Thuis ben je een gamer, op de E3 journalist.Dit jaar wordt mijn zevende bezoek aan de E3 in Amerika. Deze games gerelateerde beurs trekt jaarlijks duidenden bezoekers van over de gehele wereld naar het veel te benauwde Los Angeles. In een drietal tot aan de nok toe gevulde hallen, tonen honderden uitgevers en ontwikkelaars hun nieuwste games en de games die ze in de toekomst uit willen gaan brengen. Maar als ik steeds dichterbij de dag van mijn vertrek kom, wordt de lucht steeds grijzer en zie ik het zwerk al drijven. De E3 betekent namelijk veel meer dan alleen maar fun en games. Nu gaan er vast een heleboel gamers over de zeik en gaan zeker gillen dat ik niet moet zeuren. Maar als je nog nooit op een beurs van die grootte hebt gelopen, kan je er ook niet over oordelen. Drie dagen afspraken aflopen op de E3 is leuk, maar je ziet alleen de games die men je voorschotelt. Dat houdt in dat je ook games te zien krijgt die je helemaal niet interessant vindt of in een genre liggen waar je zelf nooit aan zou beginnen.

Waar het eigenlijk op neer komt is dat je als games journalist op een E3 alleen maar werkt. Na zeven E3's heb ik er natuurlijk wel een ritme voor, maar ik mis toch elk jaar weer games die ik toch even had willen zien of had willen spelen.

Thuisblijvers zien en horen uiteindelijk veel meer dan die mensen die op de beursvloer rondschuiven. Waar er veel jaloers zijn op mij en mijn collega's uit de industrie, ben ik ergens ook wel jaloers op jullie. Enige pluspunt is dat ik alle gemiste games nog thuis terug kan kijken. Dat doe ik dan wel in de dag waarin ik mijn jetlag overbrug.