Het is leuk om met vrienden te spelen. Vroeger speelde je met ze in de zandbak, later op het trapveldje in de buurt en tegenwoordig dient vooral het internet als uitvalsbasis om de onderlinge strijd aan te gaan. De meeste games spelen daar handig op in en bieden de gelegenheid om met of tegen je vrienden te spelen. Er zijn echter uitzonderingen. Lord of Arcana is zo’n uitzondering. Het spel valt terug op het oude principe dat je bij elkaar in de buurt moet zijn om samen te kunnen spelen.

Lord of Arcana is een hack-and-slash-RPG die je het beste kunt vergelijken met Monster Hunter. Gezien het succes van deze serie is het niet verwonderlijk dat de klonen als paddenstoelen uit de grond schieten. Lord of Arcana wil ook een graantje van het succes meepikken en blijft daardoor trouw aan de formule van Monster Hunter, waarin de jacht op grote monsters en het verzamelen van voorwerpen centraal staan. Wel voegt het daar zelf een paar elementen aan toe om toch iets van een eigen identiteit te hebben.

Van hero tot zero

Aan het begin van Lord of Arcana creëer je een personage, waarna je direct in een kerker gedumpt wordt met een flink wapen, een ijzersterke uitrusting en alle mogelijke vaardigheden. Deze beginfase legt de besturing uit en laat je langzaam wennen aan de stijl, de tegenstanders en het gebruik van de camera. Al snel wordt duidelijk dat je ondanks een krachtig wapen zelfs met de meest simpele vijanden de grootste moeite gaat hebben. Nadat je een paar goblins verslagen hebt, staat al direct een monster van formaat op het menu. Oog in oog met een draak worden je geschonken gaven tot het uiterste getest. Het is vooral een uithoudingsstrijd, want het monster lijkt over een haast onuitputtelijke bron van levenskracht te beschikken. Na een slijtageslag van een minuut of vijftien is de draak verslagen en kan het spel eindelijk echt beginnen.

Mysterieus ontdaan van al je krachten en speciale vaardigheden arriveer je in het koninkrijk Horodyn, waar duidelijk wordt dat de bevolking een held nodig heeft. Het koninkrijk wordt geteisterd door monsters en het is aan jou om de orde weer te herstellen. Meerdere andere vechtersbazen hebben dit doel ook voor ogen en ze hebben zich verenigd in een vechtersgilde. Als nieuwkomer moet je laten zien dat je het waard bent om toe te mogen treden tot dit exclusieve gezelschap. Na het voltooien van een toelatingsexamen in de vorm van een quest ben je aanbeland op de onderste trede van de gilde en krijg je de beschikking over nieuwe quests om je omhoog te werken. Het verhaal is flinterdun en ook de presentatie laat visueel en tekstueel nogal te wensen over.

Spaar ze allemaal

Gelukkig draait het in dit genre meestal niet om het verhaal, maar zijn een uitgebreid aanpassingssysteem, een grote hoeveelheid gevarieerde quests en de intensiteit van de gevechten de graadmeter voor de kwaliteit van de game. Ook in dat opzicht laat Lord of Arcana echter nogal wat steekjes vallen, die voorkomen dat je de game in plaats van een gemiddelde kloon een geduchte concurrent van Monster Hunter kunt noemen. De quests komen vaak op hetzelfde neer: verzamel een flink aantal objecten of versla een overdosis aan een bepaald soort vijanden. Doordat je veel moet grinden om je personage langzaamaan sterker te maken en partij te kunnen bieden aan de sterkste monsters, was meer afwisseling op dit vlak zeker geen overbodige luxe geweest.

Je uitrusting kun je overigens volledig aanpassen naar je eigen smaak en vechtstijl. Met de voorwerpen die verslagen vijanden laten vallen, kun je bij een smid of alchemist nieuwe wapens, bepantsering en magische drankjes laten vervaardigen of je huidige uitrusting sterker maken. Er zijn ontzettend veel aanpassingsmogelijkheden en dat geeft het eindeloos grinden van in herhaling vallende quests een zeker doel, buiten de ervaring die je ermee opdoet.

Het monster in de kamer

De gevechten zelf zijn interessant te noemen. Ze zijn over het algemeen genomen lang van duur, zeker in verhouding tot de beloning die er tegenover staat, maar dat zorgt er wel voor dat je continu scherp moet blijven. Een paar momenten van onachtzaamheid en je bent dood. Wat in het geval van Lord of Arcana vaak betekent dat je tientallen minuten voor niks hebt gestreden. De voorwerpen die je verzameld hebt tijdens de betreffende opdracht, ben je dan namelijk gelijk kwijt. Het spel is hierin vrij hard, maar dat leert je voorzichtig te zijn en niet zomaar elk gevecht zonder tactiek in te gaan, met je zwaard als een malle in de rondte zwaaiend. Er wordt een zekere oplettendheid van je verwacht. Elk monster, groot of klein, heeft een aanvalspatroon. Wanneer je dit patroon eenmaal ontdekt hebt en er rekening mee houdt, is de helft van het gevecht al gestreden.

De andere helft van het gevecht is voornamelijk de strijd tegen je eigen wilskracht en de klok. Elke quest heeft namelijk een tijdslimiet, die op het eerste gezicht vrij genereus lijkt, maar in de praktijk nog wel eens kan drukken op je aanvalsplan. Vooral de grote monsters vergen een heleboel tijd om te verslaan. Gevechten van twintig minuten zijn geen uitzondering. Hiermee komen we meteen bij het grootste kritiekpunt op dit spel: wanneer je in je eentje speelt, lijken de verhoudingen tussen jezelf en de tegenstanders niet te kloppen. Het voelt iedere keer weer alsof je met een satéprikker tegen een stenen muur staat te slaan. Zelfs de veelvoorkomende vijanden als goblins en skeletten hebben net iets te veel spinazie gegeten en gaan niet zo makkelijk neer als je zou verwachten. Ook niet wanneer je eenmaal een hoog level hebt bereikt qua kracht en wapen.

Lord of Arcana had met name voor het Westerse publiek zoveel interessanter kunnen zijn wanneer er aan gedacht was om online infrastructuur in de game te stoppen, zodat je gemakkelijker medespelers kunt vinden om samen monsters mee te slachten. Dat is een flink gemis, want doordat de balans echt belabberd is als je in je eentje speelt, slaat de verveling na een tijdje toe. Je bent continu met dezelfde handelingen bezig, in gevechten die gevoelsmatig te lang duren. Je kunt nu enkel via Ad hoc met maximaal drie andere mensen tegelijk op een quest gaan. Misschien toch maar eens je PlayStation Portable meenemen en bij het trapveldje gaan kijken?