Yuji Naka's wens was een game verzinnen waarbij je geen controller in je handen houdt. Waarschijnlijk had de bedenker van Sonic the Hedgehog, die tegenwoordig zijn eigen studio heeft (Prope), nog niet van Microsoft's Project Natal gehoord, want hij bedacht een andere manier om een game zonder controller te besturen. Alles wat je nodig hebt is een doos en een vinger…

Zoals met de meeste doeltreffende uitvindingen is ook Naka's idee ogenschijnlijk simpel. Men neme een doos (die gratis met Let's Tap meegeleverd wordt), waar vervolgens de Wiimote met de bovenkant naar beneden op wordt gelegd. Vervolgens tik je met je vinger op de doos. De Wiimote pikt de trillingen op via de doos en vertaalt die naar de game. Bij elke tik die je op de doos geeft, loopt bijvoorbeeld een personage vooruit. Een uitermate originele manier om een game te besturen, maar dan moet er natuurlijk wel leuke gameplay omheen gebouwd worden.

Vinger op de doos

Dat is gedeeltelijk gelukt. Let's Tap bestaat uit vijf kleinere spellen, waarvan er een aantal goed geslaagd zijn. Het probleem met dergelijke verzamelingen is echter dat de complete ervaring vaak niet bevredigend genoeg aanvoelt. Er is geen verhaal, geen doel waar je naartoe kunt werken; het zijn gewoon vijf spelletjes. Naka's ervaring met onder andere Sonic zou zich prima lenen om een volledige game te bouwen met deze leuke besturing, maar dat bewaart hij vast voor een volgend project.

Terwijl we daar op wachten, moeten we het doen met deze verzameling van spelletjes en het moet gezegd worden: daar gaat het gamershart niet direct sneller van tikken. Wel blijkt al snel dat er een aantal games boven de middenmoot uitstijgen, met Tap Runner als grote winnaar. Dat komt omdat het lijkt op een traditionele platformer en dus voor ervaren gamers herkenbaar is. Daarbij is het ook de enige game die niet als een veredelde tech-demo voelt die de grappige besturing moet tonen. De game kent dan ook een grote hoeveelheid aan verschillende racebanen, waardoor je er wat langer zoet mee blijft dat de andere spellen in Let's Tap.

In tweedimensionale levels ren je met een simpel ogend poppetje van links naar rechts door met je vinger op de doos te tikken. Drie computergestuurde of menselijke tegenstanders doen hetzelfde en degene die het eerste bij de finish is, heeft gewonnen. Ondertussen word je vertraagd door obstakels als elektrische ballen en bewegende blokken, die je als je niet uitkijkt voor korte momenten stoppen en platstampen. Het is tijdens de race belangrijk in een vast ritme te blijven tikken, zodat het poppetje in een goed tempo vooruit blijft rennen. Tik je te snel, dan struikelt je personage over zijn eigen voeten. De kracht die je achter een tik zet, is niet van belang. Het is juist beter om zo zacht mogelijk tegen de doos te tikken, zodat de controller niet verschuift.

Tap Runner is niet de enige leuke game in Let's Tap. Een andere favoriet is Silent Blocks, een puzzelgame waarin je gekleurde schijfjes uit een toren moet tikken zonder die toren om te laten vallen. Omdat je drie of meer schijfjes van dezelfde kleur in de toren op elkaar moet krijgen voor meer punten, is het zaak bepaalde schijfjes van de verkeerde kleur er tussenuit te tikken. Om de beurt worden de verschillende schijven in de toren geselecteerd en wanneer je bij een fout schijfje bent aangekomen, kun je één keer tikken om die schijf te selecteren. Vervolgens moet je op de doos blijven tikken tot de steen er tussenuit 'floept'. Hoe sneller je tikt, hoe meer de toren wiebelt en om mogelijk omvalt, waarna het spel voorbij is. Geduld is dus het sleutelwoord.

Net zoals in Tap Runner heeft Silent Blocks een multiplayer-modus en dan komt de verslavende factor van deze game pas echt naar voren. Wanneer je tegen een vriend of vriendin deze puzzelgame speelt en zo snel mogelijk verschillende kleuren combineert, is het vrij gemakkelijk om je geduld te verliezen en dat resulteert meestal in een gevallen toren, waarna je helemaal opnieuw moet beginnen. Hilarisch voor je tegenstander natuurlijk.

Korte levensduur

De drie overgebleven games zijn voor meer ervaren gamers eigenlijk maar voor korte duur leuk. Visualiser is een simpele interactive screensaver met verschillende achtergronden. Tik je bijvoorbeeld op de doos, dan knalt er vuurwerk in de lucht of wordt er geplonsd in het water. Rhythm Tap is een simpel vormgegeven muziekgame die dankzij het tappen met je vingers erg doet denken aan Donkey Konga. Ronde icoontjes bewegen zich van rechts naar links op het scherm en door goed te timen volg je het ritme van de muziek. Andere muziekgames bieden dankzij verschillende accessoires natuurlijk een veel intensere ervaring. Dan is er nog Bubble Voyager, een uitgeklede variant van bekende shooters als R-Type. Je zweeft met een robot door de lucht en moet meteorieten en vijanden kapot schieten door op de doos te tikken. Hoewel dit spel leuk is om kort te spelen, zit er te weinig variatie in de levels, die willekeurig gegenereerd lijken te worden, om echt lang te boeien.

Let's Tap kan het beste als experiment worden beschouwd: is het mogelijk een leuke game te maken die je eens niet met een controller in je handen kunt spelen? Waar Microsoft's aankomende Project Natal echt geen controller vereist, daar bestuur je Let's Tap in feite toch nog met een controller, al is het indirect. Dat neemt niet weg dat het een verfrissende manier is om een game te besturen. De potentie is er, dat blijkt wel uit leuke games als Tap Runner en Silent Blocks, maar voor echt vermaak zien we toch liever een complete game die er omheen wordt gebouwd. Op deze manier komt de ervaring toch niet echt verder dan een noviteit die geen lange adem heeft. Leuk? Erg. Voor lang? Helaas niet.