“Papa, ik wil een katje”, zeurt het meisje tegen haar vader. Papa kijkt nog eens naar moeder, die haar schouders ophaalt en het geheel onder het mom van 'het zal wel leuk zijn, toch?' wegwuift. Tien minuten later rijdt het gezinnetje de parkeergarage van de dierenspeciaalzaak uit en klinkt er zacht gemiauw vanaf de achterbank. Vijf maanden later is het kind de kat echter alweer helemaal vergeten en toe aan een nieuwe hobby. Dan is zo'n digitaal huisdier als de EyePet toch een stuk gemakkelijker.

EyePet is Sony's uitwerking van een digitaal huisdier. De game is volledig gebouwd rondom de functionaliteiten van de PlayStation Eye. Dit betekent dat je het huisdier, een katachtig beestje met een ontzettend schattig snoetje, niet met de PlayStation 3-controller maar met je handen door de kamer laat hollen. Op de bediening van het menu na, bestuur je EyePet volledig met bewegingen. Wil je het dier laten rennen, dan beweeg je je vingers en loopt het diertje naar deze plek. Wil je hem laten springen, dan houd je je hand bovenin het scherm. Ook kun je hem een duwtje geven of hem aaien door met je vingers een kietelende beweging te maken boven z'n kopje.

Instellen maar

Je start EyePet in een soort laboratorium waar de EyePets vertroeteld worden en het idee is dat je een eigen huisdier traint en verzorgt. Een stereotype onderzoeker met lange witte jas presenteert je het eitje waar de EyePet inzit en vertelt hoe je de PlayStation Eye op moet stellen. Dat is namelijk nogal een karwei. Je huisdier moet rond kunnen rennen over een grote vierhoek, wat ideaal gezien een grote tafel voor de tv in de huiskamer is. Vervolgens moet je de camera precies zo instellen dat hij de tafel ook als ondergrond in de game ziet en de verhouding ook klopt. Die verhouding kun je weer meten door een soort plastic kaart op de tafel te leggen. De kaart moet precies in een op het beeld aangegeven hok liggen, anders loopt de boel in de soep en zweeft je EyePet continu een paar centimeter boven je tafel. Kortom, een hoop gedoe.

De eerste ontmoeting met je EyePet is dan wel weer een speciaal moment. Nadat de onderzoeker heeft uitgelegd dat je een paar foefjes met het ei uit moet halen, krabbelt het kleine beestje omhoog en kijkt hij je aan met z'n mierzoete ogen. Ook de eerste keer dat je hem over z'n kop aait en in slaap sust door je kietelende bewegingen, biedt een ervaring zoals je die nog niet eerder in een game meemaakte.

Besturingsproblemen

Jammer genoeg is het moment van verbazing maar van korte duur, want de besturing van EyePet werkt verre van feilloos. Sommige bewegingen, zoals het snel bewegen van je vingers om het dier te laten lopen, worden niet altijd geregistreerd en anderen moeten weer heel nauwkeurig uitgevoerd worden. Het grootste probleem is nog wel de plastic kaart, die je in het spel gebruikt om allerlei objecten na te bootsen. Zo is de kaart de melkfles waarmee je de EyePet voert of de centrifuge waarmee je z'n vacht droog blaast nadat je hem gedoucht hebt. De kaart wordt echter lang niet altijd herkend door de PlayStation Eye, waardoor je meer tijd kwijt bent om binnen het reikveld van de camera te komen, dan dat je daadwerkelijk met de opdracht bezig bent. Zeker voor kinderen zijn dit soort besturingsproblemen onoverkomelijk.

Dat de besturing niet optimaal werkt, is absoluut een groot nadeel aan EyePet. Maar de game doet ook veel dingen wel goed en introduceert een aantal gave technieken. Zo kun je het dier leren tekenen door zelf iets met stift op papier te zetten en het voor de camera te houden. Nog leuker wordt het als je een auto moet tekenen en de auto vervolgens ook in 3D tot leven komt op het scherm. Dit zijn de momenten dat de potentie van de EyePet-technologie enorm is. Het is vervolgens jammer dat het omhulsel zo saai is en er maar weinig van de potentie benut wordt.

Kortstondig vermaak

Inhoudelijk is EyePet geen uitdagende game. Het trainen van je dier is opgedeeld in een dagenprogramma, waarbij je langzamerhand alle mogelijkheden van de game vrijspeelt. In totaal zijn er vijftien dagen met ieder vier opdrachten te voltooien tot je een volleerd beestje hebt. De opdrachten zijn echter te summier en vallen te snel in herhaling om lang leuk te blijven. Na twee keer bowlen en drie keer trampolinespringen heb je het wel gehad. En dan kan het nog zo geinig zijn om je dier een aantal liedjes te leren door in je microfoon van de PlayStation Eye te blèren of een potje met hem te kaarten, de houdbaarheidsdatum van dit soort spelletjes is simpelweg te kort.

Ook is het jammer dat er naast het voltooien van opdrachten geen enkele progressie in de game te boeken valt. Je traint je beest niet om een bepaald doel te bereiken en ook het verzorgen van je beest is puur kunstmatig. Was hem drie weken niet en er komen enkel wat vliegjes om hem heen hangen, wat voor het verloop van de game niets uitmaakt. Dit gebrek aan progressie en doel maakt het spel wellicht ook meer speelgoed dan game: kinderen moeten hun eigen verhaal bij het spel bedenken om er het maximale uit te halen.

Spelen blijft echter beperkt tot op je eigen console, want de online functionaliteit van de game is gering. Je kunt nieuwe objecten uit de EyePet-winkel halen en zo je diertje wat opleuken met kekke hoedjes en kleding, maar een mogelijkheid tot het delen van je dier met andere EyePet-spelers is er bijvoorbeeld niet. Er daarmee wordt EyePet ook goed samengevat: er is van alles wel iets aanwezig, maar één coherent geheel waarin je constant geprikkeld wordt met nieuwe uitdagingen ontbreekt. De game is leuk voor eventjes, maar weet bij lange na niet alle potentie van de gebruikte technologie te benutten. De techniek is er, nu de echt interessante game nog.