Traditiegetrouw brengt EA zijn games op zoveel mogelijk platformen uit. Het mag dan ook geen verrassing zijn dat een succesvolle franchise als Need for Speed op zowel de handhelds als de consoles uitkomt. Dit is niet anders voor de nieuwste aanwinst in de reeks, genaamd Need for Speed Carbon. De game die wij testen krijgt de toevoeging Own the City en is te spelen op de handheld met het grote scherm, de PSP.

De verschillen tussen de console- en handheldversie van de game worden echter niet alleen bepaald door de toevoeging van een subtitel. Het verhaal, de gameplay, de besturing en natuurlijk ook het audiovisuele aspect hebben veranderingen ondergaan. In de game volgen we een jonge coureur die wraak wil nemen op degene die ervoor gezorgd heeft dat z'n broer tijdens een race is omgekomen in een dodelijk ongeluk. Hierbij krijgt hij de hulp van een aantal oude vrienden die hem bijstaan tijdens de race. En hier hiermee hebben we ook meteen één van de aspecten te pakken die nieuw zijn in Own the City. In totaal is het mogelijk om tijdens een race maximaal twee hulpjes of secondanten te gebruiken. Er is te kiezen uit drie soorten secondanten. De eerste is de vechter. Deze kan tijdens een race ingezet worden om auto's te raken en uit te schakelen die voor je rijden. De tweede is de wreker, die een spijkermat kan lanceren om de banden lek te prikken van een tegenstander. De derde is de drafter. De drafter komt op commando voor je rijden, waardoor gebruik gemaakt kan worden van de draft of sliptream van deze auto. Hierdoor is het mogelijk om een snelheidsboost te krijgen. De secondanten kunnen elk beter worden gemaakt door ze meer in te zetten. Niet lang na het starten van de game kunnen er ook nieuwe secondanten gerekruteerd worden uit rivaliserende gangs. Hierbij zijn er ook een aantal die extra capaciteiten hebben. Zo zijn er regelaars die ervoor kunnen zorgen dat er meer prijzengeld is te krijgen na een race. Anderen, de monteurs, zorgen ervoor dat je na een race een prestatieboost krijgt. De uitwerking van de secondanten is eigenlijk best goed. In tegenstelling tot de consoleversie van Carbon is het zelfs beter geïmplementeerd en voelt het meer intuïtief aan. Wel is het jammer dat vechters en wrekers alleen auto's kunnen aanvallen die voor je rijden. Iets wat in het begin van de game bijna nooit voorkomt door de nogal lage moeilijkheidsgraad. Het komt dan ook vaak voor dat de secondanten zitten te zeuren om wat actie, terwijl je gewoon eerste ligt. De stad waarin wordt geracet, is opgedeeld in meerdere districten. Deze districten worden gecontroleerd door bendes. Een district kan worden over genomen door een aantal races te doen en tot slot de leider van de bende te verslaan. Als een district overgenomen is, kun je ervoor kiezen een aantal ex-leden van de andere gang te ronselen. Ook worden er auto-onderdelen en geld vrijgespeeld. Op verschillende manieren is te kiezen uit verschillende races. Zo is het mogelijk om vrij door de stad te rijden om tegenstanders uit te zoeken of met behulp van een menu direct de missies te selecteren. Dit laatste is zeer aan te bevelen, want het rijden door de stad voegt absoluut niets toe aan de game. De nachtelijke stad ziet er op zich wel mooi uit, maar is door de kleine hoeveelheid verkeer nogal steriel te noemen. Bovendien is het veel leuker om de routes te leren door te racen en niet door te cruisen. De circuits zelf zijn jammer genoeg behoorlijk eentonig. Ook de layout van de meeste tracks is van een dermate kwaliteit dat er niet veel kunde voor nodig is om de finish te halen. Zo zijn de meeste routes voorzien van bochten waar gewoon gas kan worden gegeven zonder te remmen. Remmen is over het algemeen wel nodig hoor, maar niet altijd een vereiste. In Own the City kun je kiezen uit verschillende soorten races. Hoewel ze op het eerste gezicht behoorlijk afwisselend lijken, blijkt het doel na enige races gedaan te hebben toch steeds hetzelfde te zijn: je tegenstander voorblijven. Dit is in een racegame natuurlijk logisch, maar door het gebrek aan tegenstanders tijdens een race wel behoorlijk saai. Als je eenmaal met twee secondanten racet, blijven er maar drie tegenstanders over om tegen te racen. Als deze eenmaal op een achterstand zijn gezet, is het uitrijden van een race saai te noemen. Echter, als je goede tegenstanders tegenover je hebt, zijn de races vaak erg hectisch en snel. De besturing van de auto's is zeer goed. Waar ik in de consoleversies nogal moeite had met het wennen aan de besturing, was dit in Own the City niet zo. De auto's hebben precies dat gevoel dat ze moeten hebben. Ze liggen niet te los, maar ook zeker niet te vast op de weg. De verschillende typen auto's (Amerikaans, Europees, Japans) reageren allemaal wat anders. Na enig tunen van de onderdelen van de auto's begint dit wel minder te worden. Meestal wordt de wegligging verbeterd met bepaalde onderdelen, maar hierdoor is het gedrag van de auto's minder goed te differentiëren. Het tunen zelfs is zoals we kunnen verwachten van Need for Speed. De verplichte motor, onderstel en rem upgrades zijn allemaal weer aanwezig. Veel leuker is het om de auto's optisch te tunen. Hoewel het op de PSP niet mogelijk is om de onderdelen geheel vorm te geven zoals jij dat wilt, is er toch een redelijk uniek wagenpark te creëren. Voor de echte tuningfreaks zijn toch de console versies aan te raden.

In tegenstelling tot veel PSP games is er in Own the City wel online te racen tegen andere spelers. De races zijn hetzelfde als offline, maar de aanwezigheid van menselijke racers voegt veel toe. Wel raak je de functionaliteit van de secondanten kwijt. Er is zelfs een ranking systeem dat het gevoel van competitie moet verhogen. Zowel op grafisch als visueel gebied is Own the City geen hoogvlieger. De auto's worden naar behoren weergegeven, maar zien er vaak wat korrelig uit. Ditzelfde geldt ook voor de stad. Het geluid laat ook gemengde gevoelens achter. Het piepen van de banden en de crashes klinken zeer behoorlijk, maar het motorgeluid van de auto's blijft hier jammerlijk bij achter. Ze klinken simpelweg te magertjes om overtuigend te zijn. Zoals in veel van de laatste games van EA is de soundtrack dik in orde. Need for Speed Carbon: Own the City heeft zowel zijn goede als slechte punten. De goede punten overheersen gelukkig, waarvan een goed weggedrag van de auto's en het systeem van de secondanten de hoogtepunten zijn. De online mode is ook een zeer grote aanwinst. Een matig geluid en een nogal saaie stad zorgen echter voor een minder goede ervaring. Bovendien kunnen races saai zijn door het gebrek aan tegenstanders. Own the City is uiteindelijk een game geworden voor de casual speler, die ook onderweg niet zonder zijn Need for Speed fix kan.