Stel je het volgende scenario voor: een vijandige Rus zit in een huisje verstopt en wil je vermoorden. Dat is immers wat vijandige Russen doen. Jouw doel is om de Rus uit te schakelen. Je hebt hierbij de keuze uit twee verschillende manieren. De eerste optie is om naar het huisje toe te lopen, door de voordeur naar binnen te gaan en de Rus neer te schieten.  De tweede optie laat je het huisje opblazen met een granaatwerper. Zoals je ziet was keuzes maken nog nooit zo makkelijk. Netjes door de voordeur uiteraard. Battlefield-ontwikkelaar DICE leek klaar te zijn voor een nieuwe uitdaging. Met hun nieuwste project lieten ze niet alleen de trouwe PC-achterban in de steek, tevens voegden ze nieuwe elementen toe aan een game die eigenlijk altijd onveranderd is gebleven. De toevoeging van een volwaardige singleplayer en spectaculaire destructie maken Battlefield: Bad Company de minst Battlefield-achtige game in de serie. Het kent niet de feel die van een Battlefield game verwacht, het is allemaal wat minder serieus en meer over the top.

De meest opzienbare toevoeging is de destructie. Natuurlijk had Battlefield altijd al grote explosies en allesvernietigende luchtbombardementen, maar ditmaal zal ook de omgeving zelf grotendeels vernietigd kunnen worden. We kennen allemaal de zwarte vlekken die een granaat achterlaat in de meeste shooters,  Bad Company verandert dit cliché. De granaat zal nu echte ravage aanrichten en complete muren wegblazen. Zo zal een huis niet langer dienen als een veilige schuilplek, aangezien de voorgevel gemakkelijk aan gruzelementen kan worden geschoten. Hetzelfde geldt voor bomen, hekken en watertorens. Dit is niet alleen een lust voor het oog, het heeft ook veel invloed op de wijze hoe de game wordt gespeeld. Ik kaart overigens niet voor niets de watertoren aan. In normale games is dat namelijk een prima plek om met je sluipschuttersgeweer een paar vijanden neer te knallen. In Bad Company heeft men echter maar één klein granaatje nodig om deze watertoren te laten instorten. Dit soort scenario's zijn eerder regel dan uitzondering, want maar weinig mensen zullen moeilijk  doen wanneer het makkelijk kan. In het begin zul je misschien verward zijn en lijkt het nogal overdonderend, maar wanneer je de omgeving in je voordeel  leert te gebruiken wil je nooit meer terug naar de saaie en statische objecten in andere shooters. Het is overigens wel jammer dat niet alles 'echt' kapotgaat, het skelet van een object zal namelijk altijd overeind blijven staan. Ook is de destructie niet dynamisch, zoals in het aankomende Red Faction: Guarilla. In de vorige Battlefield-games schitterde de singleplayermodus door afwezigheid, gelukkig is daar dankzij Bad Company verandering in gekomen. In de singleplayer speel je Preston Marlow, een soldaat die wordt overgezet naar de B-Company. De B-Company nog uit drie andere mannen: Sarge, Stillwater en Haggard. Sarge is de sergeant die eigenlijk geen gevoel voor humor heeft, altijd serieus is en alles over heeft voor 'zijn' Amerika. Haggard is de gunblazin' mafkees van het stel, wiens humor overigens geweldig is. Stillwater is de stilste van het stel, maar zijn kennis over de vijand en de omgeving zijn cruciaal voor een goed verloop van elke missie.  Tijdens hun missie in Oost-Europa vinden deze vier heren een staaf goud in de jas van een vijand. Dit leidt ertoe dat ze de goudvoorraad van de vijand achterna gaan en het leger waar ze voor werken in de steek laten. Hoewel dit verhaal in eerste instantie helemaal niet interessant lijkt, is het best vermakelijk. De reden hiervoor is de uitstekende humor. Van de dingen die Haggerd roept wanneer hij een vijandelijke soldaat neerschiet (“Down, down, down” 'zoals in Johnny Cash' Ring of Fire, ken je klassiekers!) tot het belachelijke loopje dat hij maakt wanneer hij ergens goud opmerkt.De omgevingen waarin je vecht zijn in het begin nogal eentonig. Bijna alles is bos en pas aan het einde van het spel zal daar verandering in komen. Hetzelfde geldt voor de opdrachten die je krijgt toegewezen. Blaas dit op, schiet dat naar de kloten of ga daarheen. Van originaliteit kunnen we dus helaas niet spreken. Maar gelukkig blijft het wel tof om te doen, en dat komt voornamelijk door, daar zijn ze weer, de vernietigbare omgevingen. Zo is er een missie waarin je beschikt over een helikopter die je op een klein industrieterrein moet landen. Alvorens ik landde leek het me slimmer even flink huis te houden met de raketten op mijn heli. Het is echt tof om complete gebouwen, met vijand en al, met de grond gelijk te raggen (voor zover dat kan).

Er zijn echter punten in de singleplayer die ik heel ergerlijk vond. Zo introduceert Battlefield: Bad Company een nieuw healthsysteem. Je zult jezelf genezen door middel van een spuit. Het duurt ongeveer twee seconden om deze spuit in je borstkas te rammen en zo'n vijftien seconden voor je deze weer mag gebruiken. Hoe vaak je de spuit gebruikt maakt niet uit, je hebt een oneindige voorraad. Dit is veel te vergevend. Ik betrapte mezelf erop dat ik meer met die spuit in de weer was, dan met mijn geweer. Men had dit simpelweg op kunnen lossen door de oplaadtijd van de spuit langer te maken, zeker op de hogere moelijkheidsniveau's. Ook het gebrek aan fatsoenlijke spawnpunten is erg irritant. Wanneer je doodgaat begin je namelijk altijd op aan het beginpunt van de missies. Gelukkig zul je nooit ver hoeven lopen, doordat het slagveld bestrooid is met tanks en andere voertuigen, waaronder zelfs golfkarretjes. Mijn grootste kritiekpunt is echter de AI, deze is van bedenkelijk niveau. De vijand reageert namelijk niet aan de hand van wat hij ziet, maar wordt 'getriggerd' wanneer je in de buurt komt. Je kunt een soldaat dus nooit van achter besluipen, aangezien het eigenlijk niet uitmaakt of de vijand je ziet of niet.

Audiovisueel is zowel de singleplayer als de multiplayer ongeëvenaard. Je aanschouwt werkelijk spectaculaire vergezichten en de personages bevatten details die veel mensen niet eens zullen opvallen, zoals de leesbare lettertjes op de raketwerper van Haggerd of het vuil op de bril van Stillwater. Qua audio is dit simpelweg een van de beste games ooit gemaakt. DICE heeft net wat  teveel variaties gemaakt op de klassieke Battlefield-themamuziek, maar de geluidseffecten zijn gewoonweg ongeëvenaard. De kogels die langs je vliegen, de inslagen in de muur tot de chaos die ontstaat wanneer er een muur instort van het gebouw waar je instaat, voelen écht. Ik zal hopelijk nooit weten hoe oorlog is, maar ik kan me voorstellen dat Bad Company dicht in de buurt komt. Battlefield: Bad Company heeft dus een vermakelijke singleplayer, maar waar ik echt enthousiast over ben is de multiplayer. Er is maar één gamemodus aanwezig, Gold Rush. In deze mode is er een aanvallend team dat goud moet zoeken, en een verdedigend team dat dit goud moet verdedigen. Een enkele modus klinkt nogal karig, maar gelukkig is deze modus zo gevuld met actie dat je nooit de drang zult hebben een andere modus te spelen. Ook de verschillende klassen lijken goed uitgebalanceerd, hoewel een sluipschutter wel te veel voordeel heeft in grote omgevingen en de mensen in voertuigen te makkelijk over  infanterie heen walsen.

 

De kaarten zijn divers (je hebt zowel grote als kleine omgevingen), het beloningssysteem is verslavend en uh.. belonend, en de gevechten zijn intens.  Het feit dat er maar één modus is voelt nooit als een gemis aangezien deze modus alle elementen van een 'goede' oorlogsvoering bevat. Bovendien zal EA de modus Conquest naderhand gratis beschikbaar stellen, aangezien veel leden van de Battlefield-gemeenschap hierom gevraagd, nee, gesmeekt hebben.