Het zijn goede tijden voor de Formule 1-game liefhebbers. Was het jarenlang F1game-goeroe Geoff Crammond die de enige serieuze F1-sims maakte, sinds de komst van EA's F1 2001 en F1 2002, is er feitelijk nu pas serieuze competitie voor de Geoff Crammond-games, de toch niet slechte Ubisoft-probeersels van enige jaren terug ten spijt. En, het kan geen toeval zijn, vrijwel tegelijkertijd kwamen zowel Infogrames (Grand Prix 4) als EA Sports (F1 2002) met hun nieuwste F1-troeven op de markt. Aan welke spendeer je het beste je (al dan niet eerlijk) verdiende 49,95 Euro? Ga lekker zitten en aanschouw onze bevindingen van beide games.

Instellingen en menu's

Start F1 2002 op, en aanschouw het bekende F1 2001-menu. Natuurlijk met hier en daar wat kleine aanpassingen, maar qua layout zal de doorgewinterde F1 2001-fanaat zijn weg onmiddellijk weten te vinden. De menu's passen zich overigens qua kleurstellingen aan aan het gekozen team. Kies je Ferrari, zal de hoofdkleur van de menu's rood zijn, kies je een Sauber, wordt het blauw. Een soort thema's dus. Het geheel is overzichtelijk en dat is een goede zaak, gezien de 2 miljard instellingen die je kunt wijzigen! Je kunt werkelijk alles aanpassen: in plaats van rijdershulpmiddelen alleen aan en uit zetten, kun je verschillende gradaties kiezen. Dus je hebt een redelijk zware rechtervoet, maar wilt toch niet teveel traction control, dan kan dat. Zelf op- en terugschakelen een probleem voor de arme vingertjes (of weer een hendeltje van je Thrustmaster-stuurtje afgebroken )? Geen probleem, dit kun je aan- en uitzetten, maar je kunt ook kiezen voor uitsluitend automatisch opschakelen, of juist alleen terugschakelen. Hierdoor is F1 2002 precies aan je eigen rijvaardigheid aan te passen, en dat zal veel beginners aanspreken.

Ook voor Grand Prix 4 geldt dat de doorgewinterde GP3-speler zijn weg snel zal terugvinden: veel opties zijn hetzelfde gebleven en zitten op dezelfde plek. Het uiterlijk op zich is wel veranderd, met mooie donkere kleuren en bewegende achtergronden. Lekker muziekje erbij en het navigeren wordt al wat aangenamer. En dat is maar goed ook, want voor een n00b zijn de menu's van Grand Prix 4, layout-technisch, niet in een oogwenk te doorgronden. Dit is overigens nooit een sterk punt geweest van de GPx-serie. Heb je eenmaal je weg gevonden, zie je dat de mogelijkheden minder uitgebreid zijn dan in F1 2002.

Je kunt in GP4 kiezen uit vijf moeilijkheidsgradaties, van rookie tot ace. Hieraan gekoppeld zit de sterkte van je tegenstanders, en het aantal rijders-hulpmiddelen die je kunt inschakelen. Technische problemen aan je auto staan hier los van, je kunt zelf instellen welke technische gebreken je race mogen vergallen, zoals oliedruk, lekke banden en dergelijke. Ook zal een BAR hier sneller last van hebben dan een Ferrari. Verder geldt voor beide games dat er op grafisch- en op geluidsgebied de nodige opties te definiëren zijn.