Ik weet nog goed dat, toen Call of Duty net uitkwam, deze game betiteld werd als 'de meest realistische WOII-shooter ooit'. Eigenlijk best wel belachelijk, want meer arcade krijg je shooters niet. Het idee achter deze gedachte snap ik wel: Call of Duty geeft je het gevoel in een oorlog te zijn dankzij de intensiteit. Het is dan ook meer 'de meest realistische Hollywood-versie van een WOII-shooter ooit.' Want wanneer worden realistische shooters (dus niet sci-fi enzo) eens realistisch? Ik ken een shooter, die spektakel biedt maar tegelijkertijd realistisch aanvoelt. Een shooter waar ik enorm van heb genoten, maar die door de pers (behalve opvallend genoeg op Gamer.nl destijds) genadeloos wordt afgeserveerd. Ik heb het over Vietcong 2. Vietcong 2 op de Vietnam-moeilijkheidsgraad welteverstaan. Ik kan me geen enkele shooter herinneren waarbij ik zó op het puntje van mijn stoel zat en zó'n enorme drang tot overleven had als in Vietcong 2. De Vietnam-moeilijkheidsgraad in Vietcong 2 werkt als volgt: je hele HUD is weg, dus je ziet geen crosshair, geen levensbalk en geen munitiehoeveelheid. Elk level moet je in één keer uitspelen en zelfs de autosaves in de levels zijn weggehaald. Na één salvo ben je dood. En dit, beste mensen, zorgt voor enorme intensiteit. Je oerinstinct van overleven komt hierbij naar boven. Ikzelf was aardig trots toen ik de eerste paar missies heb uitgespeeld in deze moeilijkheidsgraad. Deze duren elk zo'n twintig minuten/half uurtje en als de laatste vijand je doodmaakt dan mag je weer helemaal opnieuw beginnen. In een bepaald stuk lagen mijn medesoldaten in een huis achter een aantal vensters in een intens vuurgevecht verwikkeld met Vietcongstrijders aan de overkant. Ik ging al tijgerend langs de vensters, maar aangezien mijn maten daar lagen was het veel te krap. Bij het opstaan werd ik meteen gedood. De tweede keer precies hetzelfde. De derde keer ging ik in één sprint langs een aantal vensters en dook ik op de grond. Gelukt! Het zijn dit soort adrenaline-momenten die een ervaring écht intens maken. In hetzelfde level moet je even later een huis met Vietcong infiltreren en van binnenuit in je eentje uitschakelen. Je moet écht elke hoek checken, terwijl je in negen van de tien shooters (al helemaal die met een oplaadbare levensbalk, zoals in de mode is tegenwoordig) naar binnen bunnyhopt en een paar kogels neemt. Afijn, in dat huis kwam het één keer voor dat een Vietcong die meteen om de hoek zat mij beschoot, maar miste. In een reflex doodde ik hem. Wanneer zijn kogels mij wél hadden geraakt, wat negen van de tien keer gebeurt, was ik dood geweest en had ik alles nog een keer moeten doen. Een shooter wordt totaal anders als elke tegenstander vrijwel gelijkwaardig aan je is. Ik ben al snel gestopt op de Vietnam-moeilijkheidsgraad. Te frustrerend. Bij één stukje, met tuinen en gangetjes, ging ik keer op keer dood, ik wist op een gegeven moment niet eens echt waar de kogels vandaan kwamen. Maar als de hardcore PC-shooterfanaten eens een dergelijke ervaring willen, dan raad ik ze aan om Vietcong 2 te spelen op de Vietnam moeilijkheidsgraad. Het is haast verlichtend om een shooter te spelen die bijna helemaal echt aanvoelt.