Soms kan ik mijn ei gewoon niet kwijt in een game. En dan is het soms ook nog eens zo dat ik daarmee finaal tegen de ‘ normale’ richtlijn inga. Ook met Heatseeker is dat zo, een spel dat in de pers niet eens zo’n heel slechte scores geniet. Mij wist het echter niet te bekoren, waarom? Maaien wat de klok slaat

Heatseeker is een simpele recht toe recht aan vliegtuigenknaller. Het pretendeert geen simulatie te zijn, er is geen brandstofmeter, er staan duizenden raketten tot je beschikking en je machinegeweer zal nooit opraken. De vijanden komen in tientallen op je af en het is slechts zaak om zo snel mogelijk het luchtruim te ledigen. Een verhaal bezit de game amper. De eerste missies beginnen al heel vaagjes met het uit de hand lopen van een trainingsmissie. Eén missie later lig je al volop onder vuur door tientallen rebellen vliegtuigjes, helikopters, boten en jeeps. Lekker onzinnig dus.

Fun? Het is even leuk hoor, dat maaien en knallen om je heen. Raket na raket vuur je af op je vijanden, want een lock-on heb je sneller dan dat je het vliegtuig met je machinegeweer kapot krijgt. Twee raketten zijn meestal meer dan voldoende om een vliegtuig uit de lucht te knallen. Om het allemaal wat filmischer te maken trakteert de game je af en toe op een ‘stoere’ impact cam. Die impact cam is de eerste keer grappig, en de tweede keer ook nog wel. Maar na drie keer heb je het toch echt wel gezien. Het is continu dezelfde animatie, met af en toe een andere invalshoek, en steeds dezelfde eentonige explosie. Enfin, dat afvuren van raketten en vijanden uit de lucht halen is wel leuk. En het blijft ook wel even leuk, het is alleen zo verdomd gemakkelijk. En dat maakt het spel uiteindelijk niets meer dan één grote herhalingsoefening, die af en toe afgewisseld worden met gronddoelwitten, die gruwelijk lastig te raken zijn omdat je vliegtuig zo ontzettend hard gaat, en een jeep de 80 kilometer per uur maar amper lijkt te halen. Blokkendoos

Grafisch imponeert het spel ook amper. Stel je lege eilanden voor, gevuld met blokkendozen waar zwarte gaten in zitten, die de ramen moeten voorstellen. De kartelrandjes komen ook weer helemaal terug in deze game, net nu je denkt daar voor een groot deel vanaf te zijn. Ook wat de schaal betreft is het maar een beetje een rare bedoeling. Een jeep is al snel een keer of tien kleiner dan jouw vliegtuig, terwijl je er toch écht bijna bovenop zit. Een groot flatgebouw komt al meer in de buurt van de omvang van jouw straaljager. Het is niet storend, maar gewoon raar.

Ik kan niet vliegen! Wat me nog het meeste wist te storen aan het spel was de snelheid waarmee de orders naar me toegeblaft werden. “Schiet die boot neer anders is onze hele basis straks naar de filistijnen!”. Got it, bootje uitschakelen, ik ben onderweg. “Pas op die vijandelijke vliegtuigen! Schiet ze snel neer voordat ze onze transporten uitschakelen!”. Ok, uhm ja nou dan ga ik wel achter die vliegtuigen aan toch? “Dat schip! Schiet het schip nou neer!”. Ja, gast wat wil je nu? “Oh nee! Een jeep met saboteurs rijdt over het eiland, schakel die jeep uit!”. Ja hallo, ik kan niet vliegen! Je krijgt gelukkig wel nog lichte ondersteuning van een wingman, een kameraad die jou bijstaat in je missies. Door een vijand te selecteren en op de A-knop te drukken geef je de simpele opdracht tot aanvallen. Doe je dit bij een vriendschappelijk vliegtuig of schip, dan zal je wingman hem of haar verdedigen. Handig dus. Bestuurlijke problemen

Het enige wat nog te behandelen valt is eigenlijk de besturing. In eerste instantie werkt deze best goed, al is het soms iets te gevoelig. Er kan op twee manieren gestuurd worden, door de Wii-mote te wijzen naar de zijkanten van het scherm maakt je straaljager een bocht in die richting. Dit geldt ook voor stijgen of dalen. Met de joystick valt alleen naar links en naar rechts te sturen: wijs je de joystick naar voren of naar achter, dan gebruikt je vliegtuig namelijk zijn afterburners om te remmen, of zijn kleppen om te ‘remmen’. De Z-knop verbergt het machinegeweer en met de B-knop kunnen raketten afgevuurd worden. De pijltjestoetsen geven de opdrachten aan de wingman of verandert de load-out van raketten naar bommen of iets dergelijks.

De besturing zit dus in feite goed in elkaar, maar op twee momenten heb je er problemen mee. Als het vliegtuig vertraagt, om bijvoorbeeld te landen, wordt het extreem gevoelig sturen. Dit maakt het landen veel moeilijker. Daarnaast zul je moeten wachten tot het vliegtuig vanzelf zijn landingsgestel uitklapt, dus te vroeg landen betekent een vroegtijdig einde van de landingspoging. De andere keer dat de besturing in de weg gaat zitten, is tijdens het bombarderen van gronddoelwitten. Om een bom goed neer te laten komen heb je even de tijd nodig om te mikken. Omdat het te lang duurt om het vliegtuig de lucht in te gooien (en daarna in een rustige duikvlucht naar beneden te laten vallen en de bom te droppen) zak je liever tot bijna boven de vijand. Maar ook dan moet je weer vertragen, dus de gronddoelwitten kunnen jouw mooie straaljager dan prima op de korrel nemen, terwijl jij wanhopig probeert jouw bom goed neer te laten komen. Vanzelfsprekend gaat dit dus een keer of drie, vier mis, tot je uiteindelijk met behulp van vier bommen, de vijand hebt weten te vernietigen. Om vervolgens nog een kleine twintig boten in het verschiet te hebben...