Hoe ironisch is het dat je in de Metal Gear Solid-collectie maar een halve game als Solid Snake speelt? De oorspronkelijke Metal Gear Solid ontbreekt immers, net als Portable Ops 1 en 2. Een zonde, zeker omdat Gamecube-remake The Twin Snakes een blauwdruk heeft gelegd voor een meer eigentijdse variant van deel één. Maar laten we daar niet te veel tranen om laten: deze PlayStation-klassieker staat fier in de PlayStation Store en deze compilatie biedt ook nu nog genoeg Metal Gear-absurditeiten.

Het probleem van remakes als deze is dat je vaak niet weet met welke titel je moet beginnen. Volg je de chronologie van het overkoepelende verhaal, het moment van verschijnen of speel je alleen die game die je destijds gemist hebt? Ben je nog niet bekend met de Metal Gear-franchise, dan is de keuze in ieder geval snel gemaakt. Metal Gear Solid 3: Snake Eater is niet alleen het openingsepos, qua speldesign is 'ie ook het modernst.

Snake Eater

Dit deel speelt zich af tijdens de Koude Oorlog, in een van de meest uitgestrekte bosgebieden van de Sovjet-Unie. Een moeilijke setting om in een sluipspel te verwerken, aangezien de natuur als camouflage dient en de omgevingen veel organischer moeten zijn dan een fabriekshal of oorlogsschip. Snake Eater onderstreept in beide opzichten de klasse van goeroe Kojima en zijn team. Het is ook nu nog bijzonder om te zien hoe flora en fauna zijn weergegeven en een impact hebben op de spelervaring. Grassprietjes bewegen afzonderlijk wanneer je er tussendoor tijgert en slangen proberen hun spitse tanden in je dijbeen of onderarm te zetten. Ook het design an sich is sterk: de lichtinval en de manier waarop actiemomenten zich afwisselen met bedeesde confrontaties en verhalende tussenfilmpjes doen denken aan de betere films.

Het is knap hoe makkelijk Snake Eater zich staande houdt. De vrij beweegbare camera - uit de later uitgebrachte Subsistence-variant - maakt het een stuk natuurgetrouwer om je langs alerte soldaten te manoeuvreren. Ookhet concept dat je meer dan in andere delen op jezelf aangewezen bent, blijft interessant. Je moet jezelf een verbandje omwikkelen en hebt relatief weinig gadgets tot je beschikking. Het is sluipen in de meest pure vorm: in je eentje infiltreer je vijandige gebieden, terwijl je de natuur gebruikt om je in te verschuilen en je zorgvuldig moet omgaan met wapens en medicijnen. Zij het met die bizarre Kojima-twist, gaande van bizarre eindbazen tot onnavolgbare dialogen van langer dan een kwartier.

Peace Walker

Hoe anders is Peace Walker van opzet. Alhoewel je ook hier aardig wat bossen en jungles aandoet, is dit PSP-spel meer gericht op korte speelsessies. Dit brengt een totaal andere ervaring met zich mee. In plaats van een lang, gestroomlijnd avontuur waar je eigenlijk niet uit wilt stappen, krijg je nu behapbare brokken voor je kiezen. Na elke missie keer je terug naar Outer Heaven, waar je jezelf voorbereidt en je team op pad stuurt om zo bijvoorbeeld nieuwe gadgets vrij te spelen. Ook de doelen van de missies zelf zijn een stuk concreter, zonder dat dat afbreuk aan de vrijheid in speelwijze doet.

Spelen kan ook coöperatief met maximaal vier man, wat misschien wel de grootste charme van Peace Walker is. Op de PSP werkte dat prima, op de PlayStation 3 zet je eerder de stap om ook daadwerkelijk online te gaan -gezien het systeem continu met het internet verbonden is. Dit, samen met onder meer optionele VR-missies, de fraaie interactieve strips en de indrukwekkende productiewaarde, verhult dat je hier met een veredelde PSP-game te maken hebt. Sterker nog, doordat je nu een tweede analoge pookje kunt gebruiken, bestuurt 'ie gewoon als een recente Metal Gear voor de console. De enige echte kanttekening is dat de eindbazen een beetje suf zijn: in plaats van bizarre mensen en monsters die je eigen fantasie ontstijgen tref je vooral gemechaniseerde, gestandaardiseerde 'dingen'.

Sons of Liberty

Metal Gear Solid 2: Sons of Liberty is misschien nog wel de minste game uit de collectie. Niet eens zozeer omdat Raiden z'n opwachting maakt - aan deze discussie wagen we ons liever niet. Nee, het is meer dat de game redelijk verouderd is. Het leveldesign is regelrecht oubollig, idem dito voor de camera en besturing. Het kost echt moeite om enigszins elegant en effectief rond te lopen, te sluipen en te schieten. Dat is door de extreem oplettende soldaten en pittige eindbazen wel nodig. Maakt dat dit deel onspeelbaar of overbodig? Absoluut niet. Uiteindelijk kun je er wel mee uit de voeten en qua thematiek en artistieke keuzes is dit een uiterst verfijnd en vooruitstrevend spel. Neem je de tijd om het verhaal echt te volgen, dan krijg je een brok ijzersterke, poëtisch vertelde literatuur voor je kiezen. Om daar echt kaas van te maken, moet je overigens wel notie hebben van de gebeurtenissen uit deel één. Dat wordt dus diep in je geheugen graven, Wikipedia'en of 't spel via de PlayStation Store binnenhalen.

Deze collectie is eigenlijk een no-brainer, ook zonder het eerste deel en PSP-titels als Acid en Portable Ops. De visuele aanpassingen zijn een grote stap voorwaarts en de games zelf - ook deel twee, mits je de antieke uitwerking kunt hebben - onderstrepen elk wat voor krachtig medium ze vertegenwoordigen. En als kleine bonus zitten Metal Gear 1 & 2 (de MSX-varianten) er ook in, twee alleraardigste spellen die voor hun tijd een bijzonder sterke verhaalvertelling kennen.