Een recensie van Injustice: Gods Among Us kan niet geschreven worden zonder de woorden Mortal Kombat te gebruiken. Ontwikkelaar Netherrealm Studios bracht ons in 2011 de zeer geslaagde reboot van Mortal Kombat en zette een paar jaar daarvoor al eerder DC-helden tegenover elkaar in Mortal Kombat vs. DC Universe. Hoe graag Injustice ook zijn eigen game zou willen zijn, dat is het uiteindelijk niet geworden. Deze game is bekend, geschaafd, veranderd en ergens in al die processen is het ook een tikkeltje beschadigd rondom de randjes. Dit is een Mortal Kombat-spin-off, al zal zowel Netherrealm Studios als de echte DC-fan dat hoofdschuddend ontkennen.

Geschaafd en beschadigd

De vraag is natuurlijk of het omkatten van zo’n bestaande fighter een probleem is. En het antwoord is nee. Injustice leert namelijk van zijn voorganger. Je kent de animaties, de speciale moves (Batman roept nog net geen ‘come over here’), de input die dergelijke aanvallen vereisen (voor, achter, driehoekje). Je bent bekend de uppercut en de manier waarop een vollopende meter ingezet kan worden voor het versterken van aanvallen of het inzetten van die ene ultieme special move. Bovendien is Injustice niet bang om ermee te experimenteren. De twee levensbalken en het feit dat je na het slopen van een zo’n balk allebei even een korte adempauze neemt is zo’n nieuw foefje dat slaagt. Voornamelijk omdat het wat tactisch inzicht met zich meebrengt, aangezien je de meest brute aanvallen beter even tot de volgende levensbalk bewaart als je tegenstander nog amper wat over heeft op z’n eerste balk.

En er is meer ambachtelijk geknutsel dat we goedkeurend toezien. De interactiviteit van de omgevingen, met voorwerpen om te smijten, raketten om af te vuren of vrachtwagens vol bijtend zuur waar je tegenstanders in beukt, bieden een bijzonder welkome afwisseling naast de statische achtergronden van zo’n beetje elke andere fighter op de markt. Of wat te denken van een cooldown move die Superman meer kracht geeft, of The Bat van drie projectielen voorziet.

Andere toevoegingen zijn minder geslaagd. Zoals het feit dat verdedigen alleen werkt als je naar achter beweegt, in plaats van dat er sprake is van een toegewijde knop om te blocken. Of de compleet misplaatste wager-optie, waarbij een speler een deel van zijn vollopende meter kan verwedden tegen die van de tegenstander. Wie het hoogst inzet, deelt schade uit of wint leven terug. Maar de balans is zoek in die gimmick. Omdat er maar vier mogelijke inzetten zijn, omdat die balk helemaal niet zo denderend belangrijk is en omdat het terug te winnen leven of de toe te brengen schade maar minimaal is. Het zijn een paar van de kleine misstapjes die we makkelijk vergeven hoor, de doorgewinterde vechtfanaat stoot de tenen ergens anders tegen: de iets te oppervlakkige actie waarmee je elkaar te lijf gaat.

Bestaansrecht

Voordat je een negatieve ondertoon tussen de regels door gaat lezen: Injustice is een zeer vermakelijke fighter geworden als je puur kijkt naar de gameplay. Het is echter wel een game die het niet van die kern moet hebben. De gameplay is net een stapje te traag, de personages en hun speciale moves lijken teveel op elkaar om echt onderscheidend te zijn en het aanwezige combosysteem heeft niet heel veel meer diepgang dan Huisje, Boompje, Barbie. Nogmaals, wat overblijft is een vechtsysteem dat nieuwkomers absoluut gaat vermaken. Maar de harde kern kan het beter houden bij Mortal Kombat. Tenzij je een DC-fan bent natuurlijk, want eigenlijk is deze game voor hen gemaakt.

De verhaallijn in de singleplayer, die je een handjevol uurtjes zoet houdt, is een fanservice om van te smullen. Zou de schrijver erachter het in boekvorm uitbrengen, dan zouden we ‘m aanraden nog even te wachten met het bestellen van een smoking voor het boekenbal. Maar zet superhelden tegenover elkaar in een parallelle dimensie en je hebt de gemiddelde gamer al snel vermaakt. Net als bij Mortal Kombat loodst de verhaallijn je langs verschillende personages van het ene naar het andere gevecht. Fighters die daar zoveel liefde en aandacht insteken zijn op één hand te tellen en daarvoor alleen al verdient Injustice een grote pluim – maar vergelijk het vooral niet met de verhalen die bij andere soorten games worden verteld.

Tel bij dit alles op dat het concept an sich al waarde heeft (zeg eerlijk, de belofte dat we als Superman tegenover Batman staan, of dat we als Catwoman mogen matten met Aquaman doet jou toch ook iets?) en Injustice: Gods Among Us heeft meer dan voldoende bestaansrecht.


DC-malloten, sla je slag!

Aan het einde van de rit wordt de DC-fan hier op zijn wenken bediend. De uitgebreide spotlight die veel (ondergewaardeerde) personages krijgen, hun speciale krachten en de heerlijke absurditeit van de allersterkste aanvallen vormen samen een gouden combinatie voor de voor de hand liggende doelgroep. De echte fighting fan zal zich hier ook prima vermaken, maar na het uitspelen van de verhaallijn (of enkele van de honderden speciale S.T.A.R.S.-missies die aanklooien met diverse variabelen) volgt al snel de onvermijdelijke terugkeer naar grotere namen in het genre. Ondanks de opzet, vraagt Injustice je uiteindelijk dus helemaal te kiezen tussen kamp Superman en kamp Batman. Het bekent gewoon kleur en stelt een compleet andere vraag: zit je in kamp DC of zit je in kamp hardcode fighter? 

Deze game is getest op PlayStation 3.