Gamers kijken al maanden uit naar hét oorlogsspektakel van dit najaar: Call of Duty. Ontwikkelaar Infinity Ward vermenigvuldigde alle goede features van Medal of Honor: Allied Assault met factor tien en probeerde de mindere kanten weg te poetsen. De verwachtingen rondom Call of Duty zijn dan ook hooggespannen; na de twee uitstekende demo's is het de vraag of het hele spel het ritme en de kwaliteit van deze try-outs weet vast te houden en we daadwerkelijk met een 'de nieuwe Medal of Honor' te maken hebben. Of de plicht om deze game te spelen ons roept lees je in de review.

Begin 2002 werd het oorlogsgame genre nieuw leven ingeblazen door het fenomenale Medal of Honor: Allied Assault. Ontwikkelaar 2015 wist een aangrijpende singleplayer, met als hoogtepunt de invasie van Normandië, te combineren met een oerdegelijke, en ook nog eens langlevende en veel gespeelde, multiplayer modus. Inmiddels, bijna 2 jaar later, zijn er maar liefst 22 mensen uit het Medal of Honor team van 2015 klaar met de eerste game van diens eigen ontwikkelstudio: Infinity Ward. Call of Duty zal echter niet de enige titel van de developer worden, men denkt eraan om van Call of Duty een gamereeks te maken, waarin iedere game zich op een andere oorlog richt. Maar goed, laten we eerst eens kijken of Call of Duty zelf het spelen waard is.

Call of Duty is opgedeeld in drie campagnes: één met de Amerikanen, één met de Britten en één met de Russen. Iedere campagne heeft zijn eigen sfeer en missies, wat het alles tot een afwisselend en bloeiend geheel maakt. Na een korte training waarin je alle fijne kneepjes van de controle geleerd wordt is het tijd om af te reizen naar het slagveld. Eenmaal aangekomen op de plek des onheil valt je gelijk op dat de sfeer in Call of Duty onwijs goed is. Het is ongelooflijk hoe Infinity Ward de oorlogssfeer neer heeft weten te zetten: kogels vliegen om je oren, schreeuwende mensen rennen panikerend in het rond en in de verte hoor je de bommen inslaan. Zelf krijg je hierdoor ook het gevoel terecht te komen in iets massaals; in een oorlog waarin niet één persoon het verschil maakt, maar de groep.

Zonder dat je weet waar je aan begint ren je in het begin dan ook doelloos in het rond, zoekend naar beschutting. Vooral in de eerste missies is deze grootschaligheid aanwezig, later in het spel wordt het al snel weer het doodleuke verhaaltje 'jij tegen de rest', waarin je per missie in je eentje zo'n honderd Duitsers afschiet. Deze Duitsers zijn overigens ook niet al te slim. De AI van de game ligt onder het gemiddelde en is als het ware dienbaar aan de spelervaring. Ik bedoel hiermee te zeggen dat het in Call of Duty de bedoeling is dat vijanden snel gaan liggen en je niet al teveel tegenstand bieden, want hiermee zou de game maar veel te lastig worden. Vijanden schuilen wel achter obstakels, maar zullen nooit de moeite nemen om je via de flanken aan te vallen, of op een andere tactische plek te gaan zitten als je op ze af stormt.

Tenzij, en hier komt het grootste 'minpunt' van de game, dit zo gescript is. Call of Duty is één grote film, die, hoe vaak je hem ook speelt, altijd hetzelfde blijft. De volledige gameplay is op scripts gebaseerd, wat inhoudt dat van te voren alles al vast staat wat er gaat gebeuren. Dit betekent dat als je op een gegeven moment het loodje legt, je een missie op precies dezelfde wijze nog een keer voorgeschoteld krijgt. Vijand A staat op plek A en vijand B staat op plek B, waarna explosie X op moment X zal gebeuren, etc. Tijdens het spelen zelf heb je dit echter niet heel snel door als je alles in één keer afwerkt, pas als je iets fout doet en voor de tweede of derde keer het stuk moet herhalen wordt duidelijk dat het allemaal al lang vast ligt wat jij en je tegenstander gaan doen.