Chaos heeft iets aantrekkelijks. Het is een speelse vrijheid zonder regels en grenzen. Maar alhoewel het een verlangen van velen is, is de situatie toch een stuk fijner als er regels zijn om ons te sturen. Desondanks gebruiken veel games wel de illusie van chaos, omdat het garant lijkt te staan voor hersenloos plezier. Het zijn in Anarchy Reigns echter juist de chaotische getinte onderdelen die de plank op een aantal facetten mis slaan.

Zo zijn de grote multiplayergevechten veel te onoverzichtelijk en is de singleplayer een samenloop van slordige narratieve en inhoudelijke rommel. Het is ironisch dat een dergelijk chaotische en anarchistische game het sterkst is tijdens momenten van finesse en elegantie, welke naar boven komen als je met een klein aantal mensen vecht.

Onnavolgbaar

De campaign-modus van Anarchy Reigns volgt een verhaal waarin alle personages uit de multiplayer aan bod komen, waaronder onder andere Bayonetta en Jack uit Madworld. In het begin kun je slechts kiezen uit twee personages van waaruit je dat verhaal beleeft, maar je kunt later ook de campaign doorlopen met een aantal van de overige personages. Het is echter onwaarschijnlijk dat je dat ook van plan bent. Het verhaal is een narratieve marteling met tergend kinderachtige dialogen over hoe groot en stoer iedere vechter wel niet is. Het helpt daarbij ook niet dat personages ineens tevoorschijn komen en functioneren als een belangrijk personage, zonder dat daar een aanleiding voor wordt geschapen. Daarnaast is de daadwerkelijke plot onnavolgbaar met vreemde ontwikkelingen en motieven. Geforceerd komische momenten worden afgewisseld met een hoop drama, maar het is onmogelijk om erdoor geraakt te worden. Het slaat werkelijk waar helemaal nergens op.

Inhoudelijk is de campaign net zo oninteressant, want de lelijke en saai vormgegeven levels zijn slechts omhulsels voor gevechten tegen duizenden generieke vijanden. Elk level heeft weliswaar zes verschillende missies, waarbij je er telkens pas eentje kan doen als je genoeg punten bij elkaar gesprokkeld hebt, maar alles ontaardt na een tijdje gewoon in een repetitieve rotzooi. Er zijn wel een aantal interessant opgezette eindbazen, maar de uitdaging ontbreekt om echt je interesse te wekken.

Alles wijst erop dat de singleplayer niet intelligent is gebouwd rondom het vechtsysteem, want de gameplay past vanaf de eerste seconde niet in de gecreëerde context. De flow van het vechtsysteem sluit simpelweg niet aan op de flow van de tegenstand. In gevechten met grote groepen kun je bijvoorbeeld de aanvallen en combo’s niet lekker aan elkaar linken en is je persoonlijke ruimte te klein om het overzicht te behouden. Tegen eindbazen komt een ander euvel aan bod. Je kan een combo namelijk niet annuleren, waardoor je je niet op tijd kunt verdedigen als een eindbaas een snelle aanval inzet. Je moet je eigen tempo dus aanpassen, waardoor het voelt alsof je vecht met een fysieke beperking.

Op zoek naar finesse in de chaos

Gelukkig is het de multiplayer waar Anarchy Reigns om draait en waar het echte plezier ook daadwerkelijk te vinden is. Er valt te kiezen uit veel modi, waaronder verschillende tag team-onderdelen, de te verwachten death match, team deathmatch en 1 vs. 1, maar ook bijvoorbeeld een voetbalmodus. Je kunt in multiplayer de personages ook los zien van hun narratieve context en ze simpelweg waarderen om hun vechtersidentiteit. Op dat vlak zit het wel goed, want elk personage heeft een significant andere speelstijl. De vechters zijn vooral onderscheidend door hun zogenoemde killer weapon, waarmee ze hun speciale aanvallen kunnen uitvoeren. Bij Jack is dat bijvoorbeeld zijn kettingzaag, maar je komt ook zwaarden, klauwen en ander wapentuig tegen.

Elk personage beschikt daarnaast, net als in de singleplayer, over een snelle zwakke aanval, een sterke langzame aanval en twee speciale aanvallen, uiteraard in combinatie met grab-, ontwijk- en verdedigingsmogelijkheden. In persoonlijke gevechten komt de simpele kracht van dit vechtsysteem naar boven. Alhoewel het buttonbashen op de loer ligt, is timing en finesse namelijk vereist om je echt te onderscheiden. Het vereist een hoop oefening om de ideale flow te beheersen en de juiste balans te vinden tussen verdedigen en aanvallen, maar als je dat eenmaal door hebt, is Anarchy Reigns een stuk sterker dan dat je in het begin zou denken.

In hoeverre het vechtsysteem uit de verf komt is ook afhankelijk van de spelmodus. Je kunt met 16 man vechten op een map, maar dat ontaardt al snel in een onprettige chaos. Dat komt vooral door de camera die dicht achterop je personage zit en je handmatig moet aansturen. Hierdoor heb je weinig overzicht en word je vaak van achteren gepakt terwijl je net in gevecht bent met een of twee anderen. Daar kun je vrij weinig aan doen, waardoor het vooral zorgt voor frustratie. Het beste is de game dan ook als je tegen een kleiner aantal vijanden vecht of knokt in teams van twee. Dan kun je je focussen op de timing van de combo’s, waardoor het de hersenloze actie uit overige modi overstijgt. Het is dan ook onbegrijpelijk dat deze game geen splitscreen bevat om samen met een vriend online te spelen of offline tegen andere vrienden op de bank te spelen. Daar zou deze game namelijk ideaal voor zijn.

 

Makkelijk te vergeten

Er zijn al met al te veel zaken die tegenzitten in Anarchy Reigns, waardoor het onderhoudende vechtsysteem niet mooi kan bloeien. Je moet er tijd in steken om er plezier uit te halen en door een appel heen bijten die zuur is geworden van lelijke graphics, saaie omgevingen en inwisselbare personages. De game mist de expliciete finesse die wel verstopt zit in de kern van het vechtsysteem en dat is zonde, slordig en teleurstellend.