Als je aan een willekeurig persoon op straat vraagt of hij wel eens van Call of Duty heeft gehoord, is de kans groot dat hij instemmend antwoordt. Doe hetzelfde met BioShock en velen zullen hun schouders ophalen. Dat is het noodlot van de game uit 2007 die door zijn beklemmende verhaal en filosofische twists een revolutie in het first-person shootergenre veroorzaakte, alleen nooit een even groot commercieel succes wist te boeken. BioShock: Infinite, het derde deel in de reeks, vermomt zich als een toegankelijkere game die een groter publiek wil aanspreken, maar is thematisch dieper, ingenieuzer en gedurfder dan de eerste BioShock. Daarmee is het zonder twijfel één van de beste first-person shooters ooit gemaakt.

De Christopher Nolan van de game-industrie

Zowel de eerste als derde BioShock-game zijn door Ken Levine bedacht en onder zijn leiding ontwikkeld. Levine is een beetje de Christopher Nolan van de games: hij houdt van diepzinnige plottwists, meerdere verhaallagen en kruisende verwijzingen binnen de overkoepelende thematiek. Combineer die eigenschappen met één van de meest hersenloze gamegenres, de first-person shooter, en je krijgt met BioShock: Infinite een eindproduct dat je honger naar actie bevredigt en tegelijk aanzet tot denken over allerlei ethische dilemma’s en beladen onderwerpen. Racisme, xenofobie, seksisme en religie zijn stuk voor stuk strak verweven in het verhaal.

Nog voordat BioShock: Infinite uitkwam, moest het al drie grote obstakels overwinnen: een gamewereld creëren die net zo pakkend was als onderwaterstad Rapture, een verhaal dat urenlang boeiend blijft en actie die natuurlijk aanvoelt in plaats van enkel als opvulling dient. BioShock: Infinite slaagt driemaal met vlag en wimpel en laat zien dat innovatie nog steeds mogelijk is in tijden van hardware-veroudering bij consoles en hardware-moeheid bij gamen op de PC.

Weerspiegeling van de hemel

Dat BioShock: Infinite deels een hommage is aan de originele game, zie je al in de openingsminuten. Booker DeWitt, een ex-geheim agent bij het particuliere detectivebureau Pinkerton, zit in een roeiboot op weg naar een vuurtoren, de locatie waar ook de eerste BioShock begon. Het verhaal is in één zin samen te vatten: red het meisje Elizabeth en los je schuld in. De zin staat ook op een briefje dat DeWitt in een koffertje vindt. Even later neemt hij plaats in een rode fluwelen stoel, wordt hij met ijzeren klemmen vastgeketend en knalt hij vervolgens in een capsule naar de zwevende stad Columbia.

Columbia is de verwezenlijking van het Amerikaanse imperialisme uit het begin van de twintigste eeuw. Een eigen staat waar de evangelisatie van het christendom en een met xenofobie gevoed patriotisme centraal staan. De eerste ontmoeting met Columbia heeft echter een heel ander effect: de zwevende stad lijkt een weerspiegeling van de hemel. Je komt aan in een kathedraal waar een kerkkoor je heel rustig toezingt. Een misdienaar bevestigt de eerste gedachte: “Je bent in de hemel. Of in ieder geval heel dichtbij.”

Columbia: van utopie naar dystopie

Het valt op dat er in BioShock: Infinite veel meer tijd voor verhaalvertelling wordt uitgetrokken dan in de vorige BioShock-games. Het vredig ontdekken van Columbia kan gemakkelijk een klein uur in beslag nemen, waardoor je echt van de sfeer kan proeven. Denk aan charmante hotdogverkopers, spelende kinderen, een zangkwartet dat zijn eigen versie van The Beach Boys’ God Only Knows zingt en een vastgebonden zwarte vrouw en blanke man die aan de schandpaal worden genageld omdat ze een interraciale relatie hebben. Want ook dat is Columbia.

Hoe fel de zon ook schittert in Columbia, zijn samenleving is een afspiegeling van de onze, inclusief alle barsten. Borstklopperij, machtsuitbreiding, vreemdelingenhaat, ouderwetse seksistische uitlatingen, een anarchistische tegenbeweging die uit is op wraak in plaats van wederopbouw: het zijn allemaal onderwerpen die actueel zijn, maar nauwelijks als thema worden aangesneden in games.

Religie is in BioShock: Infinite allesoverheersend. De inwoners van Columbia eren massaal Comstock, de profeet die ‘onder het oog van God’ Columbia heeft gesticht en sindsdien met ijzeren vuist regeert. Door heel Columbia hangen aanplakbiljetten waarop Comstock als grote leider wordt gepresenteerd en die jonge kinderen voor het jeugdleger oproepen. Een soort van pre-Hitlerjügend die opereert in een kleurrijke en o zo vredelievende stad waar iedereen je vriendelijk begroet.

Al gauw verandert Columbia voor hoofdpersoon DeWitt in een dystopie. Hij wordt door een officier van Columbia’s leger als de valse profeet herkend. Waar dit figuur precies vandaan komt en waarom hij een bedreiging is voor Comstock, blijft onduidelijk. Je weet één ding wél zeker: je moet zo snel mogelijk het meisje Elizabeth zien te bereiken, want het leger van Columbia zit achter je aan.

Op je vingers getikt

Elizabeth speelt een enorm belangrijke rol in BioShock: Infinite. Ze helpt je tijdens schietgevechten door ammunitie en medicijnen naar je te gooien en kan een tear (de Nederlandse vertaling is scheur, geen traan) openen die een andere dimensie laat zien. Dit geeft je de mogelijkheid om objecten uit andere dimensies op te roepen, zoals wapens, haken waaraan je kunt hangen of vliegende machinegeweren. Elizabeth is zelfs in staat om via een tear een kijkje in Parijs te nemen, of in een geheel andere realiteit.

Dat Elizabeth veel meer dan alleen een hulpje is, wordt al snel duidelijk. Ze is de personificatie van onschuld en biedt tegenwicht aan het gewelddadige en norse karakter van DeWitt. De eerste keer dat DeWitt een vijand doodschiet, is ze boos en verontwaardigd. Ze kan het niet geloven dat iemand zoiets zou doen. Waar je bij de meeste first-person shooters hersenloos knalt, tikt BioShock: Infinite je op de vingers en vraagt aan jou als speler of het neerknallen van mensen echt zo normaal is, ook al ben je een game aan het spelen.

Je maakt met Elizabeth liefdevolle momenten en tragische gebeurtenissen mee, krijgt persoonlijk leed te verduren en wordt soms uit pure frustratie woedend, net als bij je beste vriend of vriendin. De emotionele band die je met Elizabeth opbouwt (en hoe deze evolueert), is uniek in games en vooral heel menselijk en herkenbaar. Naast de terugkerende symboliek en het belang van ethische kwesties, is dit het derde aspect dat de verhaalvertelling zo krachtig maakt.

Meer ruimte en diepte

De schietgevechten in BioShock: Infinite zijn eigenlijk maar bijzaak. Toch voelt de actie fris, leuk en vooral vrij aan. In plaats van de claustrofobische kamers en gangen in Rapture, biedt Columbia grote open ruimtes die je in staat stellen om elk gevecht anders te benaderen. Zo worden de verschillende gebieden in Columbia via tientallen rails met elkaar verbonden. Op deze manier geeft het spel je de vrijheid zelf een tactiek te bedenken, zonder dat het ten koste gaat van het spektakel. Zie het als schieten vanuit een razendsnelle achtbaan, maar dan eentje waar je op ieder moment uit kunt springen. Om vervolgens met je magnetische grijphaak vol op iemands hoofd te landen en zijn hersenen door het rond te zien vliegen.

Door de nieuwe vigors, een soort van magische krachten, worden de grotere ruimtes in BioShock: Infinite goed benut. Je hebt Bucking Bronco, een vigor die vijanden de lucht in schiet om ze vervolgens voor een korte periode hulpeloos te laten zweven. Of je gebruikt Undertow, een kracht waarmee je vijanden naar je toe kunt trekken met een waterlasso. Combineer deze vaardigheden met de open ruimtes en er ontstaat een zekere diepgang in de gameplay, die nog wel eens ontbrak in de vorige twee delen.

Thuiskomen

Dat de actie in BioShock: Infinite nog altijd als het ondergeschoven kindje voelt, laat zien hoe goed de verhaalvertelling van de game is. Je kunt je helemaal uitleven in een speeltuin van vigors, uitrusting-upgrades, wapens en verschillende ruimtes. Toch is het de geschiedenis van Columbia, de persoonlijkheid van Elizabeth en het mysterie van DeWitt waarin het spel uitblinkt. Het verhaal van BioShock: Infinite heeft zo veel verschillende lagen dat je constant op het verkeerde been wordt gezet. Je blijft twijfelen aan de acties en keuzes van anderen en kunt zelfs je hoofdpersonage niet altijd vertrouwen.

In de duidelijk fictieve stad Columbia, blijven de emoties en eigenschappen van zijn inwoners herkenbaar. En dat is een ongekende prestatie van bedenker Levine. In de spiegel die BioShock: Infinite je voorhoudt, zie je niet alleen DeWitt maar ook jezelf als speler. Het toont iemand die gedwongen wordt om na te denken, in een wereld waarin vaak alleen de actie telt. Het bewijst zo weer dat first-person shooters meer kunnen zijn dan een simpel schietspelletje. Daarmee is BioShock: Infinite de game die gamers al jaren zo hard nodig hebben. Eigenlijk al sinds het eerste deel.

BioShock: Infinite is getest op een Intel Core i7 3770K, ASUS Sabertooth Z77, SSD, 16GB RAM en GTX 690 4GB. De prestaties van de pc-versie waren indrukwekkend. De game draaide zonder haperingen, fps-drops of vastlopers en de graphics zagen er uitstekend uit.