Er zijn vandaag de dag maar weinig games waarbij je nog een warm, nostalgisch gevoel krijgt. Games die je doen herinneren aan vervlogen tijden toen spellen nog nieuw en innovatief waren. Eén van die games was Command and Conquer. Het was revolutionair, het was spectaculair en werd in de loop der tijd ook tientallen keren uitgemolken. We zijn inmiddels zo'n tien jaar verder en ik koester nog altijd zoete herinneringen aan de NOD en de GDI. Herinneringen die bij het spelen van Act of War: Direct Action meerdere keren boven kwamen drijven. Nu is Act of War niet de zoveelste Command and Conquer kloon, het is veel meer, maar voordat ik je dat vertel beginnen we bij het begin.

Zoals de meeste Real-Time Strategy games, heb je ook in Act of War te maken met een verhaal waarbij de "goeden" het tegen de "slechten" opnemen. Het verhaal is echter niet door de eerste de beste scriptschrijver geschreven. Atari en de Franse ontwikkelaar van het spel, Eugen Systems, hebben namelijk de kunsten van de bekende auteur Dale Brown ingehuurd. Brown heeft allerlei spannende verhalen geschreven en doet volgens velen niet onder voor Tom Clancy. Het verhaal in Act of War kun je dan ook gerust een ware "techno-thriller" noemen.

In het spel wordt de nachtmerrie van elke doorsnee Amerikaan werkelijkheid. Het land wordt door een onbekende macht aangevallen. Vanuit het niets verschijnen de terroristen die een ware veldslag in verschillende grote Amerikaanse steden veroorzaken en terwijl de Amerikaanse troepen overal ter wereld de politieagent uithangen, is het land zelf onbeschermd. Of toch niet helemaal, want een speciale eenheid staat altijd paraat om de Amerikaanse burger te beschermen. Deze Task Force Talon, die van allerlei leuk speelgoed voorzien is, staat onder bevel van Majoor Jason Richter.

Je voelt je net een klein kind als je al dat lekkers ziet. Moderne tanks, infanterie, sluipschutters, raketten en straaljagers; het is allemaal zeer gedetailleerd in Act of War aanwezig. Voordat je de Generaal mag uithangen moet je eerst geld verzamelen. Dit kun je doen door boortorens en een olieraffinaderij te bouwen. Als de raffinaderij na verloop van tijd opraakt zul je op een andere manier aan je geld moeten komen.

Eén van deze manieren is het nemen van krijgsgevangenen. Een gevange soldaat levert 500 dollar op en is daardoor levend meer waard dan dood. Je kunt zelfs speciale technologieën uitvinden waardoor je mannetjes een soldaat makkelijker levend kunnen aanhouden, wat je bankrekening uiteindelijk weer ten goede komt. Bij een flinke veldslag liggen er dan ook overal gewonde soldaten en soldaten die krijgsgevangene genomen kunnen worden. Je ziet dan een handboei icoontje boven het hoofd van de vijand en stuurt hier vervolgens een eigen soldaat op af om de buit binnen te halen. Het loont dus om gewonde soldaten op te halen en niet in handen van de vijand te laten komen.

En gewonden zullen er vallen, want de "urban warfare" zoals die in Act of War gevoerd wordt is bijna nooit zonder slachtoffers. In tegenstelling tot Command and Conquer: Generals, waarbij je een paar lullige dorpjes had, heb je in Act of War echt met heuse steden te maken, waar zeer gedetailleerde kantoren, huizen en andere gebouwen de hele map kunnen vullen. Er is niets frustrerender dan je dure tank door een paar vijandelijke soldaten vanuit een flatgebouw opgeblazen te zien worden.

Om de gebouwen snel te "cleanen", kun je je mariniers naar binnen sturen of een sluipschutter van afstand het gebouw onbewoond laten verklaren, waardoor het zinvol is om altijd een aantal soldaten bij je te hebben. Dit is ook nodig voor het arresteren van vijandelijke soldaten, aangezien voertuigen dit niet kunnen doen. Grof geweld is trouwens ook een optie, want bijna alle gebouwen zijn in puin te schieten, wat tevens schitterend wordt weergegeven. Een ander grappig detail zijn de mannetjes die zich op het dak bevinden. Schiet je er bijvoorbeeld met een tank op, dan zie je ze, zij het een beetje stijfjes, naar beneden vallen.