En als we door die nostalgische bril kijken is Sega Rally Online Arcade eigenlijk weinig veranderd.

Nog altijd zit er geen merkbaar verschil tussen de verschillende wagens, gebruik je de remmen niet tot nauwelijks en is de besturing simpel maar effectief. Wie overstapt van bijvoorbeeld DiRT 3 zal even flink moeten wennen, vooral doordat grip bij je voertuig op magische wijze lijkt te verdwijnen maar net zo plots weer kan verschijnen. Dit heeft vooral te maken met het terrain deformation-systeem, waarbij eerder getrokken sporen in de modder of sneeuw voor meer grip zorgen. Je ziet de veranderde ondergrond vooral als je vanachter de auto kijkt slecht aankomen, waardoor de bumpercamera de beste keuze blijkt.

Wacht eens even…

Sega Rally Online Arcade is een uitgeklede versie van de versie die in 2007 verscheen. Het terrain deformation-systeem is er bijvoorbeeld nog wel, maar speelt een veel minder grote rol. Het is niet langer zo dat je daadwerkelijk wegzakt in de modder wanneer van tevoren twee auto’s over precies dat plekje hebben gereden. Je merkt dat de ondergrond veranderd, maar het is nu een stuk subtieler. Bovendien heb je uiteindelijk de keuze uit dertien voertuigen en vijf (!) circuits. Het merendeel zit in eerst instantie nog achter slot en grendel, zonder duidelijke uitleg hoe de rest vrij te spelen is.

Voordat je dus echt kan genieten van bijvoorbeeld de multiplayer, die bij gebrek aan spelers is aan te vullen met uiterst kundige AI-tegenstanders, moet je aan de slag in de singleplayermodi. Door het gebrek aan voertuigen en circuits ben je binnen een mum van tijd klaar met de Championship-modus, waarbij je steeds 22 auto’s binnen zes rondjes, verdeeld over drie circuits, moet inhalen. Win je de hierop volgende één tegen één-race, zit je op vier circuits. Het is tien minuten werk, waarna de Quick Race, Time Attack en Classic-modi (één tegen één met de bekende Toyota Celica of Lancia Delta) nauwelijks vleziger of uitdagender zijn. Schuldig hieraan is een fanatiek rubber banding-systeem dat het veld vrij compact probeert te houden – rijd je de eerste bochten belabberd, dan kun je het dus vaak alsnog halen. Dit systeem staat gelukkig uit tijdens de multiplayer, maar heeft als keerzijde dat een klein foutje betekent dat je tegenstanders ook een foutje moeten maken wil je ze weer bijhalen. De auto’s zijn immers allemaal min of meer gelijk, of je nu in een Subaru Impreza of een Baja Buggy rijdt. Hierdoor is een achterstand inhalen geen kwestie van betere acceleratie of wegligging, maar ligt het er net aan wie eventjes de muur heeft geraakt en zo wat snelheid is verloren. Wie de track het beste kent wint dus eigenlijk altijd.

Beperkt vermaak

Vanuit nostalgisch oogpunt is het weer een typische Sega Rally, inclusief de typische beperkingen van de serie. Het feit blijft dat we gewoon te maken hebben met een uitgeklede versie van Sega Rally uit 2007. Heb je die game al, kun je deze titel gelijk als overbodig beschouwen. Heb je wel oren naar een simpele, razendsnelle rallygame, kun je misschien beter even in de budgetbak neuzen om de volledig versie voor een zachte prijs op de kop te tikken. Misschien is dat ook wel de diepere bedoeling geweest van dit spel.

Deze review is gedaan met de Xbox 360-versie van het spel.