De eerste Jurassic Park-film heeft mijn jeugd gedomineerd. Door de film werd ik als kind gek op dinosaurussen en speelde met plastic figuren de avonturen van paleontoloog Alan Grant na. Ik hoopte dat ik door Jurassic Park: The Game mijzelf weer even dat kleine kind kon voelen, verdwaald in de wondere wereld van het dinosauruspretpark. In werkelijkheid ben ik een paar uur bezig geweest met hersenloos repetitief op een paar knoppen drukken, terwijl ik keek naar een belabberde uitvoering van een vrij degelijk Jurassic Park-verhaal.

Lachwekkend

Het startscherm van Jurassic Park: The Game belooft niet veel goeds. Een tyrannosaurus rex komt plotseling brullend in beeld, maar in plaats van dat het een schrikeffect teweeg brengt barst je in lachen uit. Het is werkelijk té kinderachtig voor woorden, en dat terwijl de game een PEGI-classificatie heeft van zestien jaar. Als je de films nog kunt herinneren, zijn de vleesetende dinosaurussen de meest bad ass dieren uit de historie van de aarde. In Jurassic Park: The Game lijken de meeste dinosaurussen op een LEGO-uitvoering van zichzelf.

Ontwikkelaar Telltale Games probeert een nieuw verhaal te koppelen aan de gebeurtenissen uit de eerste film. De eerste film gaat deels over de gezette Dennis Nedry, een computerprogrammeur die bij Jurassic Park werkt. Nedry krijgt van het concurrerende bedrijf inGen een flinke som geld als hij een aantal dinosaurus-embryo's het park uit smokkelt. Hij deactiveert het beveiligingssysteem, verstopt de embryo's in een bus scheerschuim en wordt na een ongeluk met zijn auto door een dilophosaurus te grazen genomen. Jurassic Park: The Game gaat met drie verschillende verhaallijnen door op deze gebeurtenis.

Mexicaanse prostituee

Op het eiland van Jurassic Park is dierenarts Gerry Harding (die ook in de eerste film voorkomt) bezig zijn dochter Jessi rond te leiden. Tegelijkertijd is Nima, een Costa Ricaanse huurling, voor InGen op zoek naar de verloren scheerschuimbus met embryo's en zijn twee soldaten eveneens door InGen ingezet om alle mensen veilig van het eiland te krijgen. Gedurende de game speel je al deze verschillende personages, waardoor je nooit echt een band krijgt met één specifiek persoon. Zelfs het op het eerste gezicht tofste personage Nima klinkt als een Mexicaanse prostituee en praat met een slinkse, slissende tongval. Zij kraamt om de haverklap kreten als 'ándale pues!' (het is al goed) of 'este guanacas!' (iets over bergen) uit, terwijl ze met haar machete als een inboorling de struiken kapt. Wat haar achtergrond en de Spaanse kreten precies met Jurassic Park te maken hebben, is onbekend.

Dat de personages zo inhoudsloos zijn, komt voornamelijk door de oppervlakkige conversaties die je voert. Als je een gesprek begint kun je vaak kiezen uit drie opties, waarvan er maar één leidt tot een nieuw tussenfilmpje. Tijdens dat tussenfilmpje moet je een aantal keer de goede toets indrukken. Dat leidt weer tot een nieuw tussenfilmpje. Dan mag je op het vergrootglas-icoontje drukken. Je kunt wel raden waar dat toe leidt. Kortom: je wordt door deze opzet maar heel weinig bij de keuzes van personages en het verhaal betrokken.

Ik wil bloed zien

De tussenfilmpjes bestaan voor negentig procent uit simpele quick-time events waar je moet rennen door de jungle, in de richting van een object of moet ontsnappen van een dinosaurus. Als je te laat op de knop drukt, val je over een tak en word je door de hongerige dinosaurus(sen) verslonden. En dat ziet er onbevredigend uit. Als je wordt gepakt door een dinosaurus, wil je de vreetpartij zien of een met bloed besmeurd lijk dat half uit elkaar is getrokken. In plaats daarvan zie je hoe dinosaurussen je met een sierlijke beweging de lucht in gooien om je daarna met hun bek op te vangen. Geen spatje bloed te bekennen. Zodra je in de bek van een dinosaurus belandt en op het punt staat om in tweeën te worden gebeten, is het tussenfilmpje afgelopen.

De simpliciteit van de gameplay wordt benadrukt door het ontbreken van een inventaris. Als je een object vindt die je in de game kunt gebruiken, leidt dit meteen weer tot een tussenfilmpje of quick-time event. Hierdoor heb je totaal geen interactie met de spelwereld en besef je heel duidelijk dat je als een robot aan het klikken bent om de game te spelen. Daarnaast zijn de puzzels ook nog eens erg gemakkelijk, waardoor de enige uitdaging die Jurassic Park: The Game biedt het op tijd indrukken van een toets is.

We hebben de soundtrack nog

Je kunt Jurassic Park: The Game daarom als een slechte interactieve B-film zien die je handmatig afspeelt door toetsencombinaties in te drukken of met de muis te klikken. De houterige bewegingen van personages, de inconsistente mondbewegingen tijdens het praten, de soms ronduit lelijke graphics, het onlogische wisselen van personages tijdens het spelen, de kinderlijk geportretteerde dinosaurussen, het gemis van enige achtergrondinformatie of motieven bij personages: het zorgt er samen voor dat je geen moment lekker in de game zit. En het ergste is nog dat het verhaal dat Telltale Games probeert te vertellen absoluut niet slecht is (het bevat zelfs enkele leuke plottwists), maar dat de uitwerking enorm tekort schiet.

Wie zich de scène met de velociraptors in de keuken uit de eerste film nog kan herinneren, weet dat je door de spanning soms even vergat adem te halen. Of dat je met zweethandjes toekeek hoe de tyrannosaurus rex met wel tachtig kilometer per uur de auto achterna rende. In Jurassic Park: The Game ontwijk je met een klein meisje vijf keer de grote T-Rex op ongeveer twintig vierkante meter, loop je zonder zorgen op een meter afstand van een triceratops en vecht je met je blote handen tegen een velociraptor – de meest gevaarlijke dinosaurus die heeft bestaan. Het enige moment dat je iets van spanning en opwinding voelt, is tijdens het horen van dit deuntje aan het begin van de game.