Het portfolio van Insomniac, dat Fuse in 2011 aankondigde als Overstrike, onderstreept dat de Amerikaanse studio tot mooie dingen in staat is. De ontwikkelaar schotelt gamers al jaren series als Ratchet & Clank en Resistance voor, al deed het dat enkel voor de consoles en handhelds van Sony. Met Fuse lanceert de ontwikkelaar zijn eerste multiplatformgame, al is het helaas een vergetelijk debuut.

Kijken we naar de E3-trailer van 2011 van Overstrike, dan zijn de overeenkomsten met Fuse overduidelijk. Fuse draait om…nou…fuse, een buitenaards stofje dat in 1944 werd ontdekt en door een bizarre moleculaire structuur al het aardse kan laten imploderen. Natuurlijk belandt Fuse in de verkeerde handen en wordt het al snel ingezet als massavernietigingswapen. Het is aan vier huursoldaten die een kwaadaardige corporatie van nog ergere daden te weerhouden.

Personages

Dat Fuse verhalend geen potten breekt, maakt weinig uit voor het daadwerkelijke speerpunt van dit on- en offline coöpspel: de experimentele wapens. De stoere marinier heeft een schild dat kogels afweert en de sluipschutter flambeert zijn getroffen tegenstanders met één druk op de knop. Hoewel de sniper een hoge DPS (damage-per-second) heeft omdat hij met één kogel meerdere vijanden tegelijkertijd in de fik kan zetten, zijn de twee dames uit je team leuker om mee te knallen.

Hun wapens veroorzaken bij een reeks welgemikte schoten een kettingreactie. De flexibele femme fatale kan naast onzichtbaar worden een reeks supernova’s veroorzaken met haar warp gun, waar haar vrouwelijke collega bad guys kristalliseert en ze zo aan elkaar rijgt tot één makkelijk doelwit. Met een simpele skill tree kun je die vaardigheden uitbouwen. Aan het einde van de zes uur durende singleplayer ontgrendel je zo bijvoorbeeld de mogelijkheid tijdelijk immens krachtig te worden.

Nou, nee

Tijdens het ontwikkelingsproces legde de ontwikkelaar flink de nadruk op de wisselwerking tussen die personages. “Wanneer je de krachten van ieder personage combineert, stijgt de gameplay tot grote hoogtes”, was de strekking. Nou, nee. In Fuse komt die wisselwerking sporadisch uit de verf. Het schieten met de wapens is vermakelijk, maar was met wat meer functies of combomogelijkheden nog veel interessanter geweest, Natuurlijk werk je samen wanneer iemand gerevived moet worden en natuurlijk komt het Fuse-schild goed van pas als de kogels je om de oren vliegen, maar in aanvallend opzicht is het meestal gewoon ieder voor zich.

Dat is een gemiste kans, al is Fuse prima in je uppie te spelen omdat je op ieder willekeurig moment tussen de vier personages kunt wisselen. Het zogeheten ‘leap-systeem’ werkt erg goed en zorgt ervoor dat je gemakkelijk kunt schakelen tussen de personages die in gevecht zijn en de personages die veilig dekking hebben gezocht. Zo bepaal je zelf het speltempo. Helaas is de kunstmatige intelligentie van je teamgenoten wat dommig, al zetten ze alles op alles om je te reviven als je neergeschoten bent.

Kern van een degelijke shooter

Maar Fuse is zelfs op zijn beste momenten – de singleplayer kent twee of drie cinematische hoogstandjes – niet meer dan vermakelijk. De game knalt lekker weg en het idee achter de wapens is interessant, maar Insomniac heeft het vertikt die dynamiek naar een hoger niveau te tillen. Dat blijkt ook uit de baasgevechten, al kunnen ze daar eigenlijk niet voor door. Het spel schotelt je veel te vaak gigantische, nagenoeg identieke mechs voor, die je alleen kunt vernietigen door er heel, heel, heel vaak op te schieten. Dodelijk saai.

Er valt plezier te beleven aan Fuse, want het spel heeft de kern van een degelijke shooter. Het schieten werkt prima, het cover zoeken is Gears of War-waardig, de Horde-achtige Echelon-modus kan met drie anderen best leuk zijn (al is het de enige modus naast de singleplayer) en het geluid is allerminst slecht. Wie zoekt naar een laagdrempelige coöpshooter kan prima terecht bij Fuse. Verwacht dan enkel niet meer dan dat.