Sega heeft blijkbaar de smaak te pakken in het maken van games gebaseerd op de manga's van Osamu Tezuka. Na Astro Boy, dat het er in onze review niet al te best vanaf bracht, is nu de manga Dororo aan de beurt. Voor de westerse markt heeft men wel voor een andere titel gekozen: Blood Will Tell. De overeenkomsten met Astro Boy zijn trouwens opvallend. Zo draait ook Blood Will Tell om een mens waarin verschillende mechanische delen zijn aangebracht, blijkbaar een obsessie van de heer Tezuka. Wij gingen na of het, wat het spel betreft, daarmee de overeenkomsten met Astro Boy ophouden.

Blood Will Tell vertelt het verhaal van Hyakkimaru, die bij zijn geboorte door stoute wezens, de fiends genaamd, van al zijn ledematen en organen beroofd werd, op zijn genitaliën na. Gelukkig wordt het ledemaatloze rompje plus hoofdje, niet aan zijn lot overgelaten. Een oude man zorgt ervoor dat de jongen toch nog verder kan leven door hem te voorzien van allerlei kunstmatige organen en in zijn armen en benen, wapens te plaatsen. Hiermee zal de fiends moeten bevechten die er met zijn lichaamsdelen, 48 in getal, vandoor zijn gegaan. In deze missie wordt hij bijgestaan door Dororo, een kleine dievegge die hij al vroeg in het spel tegen het lijf loopt.

Je lichaamsdelen krijg je terug door het winnen van bossfights met de desbetreffende fiend die er met je lichaamsdeel vandoor is gegaan. Wanneer je een lichaamsdeel terug krijgt, krijg je soms de beschikking over nieuwe mogelijkheden, zoals wapens of bewegingen. Veelal zullen nieuwe lichaamsdelen echter vooral invloed hebben op je statistieken, die vergelijkbaar met RPG games enige invloed hebben op de algemene prestaties van je karakter. Blood Will Tell begint trouwens in het zwart-wit, met een waarschuwing dat dit vooral niet aan je televisie te wijten is. Het spel zal pas gekleurd worden wanneer je je linker oog terug vindt, bij een van de eerste fiends die je zult verslaan.

Het spel is onderverdeeld in een zevental hoofdstukken en elk van de hoofdstukken kent min of meer een eigen verhaallijn, die zich concentreert rond een centrale locatie. Tijdens deze verhaallijn zul je diverse eindbazen tegen het lijf lopen, waarvan een aantal je een nieuw lichaamsdelen op zal leveren. Lang niet alle fiends bevinden zich op het verplicht te bewandelen pad. Hierdoor kun je na het voltooien van een hoofdstuk altijd nog terug gaan, op zoek naar de misgelopen fiends, zodat je alsnog al je 48 lichaamsdelen bij elkaar kunt rapen.

Eindbaas, eindbaas ... tientallen kom je er tegen in Blood Will Tell

Tussen de eindbazen door is er nog heel wat klein grut dat de pan in gehakt moet worden. Dit zijn vooral demonen, in alle soorten en maten. Hiertussen bevinden zich enkele knotsgekke creaties, zoals evil graspollen, rollende ringen van vuur met een duivelhoofd in het midden, mechanische potloodventers en zombies met homofiele trekjes. Al geldt voor de meeste vijanden het zelfde als voor kunst: het is wat je er zelf in ziet, want een echt duidelijke voorstelling is het meestal niet.