Met Driver: San Francisco probeert de serie terug te grijpen naar de basis die de franchise in eerste instantie zijn populariteit heeft bezorgd: wilde achtervolgingen, Amerikaanse muscle cars, funky muziek en bovenal: geen mogelijkheid om uit de auto te stappen. Dat laatste was ook wel nodig, want dat was op zijn zachtst gezegd het mindere aspect uit de voorgaande delen. Het is alleen de manier waarop de ontwikkelaar er nu voor heeft gezorgd dat je van wagen wisselt, die de wenkbrauwen bij de meeste mensen doet fronsen.

Tweede plaats

Hoofdpersonage John Tanner kan na een zware botsing met een vrachtwagen uit zijn lichaam treden (in het spel shiften genoemd) om daarna van elke willekeurige persoon in de stad die in een auto rijdt het lichaam over te nemen. Wat hij echter niet weet is dat hij na de botsing in een diepe coma is beland en alles zich in zijn hoofd afspeelt en dat alles beïnvloed wordt door de gebeurtenissen op de televisie in zijn ziekenhuiskamer. Wat volgt is een vreemde, verwarrende verhaallijn waarin Tanner zich langzamerhand realiseert dat hij zich alles inbeeldt, maar ondertussen toch een zaak aan het oplossen is. Wanneer je dit uitgangspunt al verwarrend vindt, kunnen we je vertellen dat de zijmissies van het hoofdverhaal de boel niet veel duidelijker maken. Het is een aaneenschakeling van losjes aan het verhaal verbonden opdrachten tot irrelevante zaken, die eerder bedoeld lijken te zijn om variatie in de missies te brengen dan om echt duidelijkheid te scheppen over wat er zich nu daadwerkelijk afspeelt in Driver: San Francisco. Uiteindelijk zorgt deze complete warboel ervoor dat je het allemaal maar gelaten volgt en het verhaal volledig inwisselbaar wordt. Je moet het meer zien als een leerschool om het shiften onder de knie te krijgen.

Want wanneer je deze techniek namelijk tot in de puntjes beheerst, is haast iedere opdracht een makkie. In plaats van iedere race vast te zitten aan de auto waar je mee begon, kun je er ook voor kiezen om je tegenstanders één voor één uit te schakelen. Zo kun je bijvoorbeeld in stadsbussen shiften om deze overdwars op de weg te zetten of zelfs frontaal op je opponenten in te laten rijden. Een paar welgemikte tegenliggers en je hebt de concurrentie al uitgeschakeld voordat de finish in zicht is. Het probleem hiermee is echter dat het racen al snel op de tweede plaats komt te staan als je eenmaal alle mogelijkheden van shift tot je beschikking hebt. Het is erg verleidelijk om die tegemoetkomende truck met oplegger over te nemen nadat je een paar races nipt hebt gewonnen of verloren doordat het spel gebruikmaakt van rubber banding in de singleplayer. Een limiet op het gebruik van shift had de verleidingen al flink kunnen beteugelen.

Terug in de tijd

De gigantische speelwereld die van San Francisco gefabriceerd is, heeft vele tientallen uitdagingen en activiteiten om je, ook nadat je het hoofdverhaal hebt doorlopen, bezig te houden. De uitdagingen zijn allemaal van korte duur en testen je vaardigheden met lange drifts, verre sprongen en hoge snelheden. De activiteiten duren wat langer en vragen je onder andere om races te winnen, vluchtwagens kapot te rammen en auto’s op tijd ergens af te leveren. Met elke opdracht die je voltooit, verdien je geld, of zoals het in het spel heet: willpower. Hiermee zijn nieuwe voertuigen vrij te spelen en te kopen om de wegen mee onveilig te maken wanneer je niet met verhaalmissies bezig bent. Niet elke wagen is namelijk veel op straat te vinden, dus het is handig om ze in je garage vrijgespeeld te hebben om zo op elk gewenst moment in te kunnen stappen/shiften..

Daarnaast maakt de game uitstekend gebruik van objecten die je moet verzamelen waarmee je filmuitdagingen vrijspeelt. Deze uitdagingen zijn misschien een van de weinige dingen die je echt terugbrengen naar het gevoel van de eerste Driver. Hierin wordt een beroemde achtervolgingsscène uit een klassieke film of serie nagespeeld met jou in de hoofdrol. Alle hulpmiddelen die je in het spel hebt, zijn uitgeschakeld, dus het is puur jij tegen het asfalt, de klok en waarschijnlijk een optocht aan politiewagens.

De besturing van de auto’s voelt nog redelijk aan zoals we het ons herinneren van de oude Driver-spellen, waarbij elke wagen in meer of mindere mate met een uitbrekende achterkant en rokende banden door de bocht glijdt wanneer je veelvuldig gebruikmaakt van de handrem. Het is een prachtig gezicht en het voelt snel vertrouwd aan. Als toevoeging heb je de beschikking over een turbo, die je activeert door de linkerstick van je controller naar voren te duwen. Doordat je met deze stick ook je auto bestuurt, wil het nog wel eens voorkomen dat je van je racelijn afwijkt doordat je de stick niet recht omhoog duwt, maar iets scheef. De onnodige botsingen die hieruit resulteren, kunnen voor de nodige frustratie zorgen wanneer je binnen een strak tijdslimiet een aangegeven locatie moet bereiken.

Achtervolgen of aanvallen?

Waar de Driver-reeks echt om bekend staat, zijn de wilde achtervolgingen met slippende, rokende auto’s, die zo uit een film lijken weg te komen. Door met elke willekeurige auto tegen een politiewagen op te rijden, wordt automatisch een achtervolging gestart. De computergestuurde wagens zijn wellicht niet bijzonder slim, maar ze rijden roekeloos en zonder genade, waardoor het soms nog een hele opgave is om ze af te schudden. Het vergt stuurmanskunst, lef en een portie geluk om ze snel kwijt te raken. De filmische besturing van de auto’s draagt hierbij mee aan de spanning wanneer je met gierende en rokende banden door de bochten van San Francisco drift. Mocht je spectaculair zijn ontsnapt, dan kun je deze uploaden naar het internet met de Film Director-modus, waarvoor je wel in het bezit moet zijn van een Uplay-account en verbonden moet zijn met het internet. In deze modus kun je als het ware je eigen korte achtervolgingsfilms maken.

Wanneer we aan de andere kant van de wet staan, kan Driver: San Francisco wat minder op ons enthousiasme rekenen. Het komt wellicht door het shiften dat er minder plezier uit te halen is, tenzij je jezelf beperkingen oplegt en het op de ouderwetse manier gaat spelen. Wanneer je namelijk achter het stuur van een politiewagen kruipt, is ook hier weer de verleiding groot om snel korte metten te maken met de vluchtwagen door tegenliggers op hem af te sturen. Daarnaast zijn de computergestuurde vluchtwagens niet bijzonder snugger. Ruim voor elke bocht die ze nemen, remmen ze flink af, waardoor ze makkelijk op volle snelheid te onderscheppen zijn.

Onder de motorkap

De stad leent zich uitermate goed als decor van deze toekomstige filmprojecten met zijn karakteristieke heuvels en architectuur. Alles ziet er strak en kleurvol uit, van de gebouwen tot de voertuigen, maar het is nergens spectaculair. We hebben het allemaal al eens mooier uitgevoerd gezien. Het zijn dan ook voornamelijk de technische feiten onder de motorkap van het spel die indruk maken. Ten eerste draait de game stabiel op zestig frames per seconde. Dit ondanks dat de wegen van San Francisco bijna altijd wel druk bevolkt zijn met andere auto’s en voetgangers. Daarnaast is de spelwereld enorm uitgebreid met enkele honderden kilometers asfalt, steegjes en zandweggetjes. Voor het eerst in de serie bevat de game gelicenseerde voertuigen, 140 in totaal, variërend van klassieke Amerikaanse muscle cars tot hedendaagse straatauto’s en exotische sportwagens. Stuk voor stuk goed nagemaakt, degelijk, maar misschien niet zo gedetailleerd als we zijn komen te verwachten.

Misschien zijn we gewoon te veeleisend geworden. Er is namelijk fundamenteel niet bijzonder veel mis met Driver: San Francisco. De shift-mechaniek werkt uitstekend, maar het verdringt het racen vaak naar het tweede plan. En daar gaat het mis, want het is en blijft een racegame. Wanneer de computer misschien zelf ook trucjes achter de hand had of het shiften meer gelimiteerd werd, dan was er meer balans geweest in het spel. Nu ontbreekt deze en merk je langzamerhand dat je steeds meer van racen naar shiften aan het verschuiven bent.

Het verschil wordt pas echt duidelijk als je online tegen andere mensen gaat racen of splitscreen met of tegen een vriend. Doordat iedereen hier dezelfde mogelijkheden heeft, komt shift hier veel beter tot zijn recht en verstoort het de balans niet. We denken dan ook dat er enorm veel plezier uit de vele verschillende online spelmodi te halen valt. Iets dat de houdbaarheid van het spel enorm ten goede komt. Want hoe je het ook wendt of keert: Driver: San Francisco is Driver 1 niet meer, besef dat goed. Deze versie is niet alleen een evolutie van vele jaren Driver-geschiedenis, maar ook van andere racegames met een open wereld. Of dat een positief iets is, laten we aan jou over, maar wij zetten er in dit geval onze vraagtekens bij.

Driver: San Francisco is getest op de PlayStation 3.