Indiana Jones and the Emperor's Tomb playtest.

Uiteraard onmisbaar in deze featureweek is een review van de nieuwe titel waar deze week om draait: Indiana Jones and the Emperors Tomb. Oftwewel, Indy 6. Wij allen, bekenden in de gamesindustrie onder elkaar, weten natuurlijk waar de liefelijke Lara Croft uit Tombraider vandaan komt. Juist, Indiana Jones in de vouwelijke vorm. Het is dan ook niet verwonderlijk dat Indy speelt zoals wij dat verwachten van een goede Tombraider. Als dat alles is wat je wou weten, lees dan niet meer verder. Wil je er achterkomen wat er precies goed en slecht is in deze game? Dan zou ik nog maar even verder lezen. Wij nemen de Xboxversie van het spel onder handen. Indy en het Drakenoog Zoals het een Indiana Jones film, en game, betaamd is er sprake van een bovennatuurlijk oud voorwerp dat de aandacht van Indy trekt. Het Oog van de Draak. Na teruggekeerd te zijn uit een 'grafroof' in Zuid-Amerika krijgt Indy de opdracht van de liefelijke oosterse schone genaamd Mei Ying om het magisch artefact te vinden voordat hij in kwade handen valt. Je voelt hem al aankomen, de Nazi's spelen wederom een rol in deze game. Een Indiana Jones zonder Nazi's is zoals een pot zonder drol. Vechtend en slingerend door verschillende continenten heen verzameld Indy de benodigde voorwerpen en hints zodat hij het Drakenoog kan lokaliseren. Niets is echter wat het lijkt, en al snel zit Indy op de gebruikelijke sneltrein naar problemenland. Verwacht geen diep en overweldigends verhaal, eerder een luchtig verteerbare excuus om het een en ander aan Nazi's af te tuigen en eeuwenoude tombe's te plunderen. Al is het beduidend minder interessant dan het gemiddelde Indiana Jones filmscript, slechter dan de Tombraider film is het niet. Al moet je het met een kleinere cupmaat doen. Is het Indy? De grote hamvraag is natuurlijk, heeft de titel de de sfeer en charmante humor die je in de films tegenkomt? Ja en nee. Wat het spel wel heeft is de droge opmerkingen en de strakke actie die je in de films verwacht. Wat het spel niet heeft is Harrison Ford. De enige echte Indy is vervangen voor een onaantrekkelijke gewone huisman met een monotone robotstem. Hij heeft de bouw, de rug, de kleren, de hoed en de zweep. Maar hij heeft niet de kop en de stem en dus ontbreekt gedeeltelijk Harrison Ford's legendarische charme. De sfeer van het spel verminder er slechts sporadisch door, deze momenten treden vooral op wanneer je direct geconfronteerd wordt met het gezicht van de 'wannabe' bedrieger of deze in zijn monotone stem probeert onze geliefde Harrison Ford te imiteren. Het bekende “I have a bad feeling about this…” is nauwelijks zo grappig als het hoort te zijn, juist door deze monotone onwellustige stem van een tot zelfmoord neigende oudere huisvader met prostaatverstoppingen. Als deze Harry Opel met zijn rug naar je gekeerd staat heeft hij echter alles weg van onze oude vertrouwde Indy uit de filmsm, en spelen we met genoegen verder. Al met al een klein minpuntje, maar begrijpelijk. Om Harrison Ford uit zijn drukke (?) schema te halen om een paar voice-overs te doen en hem een miljoentje toe te stoppen om zijn hezicht te mogen gebruiken was waarschijnlijk net boven het budget. Toch rijst bij ons de vraag: je bent Lucasarts voor een reden, dus waarom niet?

Klein minpuntje, genoteerd. Pluspunt is dat de rest van het spel, de levels en de algemene sfeer op een paar levels na wel goed in elkaar zitten. Mocht je het even zat zijn om je te ergeren aan Indy's buitenaardse gezicht,/stem en neem de tijd om rustig om je heen kijken, is het toch allemaal opmerkelijk Indiana Jones.