David Jones zette in 1998 de gamewereld op zijn kop met Grand Theft Auto. Zijn ontwikkeldrift stopte hier echter niet. Met visioenen over games waarin de speler de ultieme vrijheid kan beleven, richtte hij in 2002 Real Time Worlds op. Met dat bedrijf zouden zijn visies werkelijkheid worden. Inmiddels zijn we vijf jaar verder en ligt de actiegame Crackdown voor de Xbox 360 in de winkels.

Hoewel free-roaming een algemeen geaccepteerd begrip is, en ontwikkelaars gretig gebruik maken van de populariteit ervan, is de ultieme vrijheid nog altijd ver te zoeken. De Grand Theft Auto serie geeft je ontzettend veel speelruimte, maar toch mist er iets. Het gevoel dat je gelimiteerd wordt door menselijke wetten en regels, blijft plagen. Hoewel GTA briljant is in wat het doet, en dat is op een semi-realistische manier gamers vrijheid bieden, wil ik meer. Ik wil over daken springen, ik wil gigantische explosies veroorzaken en het kunnen navertellen. Ik wil op het puntje van het hoogste gebouw staan en er vervolgens vanaf springen of van dak naar dak springen. Ik wil met de meest extravagante wagens door de straten scheuren en ondertussen springen, schieten en de wildste stunts uitvoeren. Is het toeval dat ik nou net alle toffe dingen uit Crackdown opratel? Nope.

Het verhaal van Crackdown is kort samen te vatten. De stad Pacific City is naar de klote. De verschillende politiemachten hebben zich bij elkaar gevoegd tot The Agency om tegenstand te bieden aan de criminele organisaties die de stad in hun greep hebben. Het wil echter niet vlotten, dus wordt er een nieuw wapen ontwikkeld. Een soort superagent met bovennatuurlijke kracht en snelheid. Hij kan van gebouw naar gebouw springen, met grote voorwerpen smijten en krachtige wapens gebruiken. Bijzonder aan deze agent, waar jij uiteraard de controle over neemt, is dat zijn mogelijkheden groeien naarmate hij ze vaak gebruikt. Bij veel schieten zal je richtingsgevoel verbeteren en door veel gebruik te maken van explosieven zul je grotere explosies teweeg brengen. Een origineel concept voor het genre en omdat je personage constant groeit, blijft de gameplay boeiend en fris gedurende de hele game.

Crackdown is op verschillende manieren te benaderen. Allereerst kun je gewoon het zwakke verhaal volgen. De stad moet opgeruimd worden en dat doe je door drie verschillende gebieden af te gaan. Het tropische Los Muertos, het Russische Volk en het hightech Aziatische Shai-Gen. Elk gebied heeft een eindbaas waar je zo heen kunt lopen om hem af te maken. Grote kans echter dat je het dan nog geen paar seconden uithoudt, omdat je beschoten wordt door een leger aan tegenstanders met rocketlaunchers en ander stevig wapentuig. Aan jou dus de taak om je vijand af te zwakken. In de drie gebieden zijn namelijk ook verschillende subbazen te vinden die de eindbaas bijstaan in zijn criminele zaakjes. Bij het verslaan van de ene subbaas zal de eindbaas dan bijvoorbeeld minder manschappen hebben en bij het verslaan van de ander minder wapens. Zo maak je de vijand steeds weer een stukje zwakker. Voel je jezelf zeker genoeg, dan kun je tot de aanval overgaan.

Het valt op dat dit een van de weinige sandbox games is zonder missies. Het is gewoonweg je doel om de stad op te ruimen van alle criminaliteit en dat doe je zo goed en kwaad als het maar kan. Dit heeft zo zijn nadelen, omdat je er relatief snel doorheen bent. Op een gegeven moment is je personage volledig geüpgrade en is alle ellende uit de stad opgeruimd. Dan ben je klaar toch? Absoluut niet! Crackdown biedt gelukkig nog veel en veel meer.

Allereerst de verzamelgekte, want om met je vaardigheden te verbeteren zul je orbs moeten verzamelen. Wanneer je een vijand omlegt door te schieten, vliegen er orbs je kant op die je richtkunsten verbeteren. Zo werkt met ook met je vaardigheden voor explosieven, kracht en autorijden. Wanneer je de vaardigheid verbetert, zul je dit ook echt direct in het spel terugzien. Zo zul je breder worden wanneer je sterker wordt en zie je de verbeterde rijdvaardigheid terug wanneer de auto’s in bizar geflipte moordwagens veranderen met wapen- en springfuncties. Alle vaardigheden kun je tot vier keer toe verbeteren.

Een heel ander verhaal zijn de Agility en Hidden orbs, want deze zul je zelf moeten zoeken en dat blijkt een van de grootste krachten van het spel te zijn. Over de hele stad zijn Agility orbs verspreid tot op de hoogste puntjes van de hoogste gebouwen. En je wilt ze allemaal hebben natuurlijk! Eerst zie je overal waar je kijkt de groene orbs boven de stad uit paraderen, maar die worden steeds schaarser. En hoe meer je er spaart, des te verder je kunt springen en daardoor nieuwe plekken kunt bereiken. Dit is zo heerlijk verslavend, omdat je alle 500 orbs moet vinden voor een Achievement. Met de Hidden orbs is het idee hetzelfde, alleen zijn het er 300 en zitten ze stuk voor stuk verstopt. Een flinke klus dus.

En dan komen we direct bij de derde manier om je bezig te houden met Crackdown, en dat is de ultieme sandbox ervaring. Je kunt werkelijk alles doen wat je maar wil in de stad en de prachtig gevonden Achievements helpen je daar een handje mee. Zo krijg je punten voor het doden van veertien vijanden door gebruik te maken van een globe, of voor het tien seconden in de lucht houden van een lichaam door middel van explosieven. Maar ook voor het overrijden van 175 tegenstanders en het springen in een poeltje met water van het hoogste gebouw van de stad, krijg je punten. Allemaal erg leuk, maar de echte kracht van het spel hebben we nog niet eens gehad: de coöp.

Je kunt op elk moment tijdens het spelen iemand uitnodigen, of uitgenodigd worden in de stad van een andere gamer. Vervolgens kun je alles, maar dan ook echt álles doen wat je ook alleen kan. Je kunt samen de bazen verslaan, samen op jacht gaan naar orbs en uiteraard gewoon samen in de gigantische zandbak spelen. Heb je iedereen en alles al verslagen, dan kun je er nog voor kiezen om de misdaad aan of uit te zetten. Tevens zijn er door de stad races te vinden die te voet of per auto gedaan moeten worden. In coöperatieve mode veranderen deze plots in een spannende races tussen twee sterke agenten.

Maar ook Crackdown heeft zo zijn matige punten. Een van de meest irritante foutjes is ‘de stem’. Je wordt tijdens je werk bijgestaan door een stem van The Agency, en die wil nog wel eens random dingen zeggen als ‘I can see my house from here!’, of ‘Now there’s a view, finest in the city agent!’. En dat op de meest bizarre momenten als je net tegen een muur aan staat, of ergens binnen bent. Of dat je stil staat en de stem met verrukking roept dat je zo’n mooie afdaling heb gemaakt. Het heeft geen gevolgen voor de gameplay, maar toch heeft het een behoorlijke irritatiefactor. Erger wordt het als er in de coöperatieve mode plots vijanden verdwijnen, om soms weer heel even te verschijnen en weer in het niets te vergaan. Het missen van enige intelligentie bij je tegenstanders kan tegenstaan, maar dit past toch ook wel bij het arcadesfeertje van het spel. Jammer genoeg zijn de eindbazen ook echt een lachertje en is het einde werkelijk hilarisch slecht.

Grafisch ziet Crackdown er heel cartoonesk uit met de semi-realistishe, cell-shaded graphics. Het zorgt er voor dat de draw-distance echt bijzonder goed is en je heerlijk ver weg kunt kijken. Qua details wordt het dan wel wat minder, maar je kunt de hele stad voor je zien liggen. Jouw stad, jouw zandbak. Op het gebied van audio is het allemaal wat minder, omdat het spel muzikaal verre van overtuigend. Het merendeel van de tekst wordt dan ook nog eens verzorgd door ‘de irritante stem’.

Crackdown is fun op allerlei punten. Het heeft tal van technische minpunten, maar het plezier dat je met Crackdown hebt is ongekend. Let wel op, want je hebt een aantal dingen nodig totdat je echt ten volste van het spel kunt genieten. Allereerst een onbeheersbare verzameldrang. Je bent uren bezig met het vinden van alle Agility orbs en laat staan de Hidden orbs. Daarnaast een buddy met wie je online plezier kunt hebben. Het belangrijkste is nog wel het hebben van een onuitputtelijke fantasie. Want alleen de singleplayer met de slechteriken die neergeschoten moeten worden red het spel het niet, maar al die extra dingen maken het spel tot een erg leuk eindproduct en daar draait het om. En die Halo 3 bèta? Halo wie?